40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling Financieel Mandaat RDW | BWBR0019716 | zbo | geldend | 2006-04-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0019716 | Regeling Financieel Mandaat RDW |
Regeling Financieel Mandaat RDW
Artikel 1
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van financiële verplichtingen – voorzover ze een geldelijk belang van € 250.000,– inclusief BTW niet te boven gaan – gemandateerd en volmacht verleend aan:
a. a. de Divisiemanager Voertuigtechniek; b. b. de Divisiemanager Registratie en Informatie; c. c. de Manager ICT Bedrijf (Informatie en Communicatie Technologie).
Artikel 2
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van financiële verplichtingen – voorzover ze een geldelijk belang van € 100.000,– inclusief BTW niet te boven gaan – gemandateerd en volmacht verleend aan:
a. a. de Adjunct-directeur; b. b. de Clustermanagers ICT; c. c. Facilitair Manager.
Artikel 3
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van financiële verplichtingen – voorzover ze een geldelijk belang van € 50.000,– inclusief BTW niet te boven gaan – gemandateerd en volmacht verleend aan:
a. a. de Manager F&C (Financiën en Control); b. b. de Manager HR (Human Resources); c. c. de Manager JBZ (Juridische en Bestuurlijke Zaken); d. d. de Manager OVR (Ontwikkeling Voertuigreglementering); e. e. de Manager Communicatie (Afdeling Communicatie); f. f. de Manager SEO (Strategie en Externe Ontwikkelingen); g. g. de volgende functionarissen, werkzaam bij de Divisie Voertuigtechniek, te weten:
1.
de Lijncontroller;
2.
het hoofd Algemene Staf;
3.
het hoofd Operationele Staf;
4.
de Manager Typegoedkeuringen;
5.
de Manager Toelating Exceptioneel Transport;
6.
de Regiomanager regio Noord;
7.
de Regiomanager regio West;
8.
de Regiomanager regio Zuid;
-
-
de Lijncontroller;
-
-
-
het hoofd Algemene Staf;
-
-
-
het hoofd Operationele Staf;
-
-
-
de Manager Typegoedkeuringen;
-
-
-
de Manager Toelating Exceptioneel Transport;
-
-
-
de Regiomanager regio Noord;
-
-
-
de Regiomanager regio West;
-
-
-
de Regiomanager regio Zuid;
-
h. h. de volgende functionarissen, werkzaam bij de Divisie Registratie en Informatie, te weten:
1.
de Afdelingsmanager Operations;
2.
de Afdelingsmanager Relatiemanagement;
3.
de Afdelingsmanager Klantenservice;
4.
de Afdelingsmanager Managementondersteuning;
-
-
de Afdelingsmanager Operations;
-
-
-
de Afdelingsmanager Relatiemanagement;
-
-
-
de Afdelingsmanager Klantenservice;
-
-
-
de Afdelingsmanager Managementondersteuning;
-
i. i. de volgende functionarissen werkzaam bij het ICT Bedrijf, te weten: – de inkopers; j. j. de volgende functionaris werkzaam bij het Facilitair Bedrijf, te weten: – het hoofd van het stafbureau.
Artikel 4
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van financiële verplichtingen – voorzover ze een geldelijk belang van € 25.000,– inclusief BTW niet te boven gaan – gemandateerd en volmacht verleend aan:
de volgende functionarissen werkzaam bij het Facilitair Bedrijf, te weten:
-
- het hoofd van de interne dienst Zoetermeer;
-
- het hoofd van de interne dienst Veendam;
-
- het hoofd van de technische dienst;
-
- het hoofd van de afdeling Documenten en Informatievoorziening (DIV);
-
- de Informatie & Automatiseringscoördinator.
Artikel 5
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van financiële verplichtingen – voorzover ze een geldelijk belang van € 12.500,– inclusief BTW niet te boven gaan – gemandateerd en volmacht verleend aan:
a. a. de volgende functionarissen werkzaam bij het bedrijfsproces TGK:
1.
de Manager Testen;
2.
de Manager Certificeren;
3.
de Manager Administratie en Registerbeheer (A&R);
4.
de Manager Testcentrum Lelystad (TCL);
-
-
de Manager Testen;
-
-
-
de Manager Certificeren;
-
-
-
de Manager Administratie en Registerbeheer (A&R);
-
-
-
de Manager Testcentrum Lelystad (TCL);
-
b. b. de volgende functionarissen werkzaam bij de bedrijfsprocessen IK en APK:
1.
