40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven gespecialiseerde zorg Wlz 2025 | BWBR0050694 | zbo | geldend | 2025-01-18 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0050694 | Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven gespecialiseerde zorg Wlz 2025 |
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven gespecialiseerde zorg Wlz 2025
Artikel 1
In deze beleidsregel wordt, tenzij anders vermeld, verstaan onder:
- doelgroep: cliënten die in een instelling verblijven met een aanspraak op gespecialiseerde zorg in verband met de ziekte van Huntington, het syndroom van Korsakov, een langdurige bewustzijnsstoornis, dementie met zeer ernstig probleemgedrag die gericht is op verbetering van het probleemgedrag of een zeer ernstige gerontopsychiatrische aandoening zoals bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onderdeel c, onder 9°, 10°, 11°, 12° en 13° van de Regeling langdurige zorg (Rlz).
- expertisecentrum: een (onderdeel van een) zorgaanbieder die gespecialiseerde zorg levert waarbij sprake is van een zekere concentratie van cliënten met vergelijkbare kenmerken. Hierbij kan in de praktijk onderscheid gemaakt worden tussen Doelgroepenexpertisecentra (DEC’s) en Regionale expertisecentra (REC’s).
- Wlz-uitvoerder: de rechtspersoon die geen zorgverzekeraar is en die zich overeenkomstig artikel 4.1.1 van de Wet langdurige zorg (Wlz) heeft aangemeld voor de uitvoering van de Wlz, daaronder begrepen de met toepassing van artikel 4.2.4, tweede lid, van de Wlz door de Minister van VWS aangewezen uitvoerder.
- zorgaanbieder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die beroeps- of bedrijfsmatig zorg verleent, als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, onder 1°, van de Wmg.
Artikel 2
Het doel van deze beleidsregel is om vast te leggen op welke wijze de NZa gebruik maakt van haar bevoegdheid om prestatiebeschrijvingen en tarieven vast te stellen voor gespecialiseerde zorg in verband met het syndroom van Korsakov, de ziekte van Huntington, een langdurige bewustzijnsstoornis (LBS), dementie met zeer ernstig probleemgedrag die gericht is op verbetering van het probleemgedrag (D-zep), of een zeer ernstige gerontopsychiatrische aandoening (GP+).
Artikel 3
Deze beleidsregel is van toepassing op de zorg of dienst als omschreven bij of krachtens de Wlz die wordt geleverd door zorgaanbieders.
Artikel 4
De loon- en materiële kosten van de beleidsregelwaarde bevatten de definitieve percentages 2024 en de voorschotpercentages 2025. De NHC bevat de jaarlijkse index van 2,5% en de NIC bevat de index voor de materiële kosten.
Artikel 5
1.
Tarieven
De NZa stelt de tarieven in een tariefbeschikking vast op de bedragen zoals vermeld in artikel 6 (beleidsregelwaarden).
De tarieven die de NZa vaststelt op basis van deze beleidsregel zijn maximumtarieven. Een maximumtarief is een tarief dat ten hoogste in rekening mag worden gebracht. Bij het maken van productieafspraken kunnen de Wlz-uitvoerder/het zorgkantoor en de zorgaanbieder lagere tarieven afspreken.
2.
Aanvaardbare kosten
De gehonoreerde productieafspraak met betrekking tot de prestaties en beleidsregelwaarden zoals vermeld in deze beleidsregel maken onderdeel uit van de aanvaardbare kosten.
3.
Opbouw beleidsregelwaarden
De onderbouwing van de rekenmethode die gehanteerd wordt door de NZa om tot de intramurale beleidsregelwaarden te komen, is hieronder uiteengezet:
• • De beleidsregelwaarden zijn gebaseerd op de inzichten en kosten van zorgaanbieders die een expertisecentrum zijn of willen worden; • • Deze zorgaanbieders hebben het document Toetsingskader criteria Commissie Expertisecentra langdurige zorg (CElz) vertaald naar implementatieplannen waaraan de zorgverlening moet voldoen. Hierbij heeft men per doelgroep een gezamenlijke zienswijze ontwikkeld op de te leveren zorg en gekeken wat mogelijk is; • • Vervolgens zijn de belangrijkste kostendrijvers benoemd en mutaties hierop in kaart gebracht zoals:
•
vov-personeel op de groep en hun deskundigheid (alle doelgroepen);
•
De inzet van behandelpersoneel en hun deskundigheid (alle doelgroepen);
•
Inventaris en kapitaallasten.
