rijk/pbo/verordening-pt-bestemmingsheffing-handel-groenten-en-fruit-2006/BWBR0018502
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Verordening PT bestemmingsheffing handel groenten en fruit 2006 BWBR0018502 pbo geldend 2005-10-02 https://wetten.overheid.nl/BWBR0018502 Verordening PT bestemmingsheffing handel groenten en fruit 2006

Verordening PT bestemmingsheffing handel groenten en fruit 2006

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

1. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen worden overgenomen de begripsbepalingen van de artikelen 1 en 2 van het Instellingsbesluit Productschap Tuinbouw.

2. In deze verordening worden overgenomen de begripsbepalingen van artikel 1:1 en artikel 3:1, en de werkwijze zoals beschreven in hoofdstuk 3 van de Verordening PT algemene bepalingen 2003.

3.

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. de handel : het aankopen en verkopen van producten aan anderen dan consumenten voor hun persoonlijke behoeften;
b. het bewerken : alle handelingen waarbij van groenten en fruit gebruiksklare artikelen worden gemaakt, zoals schonen, schillen, schrappen, snijden, mengen, wassen en centrifugeren;
c. de ondernemer : de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft waarin de handel wordt uitgeoefend in de verse of bewerkte producten: 1. fruit, met uitzondering van slaggrondnoten en kopra; 2. groenten, met uitzondering van zaden van groenten;
d. de aankoopwaarde handel : het bedrag van de door de ondernemer, al dan niet via een afzetorganisatie, gedurende een kalenderjaar bij telers aangekochte en in Nederland geteelde groenten en fruitproducten;
e. een afzetorganisatie : de natuurlijke of rechtspersoon die in opdracht van of ten behoeve van telers de door hen geteelde producten verkoopt;
f. uien : alle uien met uitzondering van zilveruien.

4. Met de ondernemer als bedoeld in het derde lid, onder c, wordt gelijk gesteld de natuurlijke of rechtspersoon die groenten en fruit van telers aankoopt en deze zonder tussenkomst van andere handelaren verkoopt aan consumenten. Voor de aankoopwaarde handel wordt in dat geval uitsluitend in aanmerking genomen hetgeen van telers op deze wijze is aangekocht.

5. Met de ondernemer als bedoeld in het derde lid, onder c, wordt ook gelijkgesteld de telersvereniging of afzetorganisatie die producten van telers aankoopt en deze vervolgens verkoopt aan anderen dan consumenten voor hun persoonlijke behoeften.

Paragraaf 2. Heffingsplicht

Artikel 2

1. De ondernemer is jaarlijks aan het Productschap Tuinbouw een heffing verschuldigd ten behoeve van aangelegenheden als milieuprojecten, kwaliteitscontrole, onderzoeken afzetbevordering.

2. De heffing als bedoeld in het eerste lid wordt opgelegd door de voorzitter, met inachtneming van het in de volgende artikelen bepaalde.

Paragraaf 3. Grondslag en hoogte

Artikel 3

1. De heffing die de ondernemer is verschuldigd, wordt opgelegd naar de grondslag aankoopwaarde handel over het kalenderjaar 2006.

2. In afwijking van het eerste lid, wordt de heffing voor de handel in uien opgelegd over het aantal aangekochte netto kilogrammen. De heffing voor de handel ten behoeve van afzetbevordering van uien is voor 50% verschuldigd door degene die uien aankoopt bij telers en voor 50% verschuldigd door degenen die uien exporteert.

3.

De heffing als bedoeld in het eerste lid, wordt uitgedrukt in een percentage van de aankoopwaarde en bedraagt ten hoogste voor:

a. groenten: 0,14%;
b. fruit: 0,14%, en
c. champignons: 0,16%.

4. De heffing als bedoeld in het tweede lid, wordt uitgedrukt in centen per aantal gekochte kilogrammen en bedraagt ten hoogste: € 31,70 per 100 ton voor kwaliteitscontrole en € 36,30 per 100 ton voor afzetbevordering.

5. De hoogte van de heffing als bedoeld in het derde en vierde lid, wordt door middel van een besluit van het bestuur vastgesteld. Daarbij wordt rekening gehouden met de verschillende hoogten van de aankoopwaarde, onderscheidenlijk het aantal aangekochte kilogrammen, verschillende percentages respectievelijk bedragen.

6.

Geen heffing is verschuldigd, waar het kwaliteitscontrole betreft, indien en voor zover de ondernemer:

a. a. op contract teelt voor industrie die groenten en fruit verduurzaamt of bewerkt, of b. b. voor producten (gewassen, groenten en fruit) waarvoor geen wettelijke kwaliteitseisen gelden. Tegelijk met de jaarlijkse vaststelling van de hoogte van de heffing als bedoeld in het vijfde lid, stelt het bestuur het percentage vast, waarmee de heffing voor die gevallen wordt verlaagd.

Paragraaf 4. Oplegging en inning

Artikel 4

1. De oplegging van de krachtens deze verordening verschuldigde heffing vindt plaats na afloop van het jaar waarover de heffing verschuldigd is en geschiedt door de voorzitter door middel van toezending of uitreiking aan de heffingsplichtige van een heffingsnota.

2. In afwijking van het eerste lid, kan de voorzitter de heffingsplichtige een voorlopige heffing opleggen tot het bedrag waarop de heffing vermoedelijk zal worden vastgesteld. De voorlopige heffing wordt verrekend met de krachtens deze verordening verschuldigde heffing.

3. De heffingsplichtige kan bij wijze van voorschot de heffing ingeval van transacties via een afzetorganisatie in gedeelten voldoen. In dat geval houdt de afzetorganisaties per transactie in het door het bestuur vastgestelde percentage of vastgesteld tarief als bedoeld in artikel 3, vijfde lid.

4. Voorschotten als bedoeld in het vierde lid, worden verrekend met de krachtens deze verordening verschuldigde heffing.

Artikel 5

De voorzitter kan, indien hem uit te zijner beschikking gekomen gegevens blijkt dat de verstrekking van de gegevens of een raming als bedoeld in artikel 4, niet in overeenstemming blijkt met de werkelijkheid, een opgelegde heffing aan de hand van deze gegevens herzien en opnieuw opleggen.

Artikel 6

1. De gegevens verkregen uit hoofde van het bepaalde in deze verordening dienen in handen van de voorzitter of door deze aan te wijzen personen van het secretariaat van het productschap te worden gesteld.

2. Deze gegevens mogen slechts worden gebezigd voor de vervulling van de taak van het productschap.

Artikel 7

1. Het bestuur van het Productschap Tuinbouw is belast met de uitvoering van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en is in verband daarmee bevoegd omtrent de bij of krachtens deze verordening geregelde onderwerpen nadere uitvoeringsvoorschriften te geven.

2. Het bestuur van het Productschap Tuinbouw is bevoegd van het bij of krachtens deze verordening bepaalde gehele of gedeeltelijke ontheffing te verlenen en aan zodanige ontheffing voorschriften te verbinden, bij welker niet, niet tijdig of niet behoorlijke nakoming de desbetreffende ontheffing geacht wordt niet te zijn verleend.

Paragraaf 5. Slotbepalingen

Artikel 8

Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 9

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT bestemmingsheffing handel groenten en fruit 2006.