rijk/wet/wet-tijdelijke-openstelling-mogelijkheid-van-adoptie/BWBR0002378
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wet tijdelijke openstelling mogelijkheid van adoptie BWBR0002378 wet geldend 1962-08-15 https://wetten.overheid.nl/BWBR0002378 Wet tijdelijke openstelling mogelijkheid van adoptie

Wet tijdelijke openstelling mogelijkheid van adoptie

Artikel I

Adoptie van een kind dat voor 1 maart 1956 in het gezin van de adoptanten is opgenomen, kan worden uitgesproken, ofschoon aan de in artikel 228, onder c, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gestelde voorwaarde niet is voldaan.

Artikel II

1. Indien het verzoek daartoe binnen twee jaren na de inwerkingtreding van deze wet door de adoptanten of, een hunner overleden zijnde, door de overblijvende is gedaan, kan adoptie worden uitgesproken van een kind dat op de dag van de uitspraak in eerste aanleg meerderjarig is.

2.

Het verzoek kan alleen worden toegewezen, indien de adoptie zowel uit het oogpunt van verbreking van de banden met de ouders als uit dat van bevestiging van de banden met de adoptanten, in het kennelijk belang van het kind is en aan de volgende voorwaarden is voldaan:

a. a. dat het kind in de adoptie heeft toegestemd; b. b. dat het kind niet is een afstammeling van een der adoptanten; c. c. dat het kind in het gezin van de adoptanten is opgenomen voor 1 maart 1956 en gedurende ten minste drie jaren feitelijk door hen tezamen en vervolgens tot zijn meerderjarig worden door ten minste een hunner is verzorgd en opgevoed geworden; d. d. dat de adoptanten ten minste vijf jaren voor de dag, waarop het kind meerderjarig is geworden, met elkander zijn gehuwd.

3. Tegen toewijzing van het verzoek staat geen ander rechtsmiddel open dan beroep in cassatie in het belang der wet.

4. De adoptie van een kind dat op de dag van de uitspraak in eerste aanleg meerderjarig was, kan niet worden herroepen.