40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Verordening zelfcontrole varkens op het verbod gebruik van bepaalde stoffen 2002 | BWBR0013873 | pbo | geldend | 2004-01-03 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0013873 | Verordening zelfcontrole varkens op het verbod gebruik van bepaalde stoffen 2002 |
Verordening zelfcontrole varkens op het verbod gebruik van bepaalde stoffen 2002
Artikel 1
Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt verstaan onder:
Artikel 2
1. leder bedrijf dat varkens op de markt brengt en iedere natuurlijke of rechtspersoon die varkens in de handel brengt, is bij het Productschap geregistreerd.
2. leder bedrijf dat overeenkomstig de Regeling identificatie en registratie van dieren 2002 is geregistreerd, is gekweten van de in het eerste lid bedoelde verplichting.
Artikel 3
1. Het is de be- of verwerker verboden varkens te aanvaarden of te doen aanvaarden.
2.
Het in het eerste lid bedoelde verbod geldt niet indien de be- of verwerker is gecertificeerd en:
a. a. varkens aanvaardt die afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf waar gedurende een jaar voorafgaand aan de slachtdatum geen niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan zijn aangetroffen; of b. b. varkens aanvaardt die afkomstig zijn van een bedrijf uit een EU-lidstaat dat voldoet aan artikel 9 van de richtlijn en overeenkomstig artikel 4.9 van de Regeling handel levende dieren en levende producten rechtstreeks naar de be- of verwerker zijn vervoerd; of c. c. varkens aanvaardt die afkomstig zijn van een bedrijf uit een derde land en die voldoen aan artikel 4.8 van de Regeling handel levende dieren en levende producten; of d. d. varkens aanvaardt die afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf waar gedurende een jaar voorafgaand aan de slachtdatum niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan zijn aangetroffen, onder de voorwaarde dat de be- of verwerker middels de bemonsteringsverklaring, bedoeld in het vierde lid, aantoont dat op het bedrijf waarvan de varkens afkomstig zijn, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid bemonstering heeft plaatsgevonden; of e. e. varkens aanvaardt die niet afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf, onder de voorwaarde dat de be- of verwerker middels de bemonsteringsverklaring, bedoeld in het vierde lid, aantoont dat op het bedrijf waarvan de varkens afkomstig zijn, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid bemonstering heeft plaatsgevonden.
3. a. a. De monsters, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., worden genomen door een door de voorzitter erkende instantie, die voldoet aan de door het bestuur bij besluit vastgestelde erkenningsvoorwaarden. De voorzitter kan de erkenning van de instantie intrekken indien de instantie niet of niet meer voldoet aan de erkenningsvoorwaarden. De analyse van de monsters geschiedt door een laboratorium dat erkend is bij of krachtens de Diergeneesmiddelenwet. Uitsluitend de monsters die zijn aangeleverd door de instantie, bedoeld in de eerste volzin, worden geanalyseerd. b. b. De bemonstering, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., vindt per bedrijf vier maal per jaar plaats en wordt steekproefsgewijs uitgevoerd in één of meerdere afdeling(en) binnen het bedrijf. De afdelingen waarin bemonstering heeft plaatsgevonden blijven tot de dag na het bekend worden van het resultaat van het onderzoek van de genomen monsters of gedurende drie weken na de dag van bemonstering, compleet en gedurende deze termijn op het bedrijf aanwezig. c. c. De varkens die overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid, onder d. en e., zijn bemonsterd, worden door de instantie, bedoeld onder a., gemerkt en geregistreerd. De eigenaar of houder van de varkens is verplicht te gedogen dat op of aan varkens een merk wordt aangebracht. d. d. Het is verboden de op grond van deze verordening aangebrachte merken geheel of gedeeltelijk te verwijderen, te veranderen, onleesbaar te maken, dan wel andere handelingen te verrichten waardoor deze merken niet meer geschikt zijn ter identificatie van de betrokken varkens.
4. a. a. De be-of verwerker toont de bemonstering, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., aan door middel van een door de instantie, bedoeld in het derde lid, onder a., opgestelde en geldige bemonsteringsverklaring. b. b. De bemonsteringsverklaring, bedoeld onder a., bevat ten minste de navolgende gegevens:
dagtekening;
het Unieke Bedrijfsnummer van het bedrijf waar bemonstering heeft plaatsgevonden;
datum van bemonstering;
resultaat van het onderzoek van de genomen monsters.
