rijk/pbo/verordening-bestemmingsheffingen-pluimveevleessector-ppe-2011/BWBR0030396
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Verordening bestemmingsheffingen pluimveevleessector (PPE) 2011 BWBR0030396 pbo geldend 2011-07-03 https://wetten.overheid.nl/BWBR0030396 Verordening bestemmingsheffingen pluimveevleessector (PPE) 2011

Verordening bestemmingsheffingen pluimveevleessector (PPE) 2011

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

Deze verordening neemt over de begripsbepalingen van de Verordening algemene bepalingen heffingen (PPE) 2005 en verstaat voorts onder:

Paragraaf 2. Broedeieren en eendagskuikens

Artikel 2

1. De ondernemer die in het kalenderjaar 2011 broedeieren, bestemd om hieruit fok- en vermeerderingspluimvee of gebruikspluimvee te verkrijgen inlegt of pleegt in te leggen, ongeacht of er al dan niet daadwerkelijk eendagskuikens uit worden verkregen, is aan het productschap een bestemmingsheffing verschuldigd.

2.

Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt voor broedeieren voor het verkrijgen van fok- en vermeerderingspluimvee:

a. a. voor vleesrassen kippen € 0,00107 per ingelegd broedei; b. b. voor eenden € 0,00051 per ingelegd broedei.

3.

Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt voor broedeieren voor het verkrijgen van gebruikspluimvee:

a. a. voor vleesrassen kippen € 0,00032 per ingelegd broedei, b. b. voor eenden € 0,00051 per ingelegd broedei, c. c. voor kalkoenen € 0,00167 per ingelegd broedei.

Artikel 3

1. De ondernemer die eendagskuikens plaatst om deze op te fokken tot grootmoederdieren of moederdieren is aan het productschap een bestemmingsheffing verschuldigd over de aantallen door hem met dat doel in het kalenderjaar 2011 geplaatste eendagskuikens.

2.

Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt:

a. a. voor vleesrassen kippen € 0,01297 per eendagskuiken in geval van opfok grootmoederdieren, b. b. voor vleesrassen kippen € 0,01225 per eendagskuiken in geval van opfok moederdieren, c. c. voor kalkoenen € 0,07045 per eendagskuiken in geval van opfok moederdieren.

Artikel 4

1. De ondernemer die een opfokvermeerderingsbedrijf uitoefent is over het kalenderjaar 2011 aan het productschap een bestemmingsheffing verschuldigd ten behoeve van het M.g. fonds.

2. Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt voor tot geslachtsrijpe moederdieren op te fokken kuikens van vleesrassen kippen op opfokvermeerderingsbedrijven € 0,01765 per eendagskuiken.

Paragraaf 3. Grootmoederdieren en moederdieren

Artikel 5

1. De ondernemer die grootmoederdieren of moederdieren houdt is aan het productschap een bestemmingsheffing verschuldigd over de door hem in het kalenderjaar 2011 gehouden grootmoederdieren of moederdieren.

2.

Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt:

a. a. voor vleesrassen kippen € 0,17043 per grootmoederdier, b. b. voor vleesrassen kippen € 0,07515 per moederdier, c. c. voor kalkoenen € 0,11532 per moederdier.

3.

De in het eerste lid bedoelde heffing is éénmaal per productieperiode van een grootmoederdier of moederdier verschuldigd, en wel:

a. a. Indien het grootmoederdieren of moederdieren van kippen betreft:

        1.
        zodra de grootmoederdieren of moederdieren zijn geplaatst, of
      
      
        2.
        zodra de grootmoederdieren of moederdieren de leeftijd van 20 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong in productie worden genomen;
    1.   zodra de grootmoederdieren of moederdieren zijn geplaatst, of
      
    1.   zodra de grootmoederdieren of moederdieren de leeftijd van 20 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong in productie worden genomen;
      

b. b. Indien het moederdieren van kalkoenen betreft:

        1.
        zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
      
      
        2.
        zodra de moederdieren de leeftijd van 29 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong als zodanig in productie worden genomen.
    1.   zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
      
    1.   zodra de moederdieren de leeftijd van 29 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong als zodanig in productie worden genomen.
      

Artikel 6

1. De ondernemer die een vermeerderingsbedrijf uitoefent is over het kalenderjaar 2011 aan het productschap een bestemmingsheffing verschuldigd ten behoeve van het M.g. fonds.

2. Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt voor vleesrassen kippen op de vermeerderingsbedrijven € 0,06087 per moederdier.

3. Indien de functies van opfok- en vermeerderingsbedrijf binnen één bedrijf worden uitgeoefend, is het in het tweede lid genoemde tarief verschuldigd wanneer de moederdieren 20 weken oud zijn.

Paragraaf 4. Vleespluimvee

Artikel 7

De ondernemer die vleeskuikens houdt is aan het productschap een bestemmingsheffing verschuldigd over de door hem in het kalenderjaar 2011 opgezette vleeskuikens tegen een tarief van € 0,00246 per opgezet vleeskuiken.

Artikel 8

De ondernemer die eenden houdt is aan het productschap een bestemmingsheffing verschuldigd over de door hem in het kalenderjaar 2011 afgeleverde eenden tegen een tarief van € 0,00049 per kilogram afgeleverd levend gewicht.

Artikel 9

De ondernemer die vleeskalkoenen houdt is aan het productschap een bestemmingsheffing verschuldigd over de door hem in het kalenderjaar 2011 opgezette vleeskalkoenen tegen een tarief van € 0,03775 per vleeskalkoen.

Paragraaf 5. Geslacht pluimvee

Artikel 10

1. De ondernemer die pluimvee slacht is aan het productschap over het geslacht gewicht van het door hem in het kalenderjaar 2011 geslachte pluimvee een bestemmingsheffing verschuldigd.

2.

Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt:

a. a. voor oude kippen en hanen € 0,00027 per kilogram geslacht gewicht, b. b. voor vleeskuikens, niet zijnde oude kippen en hanen als bedoeld onder a., € 0,00308 per kilogram geslacht gewicht, c. c. voor kalkoenen € 0,00 per kilogram geslacht gewicht, d. d. voor tamme eenden € 0,0008 per kilogram geslacht gewicht.

3. Het bestuur is bevoegd om ter uitvoering van deze verordening met betrekking tot het geslacht gewicht nadere regels te stellen.

Paragraaf 6. Overige bepalingen

Artikel 11

De heffingen, bedoeld in de artikelen 2 tot en met 10, zijn bestemd voor de fondsen overeenkomstig de nadere verdeling zoals opgenomen in de bijlage.

Artikel 12

Voor de toepassing van deze verordening geldt het bepaalde bij of krachtens de Verordening algemene bepalingen heffingen (PPE) 2005.

Paragraaf 7. Slotbepalingen

Artikel 13

1. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bestemmingsheffingen pluimveevleessector (PPE) 2011.

2. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2011. Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na januari 2011, treedt zij in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van dat Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt zij terug tot en met 1 januari 2011.

Bijlage

Nadere verdeling van de heffingen naar fondsen, zoals bedoeld in artikel 11 van de Verordening bestemmingsheffingen pluimveevleessector (PPE) 2011