40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling Immaterieel erfgoed in stedelijke context | BWBR0043781 | zbo | geldend | 2020-07-04 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0043781 | Regeling Immaterieel erfgoed in stedelijke context |
Regeling Immaterieel erfgoed in stedelijke context
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a.
*Algemeen Subsidiereglement:*
Algemeen Subsidiereglement stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;
b. b.
*adviescommissie:* een interne of externe adviescommissie, zoals bedoeld in het Huishoudelijk Reglement van de Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie 2019;
c. c.
*bestuur:* het bestuur van Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;
d. d.
*erfgoedbeoefening:* erfgoedactiviteiten die door een persoon in de vrije tijd worden uitgevoerd;
e. e.
*erfgoedbeoefenaar:* persoon die in zijn of haar vrije tijd actief participeert op het gebied van immaterieel erfgoed in een erfgoedgemeenschap;
f. f.
*erfgoedgemeenschap:* personen die immaterieel erfgoed beoefenen en waarde hechten aan specifieke aspecten daarvan die ze op basis van vrijwillige inzet voor en met elkaar willen ontwikkelen en doorgeven aan anderen;
g. g.
*Fonds:* het Fonds voor Cultuurparticipatie;
h. h.
*immaterieel erfgoed:* cultuuruitingen die door erfgoedgemeenschappen worden beleefd als erfgoed en hun een gevoel van identiteit en continuïteit geven. Dit immaterieel erfgoed wordt vormgegeven in samenhang met maatschappelijke veranderingen en in interactie met de omgeving, en doorgegeven;
i. i.
*Koninkrijk der Nederlanden:* Nederland, Aruba, Curaçao, Sint-Maarten en de bijzondere gemeenten Bonaire, Sint-Eustatius en Saba.
Artikel 2
Met deze regeling stimuleert het Fonds om mensen in stedelijke context met elkaar in verbinding te brengen door de beoefening en beleving van immaterieel erfgoed. Door deze verbindingen wordt de sociale waarde van het erfgoed benut en wordt het borgen, ontwikkelen en doorgeven ervan gestimuleerd.
Artikel 3
Subsidie kan uitsluitend worden aangevraagd door een in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde stichting of vereniging met rechtspersoonlijkheid zonder winstoogmerk, die zich inzet voor immaterieel erfgoed of erfgoedbeoefening dan wel die een erfgoedgemeenschap vertegenwoordigt.
Artikel 4
1. Een organisatie kan subsidie aanvragen voor een project dat ontwikkeld wordt voor of door gemeenschappen, beoefenaars, groepen of netwerken. De aanvraag is gericht op het stimuleren, beoefenen, zichtbaar maken, mogelijk maken, ontwikkelen of doorgeven van immaterieel erfgoed in stedelijke context.
2. Het project heeft een maximale looptijd van twee jaar en start uiterlijk binnen zes maanden na subsidieverlening.
3. Het project start niet eerder dan 13 weken na indiening van de aanvraag.
Artikel 5
1. Het subsidieplafond bedraagt € 400.000,–.
2. Het Fonds kan de hoogte van het subsidieplafond wijzigen. Wijzigingen worden op de website van het Fonds bekendgemaakt.
Artikel 6
De bij het Fonds aangevraagde subsidie bedraagt minimaal € 2.500 en maximaal € 50.000 per project.
Artikel 7
1.
Subsidie wordt in ieder geval geweigerd indien de aanvrager voor dezelfde activiteiten reeds subsidie ontvangt:
a. a. op grond van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid; b. b. van het Fonds; of c. c. van één van de andere rijkscultuurfondsen.
2.
Onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht wordt subsidie in ieder geval geweigerd als:
a. a. de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd ten tijde van het indienen van de aanvraag reeds worden uitgevoerd; of b. b. de aanvraag gericht is op activiteiten die kunnen worden aangemerkt als reguliere of terugkerende activiteiten dan wel redelijkerwijs gefinancierd kunnen worden uit het reguliere (taakstellend)budget van de aanvrager.