- dagtekening;
- het Unieke Bedrijfsnummer van het bedrijf waar bemonstering heeft plaatsgevonden;
- datum van bemonstering;
- resultaat van het onderzoek van de genomen monsters. c. c. De bemonsteringsverklaring, bedoeld onder a., behoudt zijn geldigheid gedurende ten hoogste vijf maanden na dagtekening hiervan, met dien verstande dat de geldigheid vervalt op de dag dat een termijn van drie weken na de dag van de eerstvolgende bemonstering, is verstreken.
Artikel 4
1. Het is verboden varkens en producten in de handel te brengen.
2.
Het in het eerste lid bedoelde verbod geldt niet indien:
a. a. de varkens of de producten afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf waar gedurende een jaar voorafgaand aan de verhandelingsdatum geen niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan zijn aangetroffen; of b. b. de varkens of de producten afkomstig zijn van een bedrijf uit een EU-lidstaat dat voldoet aan artikel 9 van de richtlijn; of c. c. de varkens of de producten afkomstig zijn van een bedrijf uit een derde land en die voldoen aan artikel 4.8 van de Regeling handel levende dieren en levende producten respectievelijk het terzake bepaalde in de Regeling keuring en handel dierlijke producten; of d. d. de varkens of de producten afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf waar gedurende een jaar voorafgaand aan de verhandelingsdatum niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan zijn aangetroffen, onder de voorwaarde dat middels de bemonsteringsverklaring, bedoeld in het vierde lid, aantoonbaar is gemaakt dat op het bedrijf waarvan de varkens afkomstig zijn, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid bemonstering heeft plaatsgevonden: of e. e. de varkens of producten niet afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf, onder de voorwaarde dat middels de bemonsteringsverklaring, bedoeld in het vierde lid, aantoonbaar is gemaakt dat op het bedrijf waarvan de varkens afkomstig zijn, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid bemonstering heeft plaatsgevonden.
3. a. a. De monsters, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., worden genomen door een door de voorzitter erkende instantie, die voldoet aan de door het bestuur bij besluit vastgestelde erkenningsvoorwaarden. De voorzitter kan de erkenning van de instantie intrekken indien de instantie niet of niet meer voldoet aan de erkenningsvoorwaarden. De analyse van de monsters geschiedt door een laboratorium dat erkend is bij of krachtens de Diergeneesmiddelenwet. Uitsluitend de monsters die zijn aangeleverd door de instantie, bedoeld in de eerste volzin, worden geanalyseerd. b. b. De bemonstering, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., vindt per bedrijf vier maal per jaar plaats en wordt steekproefsgewijs uitgevoerd in één of meerdere afdeling(en) binnen het bedrijf. De afdelingen waarin bemonstering heeft plaatsgevonden blijven tot de dag na het bekend worden van het resultaat van het onderzoek van de genomen monsters of gedurende drie weken na de dag van bemonstering compleet en gedurende deze termijn op het bedrijf aanwezig. c. c. De varkens die overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid, onder d. en e., zijn bemonsterd, worden door de instantie, bedoeld onder a., gemerkt en geregistreerd. De eigenaar of houder van de varkens is verplicht te gedogen dat op of aan varkens een merk wordt aangebracht. d. d. Het is verboden de op grond van deze verordening aangebrachte merken geheel of gedeeltelijk te verwijderen, te veranderen, onleesbaar te maken, dan wel andere handelingen te verrichten waardoor deze merken niet meer geschikt zijn ter identificatie van de betrokken varkens.
4. a. a. De bemonstering, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., wordt aangetoond door middel van een door de instantie, bedoeld in het derde lid, onder a., opgestelde en geldige bemonsteringsverklaring. b. b. De bemonsteringsverklaring, bedoeld onder a., bevat ten minste de navolgende gegevens:
dagtekening;
het Unieke Bedrijfsnummer van het bedrijf waar bemonstering heeft plaatsgevonden;
datum van bemonstering;
resultaat van het onderzoek van de genomen monsters.
