rijk/zbo/reglement-commissie-toetsing-rechtsbijstandverlening/BWBR0042086
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Reglement commissie toetsing rechtsbijstandverlening BWBR0042086 zbo geldend 2019-04-02 https://wetten.overheid.nl/BWBR0042086 Reglement commissie toetsing rechtsbijstandverlening

Reglement commissie toetsing rechtsbijstandverlening

Artikel 1

Het bestuur van de Raad voor Rechtsbijstand (hierna: de Raad) kan naar aanleiding van hem bekend geworden feiten en omstandigheden besluiten de werkzaamheden van een bepaalde rechtsbijstandverlener op zorgvuldigheid en doelmatigheid te onderzoeken. Dit onderzoek ziet in beginsel op de rechtsbijstand die de betrokken rechtsbijstandverlener in een bepaalde periode in het algemeen heeft verleend, maar kan ook betrekking hebben op de aan een specifieke rechtzoekende verleende rechtsbijstand.

Artikel 2

1. Indien de Raad het voornemen heeft een onderzoek in te stellen, informeert de Raad de betrokken rechtsbijstandverlener hierover, waarbij hij toelicht welke feiten en omstandigheden hebben geleid tot dit voornemen.

2. De rechtsbijstandverlener wordt geïnformeerd over de wijze waarop het onderzoek zal plaatsvinden.

Artikel 3

1. Het onderzoek wordt verricht door een commissie bestaande uit 3 advocaten. Deze commissie wordt door de Raad benoemd voor de duur van het onderzoek naar een bepaalde rechtsbijstandverlener.

2. De commissie wijst uit haar midden de voorzitter aan.

3. Alle leden van de commissie zijn in de uitoefening van hun taak in het kader van het onderzoek onafhankelijk en functioneren zonder last of ruggespraak.

Artikel 4

1. De commissie wordt administratief ondersteund door een secretaris, die in dienst is van de Raad.

2. De secretaris verzorgt de correspondentie namens de commissie.

3. De secretaris is geen lid van de commissie en neemt geen deel aan de besluitvorming.

Artikel 5

Een lid van de commissie kan zich verschonen op grond van feiten of omstandigheden, die zijn onpartijdigheid zouden kunnen aantasten.

Artikel 6

De leden van de commissie en de secretaris zijn verplicht tot geheimhouding van gegevens die zij bij de uitvoering van hun taak tot hun beschikking krijgen en waarvan zij het vertrouwelijke karakter kennen of redelijkerwijs kunnen vermoeden.

Artikel 7

1. Het onderzoek zal in beginsel vijftien recente en afgeronde dossiers, omvatten. De dossiers worden getrokken aan de hand van de lijst van door de Raad vastgestelde toevoegingen. Deze dossiers betreffen in beginsel verschillende rechtzoekenden, tenzij het onderzoek zich richt op de rechtsbijstandverlening aan een specifieke rechtzoekende.

2. Indien het onderzoek het vereist, kan de commissie het aantal te onderzoeken dossiers uitbreiden.

3. De commissie vraagt de rechtsbijstandverlener de volledige, bij de getrokken toevoegingen behorende dossiers klaar te leggen. Het onderzoek vindt in beginsel plaats op het kantoor van de rechtsbijstandverlener.

Artikel 8

1. Indien de rechtsbijstandverlener weigert mee te werken aan het onderzoek, daaronder begrepen de weigering de leden van de commissie tot het kantoor toe te laten, meldt de commissie dit aan de Raad.

2. De Raad stelt de rechtsbijstandverlener in de gelegenheid toe te lichten waarom hij weigert mee te werken aan de controle.

3. Is de Raad na deze toelichting van mening dat alsnog moet worden meegewerkt aan de controle, dan meldt hij dit aldus aan de rechtsbijstandverlener. Daarbij wijst hij de rechtsbijstandverlener erop dat volharding in de weigering kan leiden tot doorhaling van de inschrijving.

4. Volharding in de weigering leidt in beginsel tot doorhaling van de inschrijving op grond van artikel 17, tweede lid, onder a, van de Wrb.

Artikel 9

1. De commissieleden bestuderen ieder 5 van de opgevraagde dossiers. Zij leggen hun bevindingen vast in een gezamenlijke rapportage.

2. Bij toetsing of sprake is geweest van doelmatige en zorgvuldige rechtsbijstand houdt de commissie rekening met de in de bijlage genoemde aspecten, alsmede met op het desbetreffende rechtsterrein beschikbare Best Practice Guide en de gedragsregels van de Nederlandse orde van advocaten.

3. Uiterlijk drie maanden na het instellen van de dossiercontrole bespreekt de commissie de rapportage en voorziet zij deze van een conclusie.

4. De commissie zendt de uitkomst van het onderzoek aan de rechtsbijstandverlener. De rechtsbijstandverlener wordt in de gelegenheid gesteld binnen vier weken schriftelijk hierop te reageren.

Artikel 10

De commissie zendt binnen twee weken na ontvangst van de reactie van de rechtsbijstandverlener haar definitieve uitkomst van het onderzoek aan de Raad. De commissie kan de termijn verlengen met twee weken.

De commissie stuurt de rechtsbijstandverlener een afschrift van de uitkomst van het onderzoek.

Artikel 11

De Raad beslist hierna binnen vier weken of hij voornemens is om een maatregel in het kader van het Maatregelbeleid op te leggen.

Artikel 12

Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement commissie toetsing rechtsbijstandverlening.

Bijlage

Bij het beantwoorden van de vraag of sprake is geweest van zorgvuldige en doelmatige rechtsbijstand onderscheidt de Raad, niet limitatief, de volgende aspecten:

Ad a. De communicatie met de rechtzoekende moet minimaal voldoen aan de volgende eisen:

Ad b. De organisatie van het kantoor c.q. de praktijk van de rechtsbijstandverlener dient ingericht te zijn op en te garanderen dat:

Ad c.

Ad d.