rijk/wet/wet-opslag-duurzame-energie-en-klimaattransitie/BWBR0032660
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wet opslag duurzame energie- en klimaattransitie BWBR0032660 wet geldend 2013-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0032660 Wet opslag duurzame energie- en klimaattransitie

Wet opslag duurzame energie- en klimaattransitie

Artikel 1

1. Onder de naam opslag duurzame energie- en klimaattransitie wordt een heffing geheven op aardgas en elektriciteit.

2. De opslag duurzame energie- en klimaattransitie wordt door de rijksbelastingdienst geheven en ingevorderd.

3.

De opslag duurzame energie- en klimaattransitie wordt geheven met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de hoofdstukken I, VI en IX van de Wet belastingen op milieugrondslag, met dien verstande dat:

a. a. de tariefsverlaging, bedoeld in artikel 59a, eerste lid, en de belastingvermindering, bedoeld in artikel 63, eerste lid, niet gelden; b. b. de op grond van artikel 90 toe te passen indexatie niet geldt; c. c. de in die hoofdstukken opgenomen verwijzingen naar artikel 59, eerste lid, onderdeel a, worden gelezen als verwijzingen naar artikel 2, eerste lid, onderdeel a, verwijzingen naar artikel 59, eerste lid, onderdeel c, worden gelezen als verwijzingen naar artikel 3, verwijzingen naar artikel 59, derde lid, worden gelezen als verwijzingen naar artikel 2, eerste lid, onderdeel b, en verwijzingen naar artikel 60, eerste lid, worden gelezen als verwijzingen naar artikel 2, eerste lid, onderdeel c.

4. De heffing en de invordering van de opslag duurzame energie- en klimaattransitie geschiedt met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de Invorderingswet 1990 en de Kostenwet invordering rijksbelastingen.

Artikel 2

1.

Het tarief voor de opslag duurzame energie- en klimaattransitie bedraagt voor:

a. a. aardgas, met uitzondering van aardgas als bedoeld in de onderdelen b en c en het tweede lid, met een bovenste verbrandingswaarde van 35,17 megajoule per Nm^3 voor dat gedeelte van de geleverde hoeveelheid per verbruiksperiode van twaalf maanden per aansluiting dat:

        1°.
        niet hoger is dan 170 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0023 in 2013, € 0,0046 in 2014, € 0,0074 in 2015, € 0,0113 in 2016, € 0,0159 in 2017, € 0,0285 in 2018, € 0,0524 in 2019, € 0,0775 in 2020, € 0,0851 in 2021, € 0,0865 in 2022 en € 0 in 2023;
      
      
        2°.
        hoger is dan 170 000 kubieke meter, maar niet hoger dan 1 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0009 in 2013, € 0,0017 in 2014, € 0,0028 in 2015, € 0,0042 in 2016, € 0,0074 in 2017, € 0,0106 in 2018, € 0,0161 in 2019, € 0,0214 in 2020, € 0,0235 in 2021, € 0,0239 in 2022 en € 0 in 2023;
      
      
        3°.
        hoger is dan 1 000 000 kubieke meter, maar niet hoger dan 10 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0003 in 2013, € 0,0005 in 2014 en € 0,0008 in 2015, € 0,0013 in 2016, € 0,0027 in 2017, € 0,0039 in 2018, € 0,0059 in 2019, € 0,0212 in 2020, € 0,0232 in 2021, € 0,0236 in 2022 en € 0 in 2023;
      
      
        4°.
        hoger is dan 10 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0002 in 2013, € 0,0004 in 2014 en, € 0,0006 in 2015, € 0,0009 in 2016, € 0,0013 in 2017, € 0,0021 in 2018, € 0,0031 in 2019, € 0,0212 in 2020, € 0,0232 in 2021, € 0,0236 in 2022 en € 0 in 2023;

