rijk/wet/wijzigingswet-wet-uitkering-wegens-vrijwillig-vervroegd-uittreden/BWBR0005958
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wijzigingswet Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden BWBR0005958 wet geldend 1993-05-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0005958 Wijzigingswet Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden

Wijzigingswet Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden

Artikel I

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel II

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel III

De uitkering bedraagt 80% van de bezoldiging indien:

a. a. het recht op uitkering, op grond van artikel 3, eerste lid, van de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden (Stb. 1984, 273) is ontstaan voor 1 januari 1993 dan wel voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet of hetzij op grond van artikel 3, eerste lid, van de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden (Stb. 1984, 273) hetzij op grond van de Wet bevordering doorstroming onderwijspersoneel II (Stb. 1989, 253) weliswaar ontstaan is op of na 1 januari 1993, maar de betreffende uitkering wordt toegekend in verband met vrijwillig vervroegd uittreden uit een betrekking, waaruit de belanghebbende eerder in deeltijd is uitgetreden; b. b. het recht op een uitkering is ontstaan voor 2 juni 1992 op grond van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 3, negende lid, van de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden (Stb. 1984, 273) of de belanghebbende vanaf een tijdstip dat gelegen is voor 2 juni 1992, een uitkering geniet op grond van de Wet bevordering doorstroming onderwijspersoneel (Stb. 1988, 253) of de Wet bevordering doorstroming onderwijspersoneel II (Stb. 1989, 283); c. c. het recht op uitkering is ontstaan voor 1 januari 1993 op grond van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 3, negende lid, van de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden (Stb. 1984, 273) voor de duur van deze uitkering; of d. d. de belanghebbende voldoet aan de volgende voorwaarden:

      1.
      de belanghebbende is tevens belanghebbende in de zin van de Wet van 28 september 1989 (*Stb.* 478).
    
    
      2.
      het ontslag in de zin van de onder 1 genoemde wet is verleend voor 1 januari 1993 dan wel voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
    1. de belanghebbende is tevens belanghebbende in de zin van de Wet van 28 september 1989 (*Stb.* 478).
      
    1. het ontslag in de zin van de onder 1 genoemde wet is verleend voor 1 januari 1993 dan wel voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
      

Artikel IV

Indien het bij koninklijke boodschap van 6 november 1990 ingediende voorstel van wet houdende wijziging van de Wet vrijwillig vervroegd uittreden (invoering deeltijd-vut en andere wijzigingen) tot wet wordt verheven en in werking treedt, treedt deze wet in werking met ingang van 1 januari 1993. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 januari 1993, treedt zij in werking met ingang van de eerste kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.