• • vov-personeel op de groep en hun deskundigheid (alle doelgroepen); • • De inzet van behandelpersoneel en hun deskundigheid (alle doelgroepen); • • Inventaris en kapitaallasten. • • Loonkosten vov-personeel en behandelaren:
•
De gewenste functies (vov 1 t/m 6 en behandelaren) zijn gekoppeld aan FWG- salarisschalen en periodieken. De periodieken staan doorgaans voor de ervaringsjaren van medewerkers. Het zorgpersoneel is niet in de hoogste trede (100%) geplaatst, maar veelal wel hoger dan 75%;
•
De te presteren tijd ten opzichte van de prestatie (voor gespecialiseerde zorg met verblijf direct en indirect cliëntgebonden tijd/bruto tijd). Als basis is veelal het rapport HHM Eindrapportage Onderzoek parameterwaarden Zorgzwaartepakketten - Nederlandse Zorgautoriteit (overheid.nl) van oktober 2013 genomen voor wat betreft de tijdsbesteding van behandelaren en vov/DB personeel (pagina 5 t/m 8). Vervolgens is de afwijking in kaart gebracht waarbij rekening is gehouden met:
•
(extra) opleidingstijd, scholingstijd, intervisietijd van het personeel in dienst (alle doelgroepen) zodat zorgverleners vakbekwaamheid kunnen opbouwen;
•
de bijdrage van het personeel aan het becommentariëren van concept stukken/plannen van het kenniscentrum (feitelijk schrijven stukken wordt bekostigd door het kenniscentrum) en het samenwerken met hbo en academische onderzoeksorganisaties (wetenschappelijk toegepast of fundamenteel onderzoek en onderwijs verlenen is geen onderdeel van het tarief);
•
het ziekteverzuim is aangepast op basis van de informatie van het CBS over ziekteverzuim voor categorie 87, vv, ghz en ggz gedurende de laatste vier kwartalen. Er is maximaal een ziekteverzuim van 9% toegepast;
•
enige voor- en of nazorg bij opname en ontslag van cliënten (alle doelgroepen).
•
De opslag overhead is gebaseerd op de Benchmark Care van Berenschot die uitging van de jaarrekening 2019. Als uitgangspunt is het 1e kwartiel genomen: vv 15,3%, ghz 14,5% en ggz 19,4% van de totale kosten. Als sprake is van sector-overstijgende grondslagen/zzp’s is er een gemiddelde gehanteerd;
•
Bij de doelgroep LBS is rekening gehouden bij beide prestaties met een bedrag per dag per cliënt voor het inschakelen van een mobiel expertteam omdat deze (ingehuurde) zorg via onderlinge dienstverlening wordt bekostigd;
•
Voor de doelgroepen Huntington, Korsakov en GP+ is uitgegaan van een bezetting van 97% (met in achtneming van de geldende regels rondom declaratie bij aan- en afwezigheid van de cliënt). De bezettingsgraad in een DEC bij de doelgroep LBS is als gevolg van de onvoorspelbare uitkomst van vroege intensieve neurorevalidatie 85% en de bezettingsgraad van een REC is 95% als gevolg van de zeer beperkte doelgroep en het gewenste zorglandschap. Voor de doelgroep D-zep is voor beide prestaties een bezettingsgraad van 88% toegepast omdat cliënten maximaal 1 jaar, maar in de praktijk vaak korter aanwezig zijn.
