rijk/verdrag/overeenkomst-tussen-de-regering-van-het-koninkrijk-der-nederlanden-en-de-regerin/BWBV0002504
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland inzake een scheepvaartreglement voor de Eemsmonding BWBV0002504 verdrag geldend 1989-10-01 https://wetten.overheid.nl/BWBV0002504 Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland inzake een scheepvaartreglement voor de Eemsmonding

Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland inzake een scheepvaartreglement voor de Eemsmonding

Artikel 1

In de Eemsmonding, zoals nader aangeduid in paragraaf 1 van Bijlage B bij het Eems-Dollardverdrag, gelden in afwijking van en als aanvulling op de Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee de in Bijlage A vervatte verkeersvoorschriften („Scheepvaartreglement Eemsmonding”).

Artikel 2

(1). Voor het vervoer van vloeibare petroleumgassen (LPG) in de Eemsmonding naar Emden gelden, als aanvulling op de in artikel 1 genoemde verkeersvoorschriften, de in Bijlage B bedoelde regelingen.

(2). Overeenkomstige veiligheidseisen voor het vervoer van LPG worden voortaan volgens het bepaalde in artikel 4 van deze Overeenkomst geregeld, voor zover geen overeenkomstige veiligheidsbepalingen in de binnenlandse veiligheidsvoorschriften zijn opgenomen. Voor zover de Overeenkomstsluitende Partijen het opstellen van plaatselijke regelingen aan de plaatselijke autoriteiten hebben overgelaten, kunnen de plaatselijke autoriteiten overeenkomstig het bepaalde in artikel 5, eerste lid, de in Bijlage B opgenomen verkeersvoorschriften wijzigen en aanvullen.

(3). Op het overige gastankerverkeer is het bepaalde in de eerste zin van het tweede lid van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3

(1). De Overeenkomstsluitende Partijen verwerken de inhoud van deze Overeenkomst in het nationale recht en nemen daarbij een algemene clausule inzake het verkeersgedrag op volgens welke de deelnemers aan dit verkeer zich zodanig dienen te gedragen, dat de veiligheid en het vlotte verloop van het verkeer zijn gewaarborgd, en de voorzorgmaatregelen in acht dienen te nemen die volgens het gewone zeemansgebruik geboden zijn. Het nationale recht van de Overeenkomstsluitende Partijen kan bepalen dat bij onmiddellijk dreigend gevaar kan worden afgeweken van het gemeenschappelijke verkeersrecht, indien dit op grond van bijzondere omstandigheden noodzakelijk wordt.

(2). In het nationale recht van de Overeenkomstsluitende Partijen dient een voorschrift te worden opgenomen volgens hetwelk de krachtens het bepaalde in artikel 34, tweede lid, van het Eems-Dollardverdrag bevoegde Nederlandse autoriteiten in bijzondere gevallen vrijstelling kunnen verlenen van de naleving van de Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee en van de bepalingen van het gemeenschappelijke verkeersrecht.

(3). In het nationale recht van de Overeenkomstsluitende Partijen dient een voorschrift te worden opgenomen volgens hetwelk de gezagvoerder of iedere andere persoon die voor de veiligheid verantwoordelijk is, het gemeenschappelijke verkeersrecht in acht dient te nemen.

Artikel 4

(1). Indien een Overeenkomstsluitende Partij een wijziging van deze Overeenkomst noodzakelijk acht, deelt zij dit de andere Overeenkomstsluitende Partij mee. De daartoe vereiste onderhandelingen vinden plaats binnen een commissie, waarin drie vertegenwoordigers van elke Overeenkomstsluitende Partij zitting hebben.

(2). De Overeenkomstsluitende Partijen verplichten zich ertoe, de resultaten van deze onderhandelingen - voor zover nodig - met inachtneming van de binnenlandse wetgeving in het nationale recht te verwerken, tenzij een Overeenkomstsluitende Partij binnen een termijn van zes maanden bezwaren indient tegen deze door de commissie overeengekomen resultaten.

(3). De overeenkomstsluitende Partijen werken ook ten aanzien van de in deze Overeenkomst niet uitdrukkelijk geregelde kwesties die zich in de Eemsmonding met betrekking tot de verkeersvoorschriften voordoen, in een geest van goede nabuurschap samen.

Artikel 5

(1).

De uitvaardiging van de ingevolge het Scheepvaartreglement Eemsmonding voorziene plaatselijke regelingen kan door de Overeenkomstsluitende Partijen aan de plaatselijke autoriteiten worden overgelaten. Met name betreft het daarbij de vaststelling van

a. a. de reden, alsmede de voorwaarden voor het gebruik daarvan; b. b. binnen het vaarwater gelegen wateroppervlakken waarbinnen het ankeren is toegestaan, en buiten het vaarwater gelegen wateroppervlakken waarbinnen het ankeren verboden is; c. c. de plaatsen waarop het aanleggen en het meren verboden zijn; d. d. de anker- en ligplaatsen waarop kleine vaartuigen zonder lichten mogen liggen; e. e. de gedeelten van het vaarwater waarin links mag worden gevaren; f. f. de gedeelten van het vaarwater waarin oplopen en ontmoeten kunnen worden verboden; g. g. de wateroppervlakken, waarop het waterskiën, het plankzeilen en het varen met waterscooters toegestaan of verboden zijn; h. h. de bijzondere voorrangsregels; i. i. de reden en ligplaatsen waarop de overslag van goederen is toegestaan, alsmede de voorwaarden daarvoor; j. j. de aanvullende voorwaarden voor schepen, zoals bedoeld in artikel 21, derde lid, van het Scheepvaartreglement Eemsmonding, met inbegrip van de wateroppervlakken die slechts met inachtneming van de regelingen voor de verkeersgeleiding binnen bepaalde tijdvakken, bij bepaalde waterstanden of weersomstandigheden mogen worden bevaren; k. k. de afmetingen van de schepen met het oog op de meldingsverplichtingen; l. l. de afmetingen van de schepen waarvoor op grond van hun grootte een vergunning vereist is; m. m. de voorwaarden voor het varen met snelle schepen; n. n. de veiligheidszones waarin niet gevaren mag worden.

Deze plaatselijke regelingen kunnen slechts met wederzijds goedvinden van de plaatselijke autoriteiten worden getroffen.

(2). De Overeenkomstsluitende Partijen delen elkaar mede wie de plaatselijk bevoegde autoriteiten zijn.

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7

Deze Overeenkomst treedt in werking na één maand, volgend op de dag waarop beide Overeenkomstsluitende Partijen elkaar door middel van een diplomatieke nota hebben meegedeeld dat aan de vereiste binnenlandse voorwaarden voor de inwerkingtreding is voldaan.