1°. 1°. niet hoger is dan 170 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0023 in 2013, € 0,0046 in 2014, € 0,0074 in 2015, € 0,0113 in 2016, € 0,0159 in 2017, € 0,0285 in 2018, € 0,0524 in 2019, € 0,0775 in 2020, € 0,0851 in 2021, € 0,0865 in 2022 en € 0 in 2023; 2°. 2°. hoger is dan 170 000 kubieke meter, maar niet hoger dan 1 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0009 in 2013, € 0,0017 in 2014, € 0,0028 in 2015, € 0,0042 in 2016, € 0,0074 in 2017, € 0,0106 in 2018, € 0,0161 in 2019, € 0,0214 in 2020, € 0,0235 in 2021, € 0,0239 in 2022 en € 0 in 2023; 3°. 3°. hoger is dan 1 000 000 kubieke meter, maar niet hoger dan 10 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0003 in 2013, € 0,0005 in 2014 en € 0,0008 in 2015, € 0,0013 in 2016, € 0,0027 in 2017, € 0,0039 in 2018, € 0,0059 in 2019, € 0,0212 in 2020, € 0,0232 in 2021, € 0,0236 in 2022 en € 0 in 2023; 4°. 4°. hoger is dan 10 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0002 in 2013, € 0,0004 in 2014 en, € 0,0006 in 2015, € 0,0009 in 2016, € 0,0013 in 2017, € 0,0021 in 2018, € 0,0031 in 2019, € 0,0212 in 2020, € 0,0232 in 2021, € 0,0236 in 2022 en € 0 in 2023; b. b. aardgas met een bovenste verbrandingswaarde van 35,17 megajoule per Nm^3 dat wordt geleverd aan een verbruiker die dat aardgas gebruikt voor een installatie voor blokverwarming, niet zijnde een installatie voor stadsverwarming waarbij grotendeels gebruik wordt gemaakt van restwarmte, per kubieke meter € 0,0023 in 2013, € 0,0046 in 2014, € 0,0074 in 2015, € 0,0113 in 2016, € 0,0159 in 2017, € 0,0285 in 2018, € 0,0524 in 2019, € 0,0775 in 2020, € 0,0851 in 2021, € 0,0865 in 2022 en € 0 in 2023; c. c. aardgas met een bovenste verbrandingswaarde van 35,17 megajoule per Nm^3 voor verwarming ter bevordering van het groeiproces van tuinbouwproducten als bedoeld in artikel 60 van de Wet belastingen op milieugrondslag voor dat gedeelte van de geleverde hoeveelheid per verbruiksperiode van twaalf maanden per aansluiting dat:

        1°.
        niet hoger is dan 170 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0004 in 2013, € 0,0007 in 2014, € 0,0012 in 2015, € 0,0018 in 2016, € 0,0026 in 2017, € 0,0046 in 2018, € 0,0084 in 2019, € 0,0124 in 2020, € 0,0137 in 2021, € 0,0139 in 2022 en € 0 in 2023;
      
      
        2°.
        hoger is dan 170 000 kubieke meter, maar niet hoger dan 1 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0004 in 2013, € 0,0009 in 2014, € 0,0014 in 2015, € 0,0021 in 2016, € 0,0025 in 2017, € 0,0040 in 2018, € 0,0061 in 2019, € 0,0081 in 2020, € 0,0089 in 2021, € 0,0090 in 2022 en € 0 in 2023;
      
      
        3°.
        hoger is dan 1 000 000 kubieke meter, maar niet hoger dan 10 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0003 in 2013, € 0,0005 in 2014, € 0,0008 in 2015, € 0,0013 in 2016, € 0,0027 in 2017, € 0,0039 in 2018, € 0,0059 in 2019, € 0,0212 in 2020, € 0,0232 in 2021, € 0,0236 in 2022 en € 0 in 2023;
      
      
        4°.
        hoger is dan 10 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0002 in 2013, € 0,0004 in 2014, € 0,0006 in 2015, € 0,0009 in 2016, € 0,0013 in 2017, € 0,0021 in 2018, € 0,0031 in 2019, 0,0212 in 2020, € 0,0232 in 2021, € 0,0236 in 2022 en € 0 in 2023.