• • De gewenste functies (vov 1 t/m 6 en behandelaren) zijn gekoppeld aan FWG- salarisschalen en periodieken. De periodieken staan doorgaans voor de ervaringsjaren van medewerkers. Het zorgpersoneel is niet in de hoogste trede (100%) geplaatst, maar veelal wel hoger dan 75%; • • De te presteren tijd ten opzichte van de prestatie (voor gespecialiseerde zorg met verblijf direct en indirect cliëntgebonden tijd/bruto tijd). Als basis is veelal het rapport HHM Eindrapportage Onderzoek parameterwaarden Zorgzwaartepakketten - Nederlandse Zorgautoriteit (overheid.nl) van oktober 2013 genomen voor wat betreft de tijdsbesteding van behandelaren en vov/DB personeel (pagina 5 t/m 8). Vervolgens is de afwijking in kaart gebracht waarbij rekening is gehouden met:
•
(extra) opleidingstijd, scholingstijd, intervisietijd van het personeel in dienst (alle doelgroepen) zodat zorgverleners vakbekwaamheid kunnen opbouwen;
•
de bijdrage van het personeel aan het becommentariëren van concept stukken/plannen van het kenniscentrum (feitelijk schrijven stukken wordt bekostigd door het kenniscentrum) en het samenwerken met hbo en academische onderzoeksorganisaties (wetenschappelijk toegepast of fundamenteel onderzoek en onderwijs verlenen is geen onderdeel van het tarief);
•
het ziekteverzuim is aangepast op basis van de informatie van het CBS over ziekteverzuim voor categorie 87, vv, ghz en ggz gedurende de laatste vier kwartalen. Er is maximaal een ziekteverzuim van 9% toegepast;
•
enige voor- en of nazorg bij opname en ontslag van cliënten (alle doelgroepen).
• • (extra) opleidingstijd, scholingstijd, intervisietijd van het personeel in dienst (alle doelgroepen) zodat zorgverleners vakbekwaamheid kunnen opbouwen; • • de bijdrage van het personeel aan het becommentariëren van concept stukken/plannen van het kenniscentrum (feitelijk schrijven stukken wordt bekostigd door het kenniscentrum) en het samenwerken met hbo en academische onderzoeksorganisaties (wetenschappelijk toegepast of fundamenteel onderzoek en onderwijs verlenen is geen onderdeel van het tarief); • • het ziekteverzuim is aangepast op basis van de informatie van het CBS over ziekteverzuim voor categorie 87, vv, ghz en ggz gedurende de laatste vier kwartalen. Er is maximaal een ziekteverzuim van 9% toegepast; • • enige voor- en of nazorg bij opname en ontslag van cliënten (alle doelgroepen). • • De opslag overhead is gebaseerd op de Benchmark Care van Berenschot die uitging van de jaarrekening 2019. Als uitgangspunt is het 1e kwartiel genomen: vv 15,3%, ghz 14,5% en ggz 19,4% van de totale kosten. Als sprake is van sector-overstijgende grondslagen/zzp’s is er een gemiddelde gehanteerd; • • Bij de doelgroep LBS is rekening gehouden bij beide prestaties met een bedrag per dag per cliënt voor het inschakelen van een mobiel expertteam omdat deze (ingehuurde) zorg via onderlinge dienstverlening wordt bekostigd; • • Voor de doelgroepen Huntington, Korsakov en GP+ is uitgegaan van een bezetting van 97% (met in achtneming van de geldende regels rondom declaratie bij aan- en afwezigheid van de cliënt). De bezettingsgraad in een DEC bij de doelgroep LBS is als gevolg van de onvoorspelbare uitkomst van vroege intensieve neurorevalidatie 85% en de bezettingsgraad van een REC is 95% als gevolg van de zeer beperkte doelgroep en het gewenste zorglandschap. Voor de doelgroep D-zep is voor beide prestaties een bezettingsgraad van 88% toegepast omdat cliënten maximaal 1 jaar, maar in de praktijk vaak korter aanwezig zijn. • • Inventaris en kapitaallasten:
•
De NHC en NIC bedragen zijn overgenomen van de zzp prestaties inclusief behandeling. Alleen bij de DEC prestatie voor LBS is de NIC opgehoogd voor specifieke voorzieningen zoals beschreven in de prestatiebeschrijving (innowalk, totosysteem etc.);
•
Om dezelfde redenen als hierboven vermeld bij de loonkosten is in sommige gevallen afgeweken van het bezettingspercentage vermeld in de beleidsregel normatieve huisvestigingscomponent en normatieve inventariscomponent geestelijke gezondheidszorg, forensische zorg en langdurige zorg;
•
In de volgende tabel wordt per afzonderlijke prestatie aangegeven van welke zzp prestatie de NHC en NIC component zijn overgenomen, een eventuele aanpassing van het basisbedrag en het bezettingspercentage dat bij de berekening is toegepast.
