rijk/zbo/beleidsregel-internationale-passagiersvervoerdienst/BWBR0037799
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Beleidsregel internationale passagiersvervoerdienst BWBR0037799 zbo geldend 2016-04-06 https://wetten.overheid.nl/BWBR0037799 Beleidsregel internationale passagiersvervoerdienst

Beleidsregel internationale passagiersvervoerdienst

Hoofdstuk Eerste. Algemeen

Artikel 1

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

a. a.

    *Aanvraag:* aanvraag tot vaststelling van het Hoofddoel van het voorgenomen vervoer en/of tot vaststelling of het voorgenomen vervoer het Economisch evenwicht in gedrang brengt, als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, Wp2000;

b. b.

    *Aanvrager:* indiener van de Aanvraag, als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, Wp2000, te weten een of meer Concessieverleners of Concessiehouders of de beheerder.

c. c.

    *Aanvraagformulier:* Formulier als bedoeld in artikel 6, derde lid, Uitvoeringsverordening.

d. d.

    *ACM:* de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt;

e. e.

    *Beheerder:* houder van een concessie als bedoeld in artikel 16, eerste lid, Sw;

f. f.

    *Concessie:* recht om met uitsluiting van anderen openbaar vervoer te verrichten in een bepaald gebied gedurende een bepaald tijdvak, als bedoeld in artikel 1, onder l, van de Wp2000;

g. g.

    *Concessiehouder:* vergunning houdende vervoerder aan wie een Concessie is verleend, als bedoeld in artikel 1, onder n, van de Wp2000;

h. h.

    *Concessieverlener:* het tot verlening van een Concessie bevoegde gezag, als bedoeld in artikel 1, onder m, van de Wp2000;

i. i.

    *Economisch evenwicht:* het economisch evenwicht van een of meer Concessies van een spoorwegonderneming als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, onder b, van de Wp2000;

j. j.

    *Internationale passagiersvervoerdienst:* Internationale passagiersvervoerdienst, als bedoeld in artikel 57, vierde lid, Sw;

k. k.

    *Internationale reizen:* reizen van passagiers tussen stations in verschillende lidstaten en die daarbij gebruik maken van de voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst.

l. l.

    *Hoofddoel:* het hoofddoel van de internationale passagiersvervoerdienst, als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, onder a, Wp2000;

m. m.

    *Mededeling:* mededeling als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, van de Wp2000;

n. n.

    *Melding:* melding als bedoeld in artikel 57, vierde lid, Sw;

o. o.

    *Meldingsformulier:* Formulier als bedoeld in artikel 3, tweede lid, Uitvoeringsverordening.

p. p.

    *Nationale reizen:* reizen van passagiers die voor binnenlandse reizen in Nederland gebruik maken van de voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst.

q. q.

    *Nieuwe aanbieder:* de spoorwegonderneming die een Internationale passagiersvervoerdienst wil aanvangen, als bedoeld in artikel 57, vierde lid, van de Sw;

r. r.

    *Sw:*
    Spoorwegwet;

s. s.

    *Uitvoeringsverordening:* Uitvoeringsverordening (EU) 869/2014 van 11 augustus 2014, inzake nieuwe spoorvervoerdiensten voor passagiers.

t. t.

    *Wp2000:*
    Wet personenvervoer 2000.

Hoofdstuk Tweede. Meldings- en aanvraagprocedure

Artikel 2

1. ACM stelt voor het doen van een Melding een Meldingsformulier beschikbaar, genaamd Melding voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst, als bedoeld in artikel 3, tweede lid, Uitvoeringsverordening.

2. ACM merkt een kennisgeving van een nieuwe Internationale passagiersvervoerdienst aan als Melding, als ACM beschikt over alle vereiste informatie, zoals aangegeven in het Meldingsformulier.

3. De Nieuwe aanbieder geeft bij het indienen van de Melding gemotiveerd aan of en zo ja, welke gegevens vertrouwelijk zijn.

Artikel 3

1. De Mededeling van ACM kan de gegevens bevatten, zoals deze door de Nieuwe aanbieder zijn aangeleverd ten behoeve van de punten 1, 2 en 3 van het Meldingsformulier.

2. ACM vermeldt in de Mededeling een termijn van vier weken na publicatie op de website van ACM voor het indienen van een Aanvraag als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, Wp2000.