3. Subsidie wordt geweigerd als de activiteiten niet, of niet voldoende aansluiten bij het doel van de regeling.
4. Subsidie kan worden geweigerd als de aanvrager in voorgaande jaren subsidie van het Fonds heeft ontvangen en niet of niet geheel heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.
Artikel 8
1.
Subsidie wordt slechts verstrekt voor zover:
a. a. er sprake is van een begrotingstekort en de behoefte aan ondersteuning door het Fonds wordt aangetoond; en b. b. de aanvrager aannemelijk maakt dat de beschikbare financiële middelen, met inbegrip van de subsidie van het Fonds, voldoende zijn om het project uit te voeren.
2. De subsidie bedraagt niet meer dan 75% van de totale voor subsidie in aanmerking komende projectkosten.
3. De hoogte van de subsidie dient in redelijke verhouding te staan tot de activiteiten waarvoor wordt aangevraagd.
4. Slechts direct aan het project gerelateerde kosten komen voor subsidie in aanmerking.
5. De post onvoorzien op de begroting mag niet meer bedragen dan 7% van de totale kosten van het project.
6. Maximaal 20% van de subsidie van het Fonds mag worden ingezet voor materiële investeringen die benodigd zijn voor het project.
Artikel 9
1. De subsidieontvanger is verplicht tot kennisdeling van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt.
2. De subsidieontvanger werkt overeenkomstig de principes van de Governance Code Cultuur of de code die voor de betreffende sector van toepassing is.
Hoofdstuk 2. Aanvraag
Artikel 10
Een aanvraag kan worden ingediend van maandag 13 juli 2020 tot en met vrijdag 31 juli 2021, of totdat het subsidieplafond is bereikt.
Artikel 11
1. Een aanvraag wordt ingediend via www.cultuurparticipatie.nl door middel van een digitaal aanvraagformulier.
2. Een aanvraag gaat ten minste vergezeld van een projectplan voor de gehele looptijd van het project en een sluitende begroting.
3. Een onvolledige aanvraag wordt pas in behandeling genomen als de aanvraag is aangevuld. Het moment waarop de aanvraag volledig is, wordt beschouwd als het moment van het indienen van de aanvraag.
Artikel 12
1.
Aanvragen worden beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:
a. a. inhoudelijke kwaliteit; b. b. organisatorische kwaliteit; en c. c. impact.
2. Om voor subsidie in aanmerking te komen, dient een aanvraag te voldoen aan alle criteria. De toelichting bij deze regeling bevat de wijze waarop de criteria worden beoordeeld.
Artikel 13
Als de aanvragen voldoen aan de formele vereisten voor het indienen van de aanvraag, neemt het Fonds een beslissing over de aanvraag. Daarbij geldt dat voorafgaand aan het nemen van dat besluit:
a. a. aanvragen tot en met € 25.000,– worden voorzien van een advies van de interne adviescommissie; b. b. aanvragen boven de € 25.000,– worden voorzien van een advies van de externe adviescommissie.
Artikel 14
Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst, waarbij alleen volledige aanvragen in behandeling worden genomen.
Artikel 15
Het Fonds beslist binnen 13 weken nadat een aanvraag is ontvangen.
Hoofdstuk 3. Slotbepalingen
Artikel 16
Het Fonds kan in zeer uitzonderlijke gevallen ten gunste van een aanvrager van bepalingen in deze regeling afwijken als de toepassing van deze regeling tot een onvoorzien en onredelijk benadelend gevolg zou leiden voor de betreffende aanvrager.
Artikel 17
Voor zover deze regeling daar niet in voorziet zijn de bepalingen uit het Algemeen Subsidiereglement stichting Fonds voor Cultuurparticipatie van toepassing.
Artikel 18
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag nadat deze in de Staatscourant is gepubliceerd.
2. Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2024. Op bezwaar- en beroepsprocedures die op dat moment nog niet zijn afgerond, blijft het bepaalde in deze regeling van toepassing.
Artikel 19
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Immaterieel erfgoed in stedelijke context.