• • De NHC en NIC bedragen zijn overgenomen van de zzp prestaties inclusief behandeling. Alleen bij de DEC prestatie voor LBS is de NIC opgehoogd voor specifieke voorzieningen zoals beschreven in de prestatiebeschrijving (innowalk, totosysteem etc.); • • Om dezelfde redenen als hierboven vermeld bij de loonkosten is in sommige gevallen afgeweken van het bezettingspercentage vermeld in de beleidsregel normatieve huisvestigingscomponent en normatieve inventariscomponent geestelijke gezondheidszorg, forensische zorg en langdurige zorg; • • In de volgende tabel wordt per afzonderlijke prestatie aangegeven van welke zzp prestatie de NHC en NIC component zijn overgenomen, een eventuele aanpassing van het basisbedrag en het bezettingspercentage dat bij de berekening is toegepast.
| Doelgroep | DEC | REC | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| NHC | NIC | Bezetting % | NHC | NIC | Bezetting % | |
| Korsakov | VV7 | VV7 | 97 | VV7 | VV7 | 97 |
| Huntington | VV8 | VV8 | 97 | VV8 | VV8 | 97 |
| LBS | VV8 | VV8 + extra | 85 | VV8 | VV8 | 95 |
| GP+ | VV7 | VV7 | 97 | VV7 | VV7 | 97 |
| D-zep | VV7 | VV7 | 88 | VV7 | VV7 | 88 |
• • Voor de opbouw van de beleidsregelwaarden in loon, materieel, NIC en NHC wordt verwezen naar bijlage 1. • • De onderbouwing van de rekenmethode die gehanteerd wordt door de NZa om tot beleidsregelwaarden te komen voor de prestaties cliëntgebonden consultatie en advies, is hieronder uiteengezet: • • De beleidsregelwaarden zijn gebaseerd op beleidsregelwaarden van behandeling gedragswetenschapper (H329), behandeling specialist ouderengeneeskunde (H335), en behandeling arts VG (H336) waarbij de volgende mutaties hebben plaatsgevonden omdat sprake is van een prestatiestructuur naar beroepsgroep:
•
Alle drie de beleidsregelwaardes zijn geschoond voor de inzet van een psychiater, verpleegkundige, verpleegkundig specialist of physician assistant en de prestaties H335 en H336 zijn tevens geschoond voor alle gedragsdeskundigen.
•
De beleidsregelwaarden voor de prestaties verpleging of verzorging (vv) zijn gebaseerd op:
•
De gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur zoals gemeten bij de expertisecentra voor Korsakov, Huntington, D-zep en GP+;
•
55% declarabele uren en een 100% functiemix.
•
De beleidsregelwaarde voor de prestatie paramedisch is gebaseerd op:
•
De gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur voor paramedici zoals gemeten bij de expertisecentra voor Korsakov, Huntington, D-zep en GP+;
•
54% declarabele uren en een 100% functiemix.
•
De beleidsregelwaarde voor de prestatie VS/PA en overig zijn gebaseerd op:
•
De verzamelde gegevens over de VS/PA en psychiater in het kostenonderzoek geneeskundige zorg voor specifieke patiëntgroepen en Wlz modulaire pakket thuis over de gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur en de declarabele uren en een 100% functiemix.
•
De toeslag voor indirecte kosten en de verhouding loon en materiele kosten zijn gelijk aan waarden toegepast bij de prestaties H329, H335 en H336.