1°. 1°. niet hoger is dan 170 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0004 in 2013, € 0,0007 in 2014, € 0,0012 in 2015, € 0,0018 in 2016, € 0,0026 in 2017, € 0,0046 in 2018, € 0,0084 in 2019, € 0,0124 in 2020, € 0,0137 in 2021, € 0,0139 in 2022 en € 0 in 2023; 2°. 2°. hoger is dan 170 000 kubieke meter, maar niet hoger dan 1 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0004 in 2013, € 0,0009 in 2014, € 0,0014 in 2015, € 0,0021 in 2016, € 0,0025 in 2017, € 0,0040 in 2018, € 0,0061 in 2019, € 0,0081 in 2020, € 0,0089 in 2021, € 0,0090 in 2022 en € 0 in 2023; 3°. 3°. hoger is dan 1 000 000 kubieke meter, maar niet hoger dan 10 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0003 in 2013, € 0,0005 in 2014, € 0,0008 in 2015, € 0,0013 in 2016, € 0,0027 in 2017, € 0,0039 in 2018, € 0,0059 in 2019, € 0,0212 in 2020, € 0,0232 in 2021, € 0,0236 in 2022 en € 0 in 2023; 4°. 4°. hoger is dan 10 000 000 kubieke meter, per kubieke meter € 0,0002 in 2013, € 0,0004 in 2014, € 0,0006 in 2015, € 0,0009 in 2016, € 0,0013 in 2017, € 0,0021 in 2018, € 0,0031 in 2019, 0,0212 in 2020, € 0,0232 in 2021, € 0,0236 in 2022 en € 0 in 2023.

2. Voor aardgas dat wordt geleverd aan een CNG-vulstation wordt geen tarief vastgesteld.

Artikel 3

1.

Het tarief voor de opslag duurzame energie- en klimaattransitie bedraagt voor elektriciteit, met uitzondering van de elektriciteit, bedoeld in het tweede lid, voor dat gedeelte van de geleverde hoeveelheid per verbruiksperiode van twaalf maanden per aansluiting dat:

a. a. niet hoger is dan 10 000 kWh, per kWh € 0,0011 in 2013, € 0,0023 in 2014, € 0,0036 in 2015, € 0,0056 in 2016, € 0,0074 in 2017, € 0,0132 in 2018, € 0,0189 in 2019, € 0,0273 in 2020, € 0,0300 in 2021, € 0,0305 in 2022 en € 0 in 2023; b. b. hoger is dan 10 000 kWh, maar niet hoger dan 50 000 kWh, per kWh € 0,0014 in 2013, € 0,0027 in 2014, € 0,0046 in 2015, € 0,007 in 2016, € 0,0123 in 2017, € 0,0180 in 2018, € 0,0278 in 2019, € 0,0375 in 2020, € 0,0411 in 2021, € 0,0418 in 2022 en € 0 in 2023; c. c. hoger is dan 50 000 kWh, maar niet hoger dan 10 000 000 kWh, per kWh € 0,0004 in 2013, € 0,0007 in 2014, € 0,0012 in 2015, € 0,0019 in 2016, € 0,0033 in 2017, € 0,0048 in 2018, € 0,0074 in 2019, € 0,0205 in 2020, € 0,0225 in 2021, € 0,0229 in 2022 en € 0 in 2023; d. d. hoger is dan 10 000 000 kWh, per kWh voor niet-zakelijk verbruik € 0,000017 in 2013, € 0,000034 in 2014, € 0,000055 in 2015, € 0,000084 in 2016, € 0,000131 in 2017, € 0,000194 in 2018, € 0,0003 in 2019, € 0,0004 in 2020, € 0,0004 in 2021, € 0,0005 in 2022 en € 0 in 2023; e. e. hoger is dan 10 000 000 kWh, per kWh voor zakelijk verbruik € 0,000017 in 2013, € 0,000034 in 2014, € 0,000055 in 2015, € 0,000084 in 2016, € 0,000131 in 2017, € 0,000194 in 2018, € 0,0003 in 2019, € 0,0004 in 2020, € 0,0004 in 2021, € 0,0005 in 2022 en € 0 in 2023.

2. Voor elektriciteit die wordt geleverd aan een walstroominstallatie als bedoeld in artikel 60b van de Wet belastingen op milieugrondslag wordt geen tarief vastgesteld.

Artikel 4

Deze wet wordt aangehaald als: Wet opslag duurzame energie- en klimaattransitie.

Artikel 5

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.