rijk/zbo/besluit-organisatie-mandaat-volmacht-en-machtiging-kansspelautoriteit-2012/BWBR0033151
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging kansspelautoriteit 2012 BWBR0033151 zbo geldend 2012-04-20 https://wetten.overheid.nl/BWBR0033151 Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging kansspelautoriteit 2012

Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging kansspelautoriteit 2012

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *de wet:* de Wet op de kansspelen;

b. b.

    *de kansspelautoriteit:* De kansspelautoriteit als bedoeld in artikel 33 van de wet;

c. c.

    *de raad:* de raad van bestuur van de kansspelautoriteit als bedoeld in artikel 33a van de Wet;

d. d.

    *de minister:* de minister van Veiligheid en Justitie;

e. e.

    *voorzitter:* degene die als voorzitter van de raad van bestuur van de kansspelautoriteit is benoemd door de minister;

f. f.

    *bestuurslid:* degene die als lid van de raad van bestuur is benoemd door de minister;

g. g.

    *directeur:* degene die is belast met de dagelijkse leiding van het bureau van de kansspelautoriteit;

h. h.

    *afdelingshoofd:* de functionaris belast met de leiding van een afdeling bij de kansspelautoriteit;

i. i.

    *medewerkers/functionarissen:* personeel in tijdelijke of vaste dienst of als gedetacheerde bij de kansspelautoriteit werkzaam;

j. j.

    *het register:* het register voor (onder) mandaat, volmacht en machtiging als bedoeld in artikel 13 van dit besluit.

Hoofdstuk . Organisatie

Artikel 2

De kansspelautoriteit bestaat uit de volgende dienstonderdelen.

De afdeling Voorlichting is belast met het geven van voorlichting en informatie aan burgers, medeoverheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties. De voorlichting omvat zowel persvoorlichting als ook publieksvoorlichting.

De afdeling Vergunningen is belast met het verlenen van vergunningen voor incidentele kansspelen, (semi-) permanente kansspelen en speelautomaten. Daarbij biedt ze technische ondersteuning en geeft advies aan keuringsinstellingen en de speelautomatenbranche ten behoeve van een eenduidige keuringspraktijk en modern toezicht.

De afdeling Toezicht is opgebouwd uit een binnen- en een buitendienst. De binnendienst draagt voornamelijk zorg voor het algemene opsporingsbeleid, de informatievergaring en de aansturing van de buitendienst. De buitendienst draagt zorg voor het opsporen en bestrijden van illegale kansspelen. Daarnaast houdt deze afdeling toezicht op de verstrekte vergunningen alsmede toezicht op promotionele kansspelen.

De afdeling Juridische zaken biedt de Ksa juridische ondersteuning, onderhoudt internationale contacten, coördineert de verslavingszorg en ontwikkelt het uitvoeringsbeleid van de kansspelautoriteit.

De afdeling Bedrijfsvoering levert bedrijfsmatige ondersteuning aan de primaire processen van de kansspelautoriteit. Daarbij gaat het zowel om de reguliere bedrijfsvoeringsprocessen als om het bieden van inhoudelijke ondersteuning aan het bestuur en de directie van de kansspelautoriteit met betrekking tot de bedrijfsvoering.

De Staf ondersteunt de raad, de directeur en het managementteam en draagt zorg voor de planning- en controlcyclus. Daarnaast zorgt de staf in samenwerking met de afdeling Juridische zaken voor het vervaardigen van een jaarlijks overzicht van de ontwikkeling van de kansspelen in Nederland.

Artikel 3

1. De directeur is ambtelijk eindverantwoordelijk voor de leiding van de in artikel 2 genoemde dienstonderdelen.

2. Bij afwezigheid of verhindering van de directeur worden, voor de duur van de afwezigheid of verhindering, diens taken en bevoegdheden waargenomen door het afdelingshoofd dat door de directeur als zijn plaatsvervanger is aangewezen.

Hoofdstuk . Mandaat

Artikel 4

1.

Aan de voorzitter van de raad van bestuur kan mandaat worden verleend ten aanzien van de tot de verantwoordelijkheid van de raad van bestuur behorende aangelegenheden, met uitzondering van:

a. a. het nemen van sanctiebesluiten; b. b. het nemen van beslissingen op bezwaar ten aanzien van sanctiebesluiten; c. c. het nemen van beslissingen ten aanzien van klachten op grond van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht; d. d. het nemen van besluiten die neergelegd zijn in een document, gericht tot:

        
        de minister van Veiligheid en Justitie;
      
      
        
        de Tweede Kamer;
      
      
        
        de Nationale ombudsman, indien de strekking daarvan is dat aan een aanbeveling van de Nationale ombudsman geen gevolg wordt gegeven.

de minister van Veiligheid en Justitie; de Tweede Kamer; de Nationale ombudsman, indien de strekking daarvan is dat aan een aanbeveling van de Nationale ombudsman geen gevolg wordt gegeven.

