rijk/wet/wet-houdende-bepalingen-ter-vrijwaring-van-kredietinstellingen-en-andere-financi/BWBR0010941
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wet houdende bepalingen ter vrijwaring van kredietinstellingen en andere financiële instellingen tegen aansprakelijkheid i.v.m. maatregelen die samenhangen met sluiting van betalings- en effectenafwikkelsystemen op 31 december 1999 BWBR0010941 wet geldend 1999-12-31 https://wetten.overheid.nl/BWBR0010941 Wet houdende bepalingen ter vrijwaring van kredietinstellingen en andere financiële instellingen tegen aansprakelijkheid i.v.m. maatregelen die samenhangen met sluiting van betalings- en effectenafwikkelsystemen op 31 december 1999

Wet houdende bepalingen ter vrijwaring van kredietinstellingen en andere financiële instellingen tegen aansprakelijkheid i.v.m. maatregelen die samenhangen met sluiting van betalings- en effectenafwikkelsystemen op 31 december 1999

Artikel 1

1. Indien een instelling in de zin van artikel 212a, onderdeeI a, van de FaiIlissementswet op grond van een verbintenis gehouden is om op 31 december 1999 een overboekingsopdracht of een opdracht tot verrekening ter uitvoering te geven aan een systeem bedoeld in artikel 212a, onderdeel b, van de Faillissementswet en het systeem op die datum buiten werking zal zijn, Ievert het geven van die opdracht op 30 december 1999 geen toerekenbare tekortkoming in de nakoming of een onrechtmatige daad op, en is de instelling jegens haar opdrachtgever, alsmede de opdrachtgever jegens diens schuldeisers, niet aansprakelijk voor schade die daardoor wordt veroorzaakt.

2. Indien een instelling in de zin van artikel 212a, onderdeel a, van de FaiIlissementswet op grond van een verbintenis gehouden is om op 31 december 1999 een geldsom te betalen of een hoeveeIheid effecten te leveren en het voor die nakoming te gebruiken systeem bedoeld in artikel 212a, onderdeel b, van de Faillissementswet op die datum buiten werking zaI zijn, Ievert het nakomen van de verbintenis op 30 december 1999 geen toerekenbare tekortkoming in de nakoming van die verbintenis of een onrechtmatige daad op, en is de instelling jegens haar schuldeiser niet aansprakelijk voor schade die daardoor wordt veroorzaakt.

Artikel 2

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst. Indien deze wet na 30 december 1999 in werking treedt, werkt zij terug tot en met 30 december 1999.