de hoofden van de keuringsstations;
2.
het hoofd van de afdeling Individueel keuren speciaal (IKS);
3.
de hoofden van de regioadministratie;
-
-
de hoofden van de keuringsstations;
-
-
-
het hoofd van de afdeling Individueel keuren speciaal (IKS);
-
-
-
de hoofden van de regioadministratie;
-
c. c. de volgende functionarissen werkzaam bij de Divisie Registratie en Informatie:
1.
van de Afdeling Operations:
a.
de unitmanager Voertuigregistratie en Documenten;
b.
de unitmanager Aansprakelijkheids- en Persoonsregistratie;
c.
de unitmanager Erkenningen en Toezicht;
d.
de unitmanager Rijbewijzen;
e.
de unitmanager Handhaving;
2.
van de Afdeling RDW Klantenservice:
a.
de unitmanager KlantContactCentrum;
b.
de unitmanager WPR;
c.
de unitmanager Landelijk Informatiecentrum Voertuigcriminaliteit (LIV);
d.
de unitmanager Kennismanagement;
-
-
van de Afdeling Operations: a. de unitmanager Voertuigregistratie en Documenten; b. de unitmanager Aansprakelijkheids- en Persoonsregistratie; c. de unitmanager Erkenningen en Toezicht; d. de unitmanager Rijbewijzen; e. de unitmanager Handhaving;
-
a. a. de unitmanager Voertuigregistratie en Documenten; b. b. de unitmanager Aansprakelijkheids- en Persoonsregistratie; c. c. de unitmanager Erkenningen en Toezicht; d. d. de unitmanager Rijbewijzen; e. e. de unitmanager Handhaving; 2. 2. van de Afdeling RDW Klantenservice:
a.
de unitmanager KlantContactCentrum;
b.
de unitmanager WPR;
c.
de unitmanager Landelijk Informatiecentrum Voertuigcriminaliteit (LIV);
d.
de unitmanager Kennismanagement;
a. a. de unitmanager KlantContactCentrum; b. b. de unitmanager WPR; c. c. de unitmanager Landelijk Informatiecentrum Voertuigcriminaliteit (LIV); d. d. de unitmanager Kennismanagement; d. d. de volgende functionarissen werkzaam bij het Facilitaire Bedrijf Zoetermeer: – de inkopers; e. e. de volgende functionarissen werkzaam bij het Facilitaire Bedrijf Veendam: – de inkopers.
Artikel 6
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van financiële verplichtingen – voorzover ze een geldelijk belang van € 2.500,– inclusief BTW niet te boven gaan – gemandateerd en volmacht verleend aan:
de volgende functionarissen werkzaam bij de bedrijfsprocessen IK en APK:
– de financieel medewerkers van de regio’s.
Artikel 7
De in de artikelen 1 tot en met 6, bedoelde volmachten betreffen uitsluitend het aangaan van financiële verplichtingen voor de aanschaf van roerende zaken (inkoop) en het aangaan van huurovereenkomsten, verzekeringen, vervoersovereenkomsten en het opdragen van werkzaamheden aan derden, voorzover deze rechtshandelingen betrekking hebben op de, aan de betrokken functionaris opgedragen taken.
Artikel 8
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van verplichtingen, in het kader van dienstverlening voor derden op basis van de Regeling taken Dienst Wegverkeer, – voorzover ze een geldelijk belang van € 200.000,– inclusief BTW niet te boven gaan – mandaat en volmacht verleend aan:
a. a. de Divisiemanager Voertuigtechniek; b. b. de Divisiemanager Registratie en Informatie.
Artikel 9
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van verplichtingen, in het kader van dienstverlening voor derden op basis van de Regeling taken Dienst Wegverkeer, – voorzover ze een geldelijk belang van € 50.000,– inclusief BTW niet te boven gaan – mandaat en volmacht verleend aan:
a. a. de Adjunct-directeur; b. b. de Afdelingsmanager Relatiemanagement; c. c. de R&I Relatiemanagers; d. d. de Manager ICT Bedrijf (Informatie en Communicatie Technologie); e. e. de Facilitair Manager; f. f. de Manager F&C (Financiën en Control); g. g. de Manager HR (Human Resources); h. h. de Manager JBZ (Juridische en Bestuurlijke Zaken); i. i. de Manager OVR (Ontwikkeling Voertuigreglementering); j. j. de Manager Communicatie (Afdeling Communicatie); k. k. de Manager SEO (Strategie en Externe Ontwikkelingen); l. l. het hoofd van het bedrijfsproces TGK (Typegoedkeuring).
