rijk/wet/wet-vervaltermijn-rechtsvorderingen-nederlands-beheersinstituut/BWBR0002138
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wet vervaltermijn rechtsvorderingen Nederlands Beheersinstituut BWBR0002138 wet geldend 1954-07-14 https://wetten.overheid.nl/BWBR0002138 Wet vervaltermijn rechtsvorderingen Nederlands Beheersinstituut

Wet vervaltermijn rechtsvorderingen Nederlands Beheersinstituut

Artikel 1

1. Rechtsvorderingen tegen de Staat, de Raad voor het Rechtsherstel, de samengevoegde Afdeling Beheer, Voorzieningen voor Afwezigen en Voorzieningen voor Rechtspersonen van de Raad voor het Rechtsherstel, het Nederlandse Beheersinstituut en personen, door wie dit instituut zich heeft doen bijstaan of vertegenwoordigen of die het heeft te werk gesteld, ter zake van door dat instituut of die personen gevoerd beheer of gegrond op de eigendom van door hen beheerd vermogen, voor zover niet strekkende tot enkele afgifte van nog onder de verweerder berustende bepaalde zaken, kunnen niet meer worden ingesteld, wanneer een termijn van twee jaren is verlopen, zowel sedert het tijdstip, waarop het beheer feitelijk is geëindigd, als sedert het inwerkingtreden van deze wet.

2. Voor zover de rechtsvordering haar grondslag vindt in een gedraging, ter zake waarvan tijdig beroep is ingesteld bij de voorzitter of de afdeling rechtspraak van de Raad voor het Rechtsherstel, eindigt de in het eerste lid bedoelde termijn niet voordat twee jaren zijn verlopen sedert de einduitspraak op dat beroep.

Artikel 2

Ingeval de belanghebbende redelijkerwijs niet in staat is geweest een rechtsvordering, als bedoeld in artikel 1, binnen de daar gestelde tijd in te stellen, eindigt de in artikel 1 bedoelde termijn niet, zolang niet twee jaren zijn verlopen sedert de dag, waarop de verhindering is geëindigd.

Artikel 3

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin zij is geplaatst.