Artikel 4

1. ACM stelt voor het doen van een Aanvraag een Aanvraagformulier beschikbaar, genaamd Aanvraag onderzoek voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst, als bedoeld in artikel 6, derde lid, Uitvoeringsverordening.

2. ACM neemt een verzoek om een onderzoek naar het Hoofddoel of het Economisch Evenwicht in behandeling als Aanvraag, als zij beschikt over alle vereiste informatie, zoals aangegeven in het Aanvraagformulier. ACM neemt uiterlijk zes weken na ontvangst van alle vereiste informatie een besluit.

3. ACM doet schriftelijk mededeling van de Aanvraag aan de betrokken Beheerder, aan de betrokken Concessieverlener(-s) en de betrokken Concessiehouder(-s) en aan de Nieuwe aanbieder, voor zover zij niet de indiener van de Aanvraag zijn.

4. De Aanvrager geeft bij het indienen van de Aanvraag gemotiveerd aan of en zo ja, welke gegevens vertrouwelijk zijn.

Hoofdstuk Derde. Inlichtingen

Artikel 5

Om het Hoofddoel van de nieuwe Internationale passagiersvervoerdienst te kunnen onderzoeken, verlangt ACM van de Nieuwe aanbieder de gegevens, zoals aangegeven onder punt 5 van het Meldingsformulier.

Artikel 6

Om te kunnen onderzoeken of het Economisch evenwicht in gedrang komt, verlangt ACM van de Nieuwe aanbieder de gegevens en bijbehorende onderbouwing, zoals aangegeven onder punt 6 van het Meldingsformulier.

Artikel 7

Om te kunnen onderzoeken of het Economisch evenwicht in gedrang komt, verlangt ACM van de Aanvrager de gegevens en bijbehorende onderbouwing, zoals aangegeven onder punt 6 van het Aanvraagformulier.

Artikel 8

De in artikel 5, artikel 6 en artikel 7 genoemde inlichtingen betreffen de gegevens voor de eerste drie en zo mogelijk vijf dienstregeling jaren van de voorgenomen vervoersdienst. Die informatie bevat in ieder geval een volledige en juiste onderbouwing, die inzicht geeft in:

a. a. de formulering van de vraagstelling van de onderzoeken, ten behoeve van het verkrijgen van de gegevens als bedoeld in artikel 6 en artikel 7, die door of namens de Nieuwe aanbieder, respectievelijk de Aanvrager, zijn uitgevoerd; b. b. de aansluiting van de verkregen data op de vraagstelling; c. c. de relevantie, betrouwbaarheid en kwaliteit van de verkregen data; d. d. de ruwe data; e. e. de keuze van de empirische methodologie; f. f. de rapportage en interpretatie van de resultaten; g. g. de robuustheid van de resultaten.

Hoofdstuk Vierde. Beoordeling

Artikel 9

1. De marktonderzoeken die ten grondslag liggen aan de informatie als bedoeld in artikel 5 worden getoetst op de aspecten, zoals genoemd in artikel 8.

2.

Ter uitvoering van de kwantitatieve analyse, bedoeld in artikel 8, eerste lid, Uitvoeringsverordening, berekent ACM:

a. a. de vervoersvraag, bedoeld in artikel 8 lid 2 sub c) van de Uitvoeringsverordening, als de verhouding tussen het aantal Internationale reizen en de som van het aantal Nationale en Internationale reizen; b. b. de verhouding tussen de nominale opbrengst van de tickets en reserveringen van Internationale reizen enerzijds en de nominale opbrengst van de som van de tickets en reserveringen van Nationale en Internationale reizen anderzijds.

3. Als de uitkomst van de berekening onder lid 2 sub a of lid 2 sub b groter of gelijk is aan 50% beschouwt ACM dat als indicatie dat het Hoofddoel van de betrokken treindienst een Internationale passagiersvervoerdienst is.

4. ACM houdt bij de beoordeling van het Hoofddoel rekening met de gegevens van de eerste drie -en zo mogelijk vijf- dienstregeling jaren, zoals aangeleverd conform artikel 6. Indien redelijkerwijs de verwachting is dat de dienstregeling, het aantal Internationale reizen en/of de omzet van de voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst na de eerste drie, of -in voorkomend geval- vijf jaar van exploitatie significant af zal wijken van de eerste drie -of vijf- jaar, kan ACM ook navolgende jaren in aanmerking nemen.