Artikel 10
De aan de Directie bij artikel 4g, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 verleende bevoegdheid wordt ten aanzien van het aangaan van verplichtingen, in het kader van dienstverlening voor derden op basis van de Regeling taken Dienst Wegverkeer, – voorzover ze een geldelijk belang van € 25.000,– inclusief BTW niet te boven gaan – mandaat en volmacht verleend aan:
– de Manager van het Testcentrum Lelystad (TCL).
Artikel 11
1. Uitsluitend de in de artikelen 1 tot en met 10 genoemde functionarissen zijn bevoegd om offertes dan wel prijsopgaven bij derden aan te vragen, ten behoeve van het aangaan van de financiële verplichtingen waartoe zij krachtens dit mandaat bevoegd zijn.
2. De door de Directie aan de in de artikelen 1 tot en met 10 genoemde functionarissen verleende bevoegdheden kunnen slechts worden uitgeoefend door die waarnemers van bedoelde functionarissen die door de Directie daartoe schriftelijk zijn aangewezen.
Artikel 12
a. a. Aan de Directie blijven voorbehouden:
–
het kwijtschelden van vorderingen;
–
het aangaan van nationale en internationale samenwerkingsverbanden;
–
het aangaan van verplichtingen in het kader van dienstverlening voor derden, met dien verstande dat deze verplichtingen ook mogen worden aangegaan door de in de artikelen 8, 9 en 10, van deze regeling genoemde functionarissen, voorzover ze de in deze artikelen bedoelde geldelijke belangen niet te boven gaan;
–
de aanschaf van onroerende zaken en het vervreemden van roerende en onroerende zaken.
– – het kwijtschelden van vorderingen; – – het aangaan van nationale en internationale samenwerkingsverbanden; – – het aangaan van verplichtingen in het kader van dienstverlening voor derden, met dien verstande dat deze verplichtingen ook mogen worden aangegaan door de in de artikelen 8, 9 en 10, van deze regeling genoemde functionarissen, voorzover ze de in deze artikelen bedoelde geldelijke belangen niet te boven gaan; – – de aanschaf van onroerende zaken en het vervreemden van roerende en onroerende zaken. b. b. Aan de Directie en de in artikel 1 genoemde functionarissen blijven voorbehouden: – aangelegenheden met een geldelijk belang waarvan de financiële gevolgen de periode van drie jaar overschrijden.
Artikel 13
De in de artikelen 1 tot en met 10 genoemde functionarissen maken van het aan hen verleende mandaat en volmacht uitsluitend gebruik,
a. a. voorzover het aangelegenheden betreft die behoren tot hun werkterrein en als zodanig zijn opgenomen in het door de directie vastgestelde werkplan of het financiële meerjarenbeleidplan, b. b. met inachtneming van de geldende richtlijnen en procedures.
Artikel 14
De in deze regeling omschreven mandatering en volmacht betreft niet het aangaan van financiële verplichtingen op personeelsgebied, zoals het in vaste of tijdelijke dienst aannemen en bevorderen van medewerkers.
Voor de regelingen betreffende deze en andere personele aangelegenheden, zoals het verlenen van ontslag en het opleggen van disciplinaire straffen, wordt verwezen naar de ‘Mandaatregeling Human Resource bevoegdheden RDW’ en het ‘Rechtspositiereglement RDW’.
Artikel 15
Indien naar de mening van de directie door betrokken functionarissen geen juist gebruik wordt gemaakt van het aan hen verleende mandaat en volmacht, kan de directie te allen tijde deze bevoegdheden intrekken of wijzigen.
Artikel 16
De stukken die door de in de artikelen 1 tot en met 10 genoemde functionarissen op grond van deze regeling worden ondertekend, vermelden aan het slot:
De directie van de RDW,
namens deze,
Gevolgd door functieaanduiding, handtekening en naam van de betrokken functionaris.
Artikel 17
De Regeling Financieel Mandaat RDW van 12 maart 2004, Stcrt. 30 maart 2004 nr. 62, wordt ingetrokken.
Artikel 18
Deze regeling wordt aangehaald als: ‘Regeling Financieel Mandaat RDW’.
Artikel 19
Deze regeling wordt gepubliceerd in de Staatscourant en treedt in werking op 1 april 2006. Een afschrift zal worden gezonden aan de in deze regeling genoemde functionarissen.