rijk/wet/wet-tot-samenvoeging-van-de-gemeenten-weert-en-stramproy/BWBR0008787
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wet tot samenvoeging van de gemeenten Weert en Stramproy BWBR0008787 wet geldend 1997-07-18 https://wetten.overheid.nl/BWBR0008787 Wet tot samenvoeging van de gemeenten Weert en Stramproy

Wet tot samenvoeging van de gemeenten Weert en Stramproy

Paragraaf 1. Opheffing en instelling van gemeenten

Artikel 1

Met ingang van de datum van herindeling worden de gemeenten Weert en Stramproy opgeheven.

Artikel 2

Met ingang van de datum van herindeling wordt de nieuwe gemeente Weert ingesteld.

Artikel 3

De nieuwe gemeente Weert bestaat uit het grondgebied van de op te heffen gemeenten Weert en Stramproy.

Paragraaf 2. Overige bepalingen

Artikel 4

Voor de nieuwe gemeente Weert wordt de op te heffen gemeente Weert aangewezen voor de toepassing van artikel 36 van de Wet algemene regels herindeling, in verband met de toepassing van de instructies en reglementen bedoeld in dat artikel.

Artikel 5

Voor de op te heffen gemeenten Weert en Stramproy wordt de nieuwe gemeente Weert aangewezen voor de toepassing van de volgende bepalingen van de Wet algemene regels herindeling:

a. a.

    artikel 39, tweede lid, in verband met de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen;

b. b.

    artikel 41, derde lid, in verband met de deelneming aan gemeenschappelijke regelingen;

c. c.

    artikel 45, tweede lid, in verband met de overgang van de voorziening van drinkwater, elektriciteit en gas.

Artikel 6

1. Voor de nieuwe gemeente Weert die bij deze wet wordt ingesteld, wordt een tussentijdse raadsverkiezing gehouden als bedoeld in artikel 52, eerste lid, van de Wet algemene regels herindeling.

2. Met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing voor de nieuwe gemeente Weert wordt de op te heffen gemeente Weert belast.

3. Indien de datum van herindeling valt binnen een jaar voor de datum waarop reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de Kieswet moeten worden gehouden, vinden deze reguliere verkiezingen niet plaats in de nieuwe gemeente Weert.

4. Indien de datum van herindeling valt binnen een jaar voor de datum waarop de reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de Kieswet moeten worden gehouden, eindigt de zittingsperiode van de leden van de raad van de nieuwe gemeente Weert gelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste verkiezingen voor de gemeenteraden na de datum van herindeling.

Artikel 7

Wijzigt de Wet op de rechterlijke indeling.

Artikel 8

Wijzigt de Politiewet 1993.

Artikel 9

1. Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen stelt op de wijze als aangegeven in de artikelen 56, tweede lid, 107a en 107b, tweede lid, van de Wet op het basisonderwijs de stichtings- en opheffingsnormen voor scholen voor basisonderwijs vast voor de nieuwe gemeente Weert onderscheidenlijk delen daarvan.

2. Indien de raad van een bij deze wet betrokken gemeente binnen drie maanden na de datum van herindeling een besluit neemt tot splitsing van de gemeente, stelt Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen voor de beide gebiedsdelen een afzonderlijke opheffingsnorm vast. Artikel 107b, eerste lid, eerste, tweede en vierde volzin, tweede lid, eerste en derde volzin, derde lid, eerste, derde en vierde volzin, en vierde lid, van de Wet op het basisonderwijs is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in het vierde lid voor «6 maanden» telkens wordt gelezen : 3 maanden.

3. De ingevolge het eerste en tweede lid vastgestelde stichtings- en opheffingsnormen treden in de plaats van de voor de betrokken gemeenten op grond van artikel 56, tweede, derde, vierde en vijfde lid, 107, tweede lid, 107b en 107c van de Wet op het basisonderwijs vastgestelde normen. De nieuwe normen gelden met ingang van 1 januari volgend op de datum van herindeling. Tot en met 31 december volgend op de datum van herindeling blijven op de scholen in de bij deze wet betrokken gemeenten de normen van toepassing die golden op de dag voorafgaande aan de datum van herindeling.

Artikel 10

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Bijlage . behorend bij

[afbeelding]