rijk/pbo/verordening-pt-gebruik-verdeelapparatuur-van-gewasbeschermingsmiddelen-2004/BWBR0017599
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Verordening PT gebruik verdeelapparatuur van gewasbeschermingsmiddelen 2004 BWBR0017599 pbo geldend 2005-02-20 https://wetten.overheid.nl/BWBR0017599 Verordening PT gebruik verdeelapparatuur van gewasbeschermingsmiddelen 2004

Verordening PT gebruik verdeelapparatuur van gewasbeschermingsmiddelen 2004

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

1. In deze verordening worden de begripsbepalingen van de Verordening PT algemene bepalingen 2003 gehanteerd.

2.

Deze verordening verstaat onder:

a. gewasbeschermingsmiddel: gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel g van de Bestrijdingsmiddelenwet
b. verdeelapparatuur: mechanisch voortbewogen apparatuur voor het verdelen van gewasbeschermingsmiddelen, bestemd voor bovengrondse volveldsbehandelingen in buitenteelten, die een overwegend neerwaartse dan wel een overwegend zijwaartse dan wel een overwegend schuin opwaartse richting van de spuitvloeistof bewerkstelligt
c. lidstaat: staat, niet zijnde Nederland, die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Unie

Paragraaf 2. Verboden

Artikel 2

1. Het is de ondernemer verboden bij de toediening van gewasbeschermingsmiddelen op een gewas of op de grond, gebruik te maken of te laten maken van verdeelapparatuur.

2.

Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor:

a. a. verdeelapparatuur die is goedgekeurd door een gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 3, waarvan de ondernemer een geldig keuringsbewijs kan overleggen; b. b. verdeelapparatuur die in een lidstaat is gekeurd en die blijkens het ter zake van deze keuring afgegeven schriftelijk bewijs voldoet aan gelijkwaardige eisen als door een keuringsstation aan verdeelapparatuur worden gesteld. Ten bewijze dat deze verdeelapparatuur aan gelijkwaardige eisen voldoet, kan bij een keuringsstation hiervan een verklaring worden gevraagd; c. c. verdeelapparatuur die niet ouder is dan drie jaar, te bewijzen aan de hand van de factuur.

Paragraaf 3. Keuringseisen

Artikel 3

1. Namens het bestuur keurt, dan wel Iaat de in artikel 2, tweede lid, onderdeel a, bedoelde gecertificeerde instelling, verdeelapparatuur keuren op eisen gesteld aan verdeelapparatuur, zoals opgenomen in bijlage 1, onderscheidenlijk in bijlage 2.

2. Het keuringsbewijs wordt door de gecertificeerde instelling, namens het productschap, aan de ondernemer afgegeven.

3. De geldigheidsduur van het keuringsbewijs is drie jaar na datum van afgifte.

Artikel 4

1. Het bestuur kan bij besluit vrijstelling verlenen van een of meer bepalingen uit deze verordening en daarbij nadere voorschriften vaststellen.

2. Het bestuur kan bij besluit het gestelde in de bijlage wijzigen, totdat bij verordening tot wijziging van de betreffende bijlage is voorzien. Alsdan wordt het betreffende besluit geacht te zijn ingetrokken.

3. Een besluit als bedoeld in het eerste dan wel tweede lid wordt bekend gemaakt in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie, en treedt in werking met ingang van de tweede dag na die bekendmaking, tenzij het betreffende besluit anders bepaalt.

4. Het bestuur kan op schriftelijk verzoek van een ondernemer ontheffing verlenen van het bepaalde in artikel 2, eerste lid, en kan daarbij nadere voorschriften vaststellen.

Paragraaf 4. Overigen

Artikel 5

Het bepaalde bij of krachtens deze verordening, waarbij aan ondernemers verplichtingen worden opgelegd, is mede bindend voor andere natuurlijke en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten die bedrijfsmatig in ondernemingen plegen te worden verricht.

Artikel 6

1. Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening kunnen tuchtrechtelijke maatregelen worden gesteld.

2.

De tuchtrechtelijke maatregelen die op overtreding van de verordening kunnen worden gesteld, zijn:

a. a. berisping; b. b. geldboete van ten hoogste € 4.500, =; c. c. openbaarmaking van de uitspraak op kosten van de betrokkene; d. d. het onder verscherpte controle stellen van het bedrijf van de betrokkene op zijn kosten voort en hoogste twee jaren.

Indien de waarde van de goederen, met betrekking tot welke een overtreding is begaan, of de waarde van het wederrechtelijk genoten voordeel dat geheel of gedeeltelijk door middel van de overtreding is verkregen, hoger is dan € 1.135,=, kan een geldboete worden opgelegd van ten hoogste € 11.250,=.

Paragraaf 5. Slotbepalingen

Artikel 7

De Verordening PT gebruik verdeelapparatuur bij gewasbeschermingsmiddelen 2000 wordt ingetrokken.

Artikel 8

Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel 9

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT gebruik verdeelapparatuur van gewasbeschermingsmiddelen 2004.

Bijlage 1. , behorende het besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 30 november 2004, inhoudende de vaststelling van regels ten aanzien van het gebruik van verdeelapparatuur bij gewasbeschermingsmiddelen (Verordening PT gebruik verdeelapparatuur bij gewasbeschermingsmiddelen 2004)

Bijlage 2. , behorende het besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 30 november 2004, inhoudende de vaststelling van regels ten aanzien van het gebruik van verdeelapparatuur bij gewasbeschermingsmiddelen (Verordening PT gebruik verdeelapparatuur bij gewasbeschermingsmiddelen 2004)