2.

Aan de directeur kan mandaat worden verleend ten aanzien van de tot de verantwoordelijkheid van de raad van bestuur behorende aangelegenheden, met uitzondering van:

a. a. het nemen van sanctiebesluiten; b. b. het nemen van beslissingen op bezwaar ten aanzien van sanctiebesluiten; c. c. het nemen van beslissingen ten aanzien van klachten op grond van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht; d. d. het nemen van besluiten die neergelegd zijn in een document, gericht tot:

        
        de minister van Veiligheid en Justitie,
      
      
        
        de Tweede Kamer,
      
      
        
        de Nationale ombudsman, indien de strekking daarvan is dat aan een aanbeveling van de Nationale ombudsman geen gevolg wordt gegeven.

de minister van Veiligheid en Justitie, de Tweede Kamer, de Nationale ombudsman, indien de strekking daarvan is dat aan een aanbeveling van de Nationale ombudsman geen gevolg wordt gegeven.

3. De directeur wordt toegestaan ondermandaat te verlenen aan de afdelingshoofden.

4. Verleend ondermandaat kan slechts één hiërarchisch niveau verder worden doorgegeven.

5. Het verlenen van ondermandaat behoeft de goedkeuring van de raad.

Artikel 5

  1. De ondermandaatregeling als bedoeld in het vorige artikel bevat in ieder geval de functieomschrijving van de te mandateren functionarissen alsmede de aan deze functionarissen in ondermandaat verleende bevoegdheden. De ondermandaatregeling maakt deel uit van het register als bedoeld in artikel 13.

Artikel 6

1. De directeur is bevoegd om namens de raad beschikkingen te nemen ten aanzien van de rechtspositie, inclusief het in dienst nemen en het ontslaan, van de onder hem ressorterende medewerkers. De raad en de directeur maken nadere afspraken over de uitoefening van deze bevoegdheid.

2. De directeur is bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan de afdelingshoofden ten aanzien van de in het eerste lid genoemde aangelegenheden die tot hun afdeling behoren.

Hoofdstuk . Volmacht

Artikel 7

1. De directeur is gevolmachtigd tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen overeenkomstig de daartoe met de raad gemaakte afspraken.

2. De directeur is bevoegd tot het doorverlenen van de in het eerste lid bedoelde volmacht aan onder hem ressorterende functionarissen.

Hoofdstuk . Machtiging

Artikel 8

1. De directeur is gemachtigd tot het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

2. De directeur is bevoegd tot het doorverlenen van de in het eerste lid bedoelde machtiging aan onder hem ressorterende functionarissen.

Hoofdstuk . Overige bepalingen

Artikel 9

De directeur, het afdelingshoofd Juridische zaken en de onder hem ressorterende juristen zijn bevoegd de raad te vertegenwoordigen in bezwaar- en gerechtelijke procedures.

Artikel 10

1. Behoudens de gevallen waarin een adviescommissie ex artikel 7:13 Awb is ingesteld, leidt een jurist van de afdeling Juridische zaken in het kader van de behandeling van een bezwaarschrift de hoorzitting.

2. De hoorzittingen zijn niet openbaar.

Artikel 11

1. Bij afwezigheid of verhindering van de directeur worden, voor de duur van de afwezigheid of verhindering, diens taken en bevoegdheden waargenomen door het afdelingshoofd dat door de directeur als zijn plaatsvervanger is aangewezen.

2. Afdelingshoofden van de in artikel 2 genoemde afdelingen wordt toegestaan elkaar volledig te vervangen. Zij treden daarbij in elkaars, in artikel 2 genoemde bevoegdheden.

Artikel 12

De functionaris aan wie bij dit besluit mandaat en/of volmacht is verleend, heeft een informatieplicht jegens degene die het mandaat of de volmacht heeft gegeven.

Artikel 13

1. Er is een register voor mandaat, ondermandaat, volmacht en machtiging.

2.

In het register wordt in ieder geval vermeld:

a. a. de besluiten waarvoor mandaat, ondermandaat, volmacht en machtiging is gegeven; b. b. de functionaris waaraan mandaat, ondermandaat, volmacht en machtiging is verleend.

3. Het register wordt vastgesteld door de raad.

4. Het register ligt ter inzage bij de afdeling Juridische zaken.

Artikel 14

Een wijziging van de bij dit besluit behorende bijlagen behoeft de instemming van de raad.

Artikel 15

Een namens de raad ondertekend document vermeldt aan het slot de afsluiting volgens het model in bijlage I van dit besluit.

Artikel 16

In geschillen over de uitleg van dit besluit, beslist de voorzitter van de raad.

Artikel 17

Dit besluit werkt terug tot en met 1 april 2012.

Artikel 18

Dit besluit wordt aangehaald als het Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging kansspelautoriteit 2012.

Bijlage I. Model ondertekening als bedoeld in artikel 20 van dit besluit