• • Alle drie de beleidsregelwaardes zijn geschoond voor de inzet van een psychiater, verpleegkundige, verpleegkundig specialist of physician assistant en de prestaties H335 en H336 zijn tevens geschoond voor alle gedragsdeskundigen. • • De beleidsregelwaarden voor de prestaties verpleging of verzorging (vv) zijn gebaseerd op:
•
De gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur zoals gemeten bij de expertisecentra voor Korsakov, Huntington, D-zep en GP+;
•
55% declarabele uren en een 100% functiemix.
• • De gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur zoals gemeten bij de expertisecentra voor Korsakov, Huntington, D-zep en GP+; • • 55% declarabele uren en een 100% functiemix. • • De beleidsregelwaarde voor de prestatie paramedisch is gebaseerd op:
•
De gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur voor paramedici zoals gemeten bij de expertisecentra voor Korsakov, Huntington, D-zep en GP+;
•
54% declarabele uren en een 100% functiemix.
• • De gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur voor paramedici zoals gemeten bij de expertisecentra voor Korsakov, Huntington, D-zep en GP+; • • 54% declarabele uren en een 100% functiemix. • • De beleidsregelwaarde voor de prestatie VS/PA en overig zijn gebaseerd op:
•
De verzamelde gegevens over de VS/PA en psychiater in het kostenonderzoek geneeskundige zorg voor specifieke patiëntgroepen en Wlz modulaire pakket thuis over de gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur en de declarabele uren en een 100% functiemix.
• • De verzamelde gegevens over de VS/PA en psychiater in het kostenonderzoek geneeskundige zorg voor specifieke patiëntgroepen en Wlz modulaire pakket thuis over de gemiddelde bruto salariskosten per verloond uur en de declarabele uren en een 100% functiemix. • • De toeslag voor indirecte kosten en de verhouding loon en materiele kosten zijn gelijk aan waarden toegepast bij de prestaties H329, H335 en H336. • • De beleidsregelwaarde van de prestatie reistoeslag zorgverlener is gelijk aan de beleidsregelwaarde van H321 (reiskosten prestaties behandeling).
Artikel 6
De in artikel 5 beschreven beleidsregelwaarden voor tariefvaststelling zijn:
Artikel 7
De NZa stelt de navolgende prestatiebeschrijvingen per doelgroep vast. Deze prestaties zijn alleen van toepassing indien is voldaan aan de voorwaarden als weergegeven in de onderstaande overzichten.
Artikel 8
De prestaties gespecialiseerde zorg kunnen alleen in combinatie met de toeslagen genoemd in de Beleidsregel zorgzwaartepakketten en volledig pakket thuis Wlz of de Beleidsregel prestatiebeschrijving en tarief zzp-meerzorg Wlz worden gedeclareerd indien de toeslagen geen relatie hebben tot de aandoening van de doelgroep.
Artikel 9
Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de Beleidsregel prestatiebeschrijving en tarief gespecialiseerde zorg Wlz 2024, met kenmerk BR/REG-24126a, ingetrokken.
Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de gepubliceerde maar nog niet in werking getreden Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven gespecialiseerde zorg Wlz 2025, met kenmerk BR/REG-25133, ingetrokken.
Artikel 10
De Beleidsregel prestatiebeschrijving en tarief gespecialiseerde zorg Wlz 2024, met kenmerk BR/REG-24126a, blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregel gold.
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2025.
Indien de Staatscourant waarin de beleidsregel ingevolge artikel 5, aanhef en onder e, van de Bekendmakingswet, wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 2024, treedt de beleidsregel in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin de beleidsregel wordt geplaatst en werkt zij terug tot en met 1 januari 2025.
De beleidsregel ligt ter inzage bij de NZa en is te raadplegen op www.nza.nl.
De bijlage Onderbouwing per prestatie maakt deel uit van deze beleidsregel. Deze bijlage ligt uitsluitend ter inzage bij de NZa en is te raadplegen op www.nza.nl en https://puc.overheid.nl/nza/.
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven gespecialiseerde zorg Wlz 2025.
Bijlage . Onderbouwing per prestatie
Ligt ter inzage bij de NZa.
Gepubliceerd op www.nza.nl en https://puc.overheid.nl/nza/.