40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Verzamelwet Brexit | BWBR0042111 | wet | geldend | 2020-02-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0042111 | Verzamelwet Brexit |
Verzamelwet Brexit
Hoofdstuk 1. Ministerie van Justitie en Veiligheid
Artikel I
Wijzigt de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen.
Hoofdstuk 2. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
Artikel II
Wijzigt de Wegenverkeerswet 1994.
Hoofdstuk 3. Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
Artikel III
Wijzigt de Elektriciteitswet 1998.
Artikel IV
Wijzigt de Gaswet.
Artikel V
Wijzigt de Wet goedkeuring en uitvoering Markham-overeenkomst.
Artikel VI
Wijzigt de Wet bescherming oorspronkelijke topografieën van halfgeleiderprodukten.
Hoofdstuk 4. Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel VII
Dit artikel treedt niet meer in werking. Het artikel is ingetrokken door Stb. 2023/417.
Vervallen.
Hoofdstuk 5. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Artikel VIII
Wijzigt de Wet langdurige zorg.
Artikel IX
Wijzigt de Zorgverzekeringswet.
Artikel IXa
1. Bij algemene maatregel van bestuur kan in de Wet langdurige zorg en de Zorgverzekeringswet worden bepaald dat het Verenigd Koninkrijk na de terugtrekking uit de Europese Unie voor de toepassing van die wetten gedurende een daarbij aangegeven periode nog als EU-lidstaat wordt aangemerkt, en kan in die wetten overgangsrecht worden opgenomen voor de situatie na de terugtrekking of na afloop van die periode ter voorkoming van onevenredig nadeel voor verzekerden in het Verenigd Koninkrijk en Nederland.
2. Zo spoedig mogelijk na de totstandkoming van de algemene maatregel van bestuur, maar uiterlijk binnen acht weken, wordt een voorstel van wet tot goedkeuring van de algemene maatregel van bestuur aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal gezonden. Indien het voorstel wordt ingetrokken of indien een van de kamers van de Staten-Generaal tot het niet-aannemen van het voorstel besluit, wordt de algemene maatregel van bestuur onverwijld ingetrokken en wordt onverwijld een voorstel van wet aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal gezonden dat er toe strekt de bij de algemene maatregel van bestuur vastgestelde wijzigingen ongedaan te maken.
Hoofdstuk 6. Slot- en overgangsbepalingen
Artikel X
1. Bij algemene maatregel van bestuur of bij ministeriële regeling van Onze Minister die het aangaat kunnen tot zes maanden na het einde van de overgangsperiode, bedoeld in artikel 126 van het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (PbEU 2020, L 29), voorzieningen worden getroffen met het oog op een goed verloop van deze terugtrekking. De eerste volzin is slechts van toepassing indien op grond van het bepaalde bij of krachtens een andere wet geen voorzieningen als bedoeld in de eerste volzin kunnen worden getroffen of indien terstond intredende onaanvaardbare gevolgen het treffen van voorzieningen als bedoeld in de eerste volzin noodzakelijk maken. Het gebruik van de bevoegdheid, bedoeld in de eerste volzin, wordt nadrukkelijk gemotiveerd.
2. Bij een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid kan worden afgeweken van het bepaalde bij of krachtens de wet, voor zover dit nodig is voor een goede tenuitvoerlegging van een bindende EU-rechtshandeling met betrekking tot de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk, of ter voorkoming van onaanvaardbare en onomkeerbare gevolgen daarvan. Bij de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in de eerste volzin, wordt niet afgeweken van bij de Grondwet gestelde voorschriften.
3. De voordracht voor een krachtens het tweede lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan twee weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
4. Indien een voorziening als bedoeld in het tweede lid een structurele afwijking van de wet betreft, wordt zo spoedig mogelijk een voorstel van wet ingediend dat ertoe strekt de wet zodanig te wijzigen dat de voorziening niet langer noodzakelijk is.
5. Indien het vierde lid geen toepassing vindt ten aanzien van een algemene maatregel van bestuur waarbij wordt afgeweken van de wet, wordt zo spoedig mogelijk maar uiterlijk binnen acht weken na het tot stand komen van de algemene maatregel van bestuur een voorstel van wet tot goedkeuring van de algemene maatregel van bestuur bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal ingediend.
6. Indien een voorstel als bedoeld in het vierde of vijfde lid wordt ingetrokken of indien een van de Kamers der Staten-Generaal tot het niet-aannemen van het voorstel besluit, wordt de algemene maatregel van bestuur onverwijld ingetrokken.
7. Indien dit noodzakelijk is in verband met de spoedeisendheid van een voorziening als bedoeld in het tweede lid wordt de voorziening getroffen bij ministeriële regeling van Onze Minister die het aangaat. Bij de ministeriële regeling, bedoeld in de eerste volzin, wordt niet afgeweken van bij de Grondwet gestelde voorschriften.
8. Een krachtens het zevende lid vastgestelde ministeriële regeling wordt uiterlijk de dag na de plaatsing in de Staatscourant aan beide kamers der Staten-Generaal gezonden. Indien een van beide kamers der Staten-Generaal bezwaar maakt tegen het voorstel, wordt de ministeriële regeling binnen een week ingetrokken.
9. Het vierde tot en met zesde lid zijn van overeenkomstige toepassing op een ministeriële regeling als bedoeld in het zevende lid. Indien de voorziening die bij deze ministeriële regeling is getroffen een structurele afwijking van een algemene maatregel van bestuur betreft, wordt zo spoedig mogelijk een ontwerpbesluit in procedure gebracht dat ertoe strekt de algemene maatregel van bestuur zodanig te wijzigen dat de voorziening bij ministeriële regeling niet langer noodzakelijk is.
10. Een voorziening als bedoeld in het zevende lid die geen gelijkstelling van het Verenigd Koninkrijk met een EU-lidstaat inhoudt voor de toepassing van een wet of algemene maatregel van bestuur, vervalt van rechtswege indien niet binnen tien weken na de inwerkingtreding ervan een voorstel van wet is ingediend dan wel een ontwerpbesluit in procedure is gebracht.
Artikel XI
1. Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
2. In het koninklijk besluit kan worden bepaald dat deze wet of onderdelen daarvan terugwerken tot en met 30 maart 2019.
3. Aan besluiten die worden gebaseerd op een onderdeel van deze wet waaraan ingevolge het tweede lid terugwerkende kracht is verleend, kan terugwerkende kracht worden verleend tot en met dezelfde datum.
Artikel XII
Deze wet wordt aangehaald als: Verzamelwet Brexit.