- dagtekening;
- het Unieke Bedrijfsnummer van het bedrijf waar bemonstering heeft plaatsgevonden;
- datum van bemonstering;
- resultaat van het onderzoek van de genomen monsters. c. c. De bemonsteringsverklaring, bedoeld onder a., behoudt zijn geldigheid gedurende ten hoogste vijf maanden na dagtekening hiervan, met dien verstande dat de geldigheid vervalt op de dag dat een termijn van drie weken na de dag van de eerstvolgende bemonstering, is verstreken.
Artikel 5
1. De gecertificeerde be- of verwerkers of bedrijven, bedoeld in artikel 3 en 4, zijn gecertificeerd volgens een door de voorzitter erkend certificeringssysteem dat ten aanzien van varkens en producten is gericht op de controle op de afwezigheid van niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan en dat voldoet aan de in bijlage II genoemde erkenningscriteria.
2. a. a. De voorzitter erkent een certificeringssysteem als bedoeld in het eerste lid, op basis van een rapportage van een instantie die door de Raad van Accreditatie is geaccrediteerd volgens de norm NEN-EN-45011. b. b. De voorzitter kan de erkenning, bedoeld in het eerste lid, intrekken indien het certificeringssysteem niet of niet meer voldoet aan de erkenningscriteria. c. c. De voorzitter wijst één of meerdere instantie(s) aan die word(en)t belast met het toezicht op de naleving van de erkenningscriteria door de certificeringssystemen als bedoeld in het eerste lid.
Artikel 6
1.
Het bedrijf dat na de inwerkingtreding van deze verordening nog niet is gecertificeerd volgens een door de Voorzitter erkend certificeringssysteem, is tot 1 juli 2003 onder de navolgende voorwaarden, vrijgesteld van de verplichting tot certificering:
a. a. het bedrijf verleent de door de voorzitter aan te wijzen controle-instelling(en) te allen tijde toegang tot al zijn bedrijfsruimten; b. b. het bedrijf staat toe dat controleurs van de in onderdeel a. bedoelde controle-instelling(en) monsters nemen en verleent alsdan de gevorderde medewerking overeenkomstig de aanwijzingen en onder toezicht van die controleurs; c. c. het bedrijf staat toe dat de in onderdeel b. bedoelde monsters worden geanalyseerd door een laboratorium dat is erkend bij of krachtens de Diergeneesmiddelenwet; d. d. het bedrijf houdt de afdelingen waarin bemonstering heeft plaatsgevonden tot de dag na het bekend worden van het resultaat van het onderzoek van de genomen monsters of gedurende drie weken na de dag van bemonstering compleet en gedurende deze termijn op het bedrijf aanwezig; e. e. het bedrijf staat toe dat de in onderdeel b. bedoelde monsters en de resultaten van het onderzoek van de betreffende monsters kunnen worden afgegeven aan de Algemene Inspectiedienst ten behoeve van strafrechtelijk onderzoek.
2. Het is de be- of verwerker tot 1 juli 2003 toegestaan varkens die niet afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf te aanvaarden of te doen aanvaarden indien de varken's afkomstig zijn van een bedrijf dat ingevolge het eerste lid is vrijgesteld.
3. Het is tot 1 juli 2003 toegestaan varkens die niet afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf in de handel te brengen indien de varkens afkomstig zijn van een bedrijf dat ingevolge het eerste lid is vrijgesteld.
Artikel 7
De voorzitter kan van de verplichtingen, bedoeld in artikel 2 en van de verboden, bedoeld in artikel 3, in noodgevallen of calamiteiten, op aanvraag ontheffing verlenen en aan een zodanige ontheffing beperkingen en voorschriften verbinden.
Artikel 8
Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening, is een strafbaar feit.
Artikel 9
1. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening zelfcontrole varkens op het verbod gebruik van bepaalde stoffen 2002".
2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van haar afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.
Bijlage I. behorende bij de Verordening zelfcontrole varkens op het verbod gebruik van bepaalde stoffen 2002
Bijlage II. behorende bij de Verordening zelfcontrole varkens op het verbod gebruik van bepaalde stoffen 2002
ERKENNINGSCRITERIA VOOR CERTIFICERINGSSYSTEMEN
Een certificeringssysteem dat erkend wil worden in het kader van deze verordening dient te voldoen aan de volgende criteria.