Artikel 10

1. De marktonderzoeken die ten grondslag liggen aan de informatie als bedoeld in artikel 6 en artikel 7 worden getoetst op de aspecten, zoals genoemd in artikel 8.

2. In de economische analyse van de Concessie beoordeelt ACM de verhouding van het aantal passagiers dat de betrokken Concessiehouder verliest als gevolg van de voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst, ten opzichte van het totaal aantal passagiers dat op basis van de betrokken Concessie wordt vervoerd. ACM beschouwt hierbij meerdere reizen van één passagier als afzonderlijke passagiers.

3. Tevens beoordeelt ACM in de economische analyse de verhouding van de wegvallende omzet van de betrokken Concessiehouder, als gevolg van de voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst, ten opzichte van de totale omzet die deze Concessiehouder genereert op basis van de betrokken Concessie.

4. Als uit de hierboven, in lid 2 en 3, bedoelde analyse een vermindering van omzet of passagiersaantallen volgt van meer dan 1,7 procent per jaar gedurende de resterende looptijd van de Concessie, beschouwt ACM dat als indicatie dat er mogelijk sprake is van een significant negatieve impact op de rendabiliteit of op de netto kosten voor de Concessieverlener in de zin van artikel 13, eerste lid, Uitvoeringsverordening.

5. Indien sprake is van meerdere Meldingen, als gevolg van verschillende voorgenomen internationale passagiersvervoerdiensten, houdt ACM in haar beoordeling rekening met het totaal effect per kalenderjaar van die verschillende nieuwe internationale diensten tezamen op het Economisch evenwicht van de Concessie.

6. Indien in de Concessie expliciet is geregeld dat de Concessiehouder het aanbieden van Nationale reizen door Nieuwe aanbieders onvoorwaardelijk dient te gedogen, veronderstelt ACM dat het Economisch evenwicht niet in gedrang komt.

Artikel 11

De betrokken Concessieverlener(-s), de betrokken Beheerder, de betrokken Concessiehouder(-s) of de Nieuwe aanbieder kan, overeenkomstig artikel 16 Uitvoeringsverordening, ACM verzoeken een besluit als bedoeld in artikel 15, eerste lid, Uitvoeringsverordening te herzien:

a. a. indien de voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst een significante wijziging heeft ondergaan ten opzichte van de door de toezichthoudende instantie geanalyseerde cijfers, of b. b. indien de Concessie vroegtijdig is beëindigd.

Hoofdstuk Vijfde. Slotbepalingen

Artikel 12

De Beleidsregel internationaal vervoer per spoor (Stcrt. 2012, 23298, laatst gewijzigd in Stcrt.2013, 8686) met bijbehorende bijlagen wordt ingetrokken

Artikel 13

Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregel internationale passagiersvervoerdienst.

Artikel 14

1. Dit besluit zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

2. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dag van publicatie in de Staatscourant.

Bijlage 1

Besluit van de Autoriteit Consument en Markt tot vaststelling van 31 maart 2016 van het formulier Melding voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst, als bedoeld in artikel 3, tweede lid, Uitvoeringsverordening 869/2014.

De Autoriteit Consument en Markt,

Gelet op artikel 4.4 van de Algemene wet bestuursrecht;

BESLUIT:

De Autoriteit Consument en Markt,

namens deze:

overeenkomstig het door de Autoriteit Consument en Markt op 31 maart 2016 genomen besluit,

F.J.H. Don,

bestuurslid

De hierboven genoemde gegevens dient u volledig en juist te onderbouwen middels het aanleveren van een toelichting op:

Plaats en datum:

**Handtekening: **

Bijlage 2

Besluit van de Autoriteit Consument en Mark tot vaststelling van 31 maart 2016 van het formulier Aanvraag onderzoek voorgenomen Internationale passagiersvervoerdienst, als bedoeld in artikel 6, derde lid, Uitvoeringsverordening 869/2014.

De Autoriteit Consument en Markt,

Gelet op artikel 4.4 van de Algemene wet bestuursrecht;

BESLUIT:

De Autoriteit Consument en Markt,

namens deze:

overeenkomstig het door de Autoriteit Consument en Markt op 31 maart 2016 genomen besluit,

F.J.H. Don, bestuurslid