40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tarievenbesluit Ctgb 2012 | BWBR0032748 | zbo | geldend | 2012-01-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0032748 | Tarievenbesluit Ctgb 2012 |
Tarievenbesluit Ctgb 2012
Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen
Paragraaf 1.1. : Algemene bepalingen
Artikel 1
In dit reglement wordt verstaan onder:
a) a)
*Verordening:*
verordening (EG) 1107/2009
b) b)
*richtlijn 98/8/EG:*
Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden
c) c)
*de wet:*
Wet op de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden
d) d)
*de regeling:*
regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden
e) e)
*het college:* het in artikel 3 van de wet bedoelde College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden
f) f)
*Onze Minister:* de in artikel 1, van de wet bedoelde Minister
g) g)
*nieuwe werkzame stof (enkel voor biociden):* werkzame stof die niet is vermeld in bijlage I of IA bij richtlijn 98/8/EG en die op 15 mei 2000 nog niet in een lidstaat van de Europese Unie op de markt was en daarmee niet ingevolge een communautaire maatregel is gelijkgesteld.
Artikel 2
2.1.
Behoudens gevallen waarin in dit besluit wordt afgeweken, bestaan de kosten voor de behandeling van een aanvraag of – waar van toepassing – van de voorbereiding van een ambtshalve besluit – uit:
a) a) Aanvraagkosten b) b) Beoordelingskosten c) c) Kosten voor het samenvatten/evalueren van gegevens en studies die geleverd zijn ter onderbouwing van een aanvraag.
2.2. Indien het college besluit tot het stellen van aanvullende vragen, zijn daarvoor ook de daaraan verbonden kosten voor het samenvatten/evalueren en de beoordelingskosten verschuldigd, zoals hieronder in dit besluit opgenomen.
Hoofdstuk 2. Tarieven gewasbeschermingsmiddelen
Paragraaf 2.1. : Aanvraagkosten
Artikel 3
3.1.
In afwijking van het bepaalde in artikel 2 zijn aanvragen als bedoeld in artikel 28 van de verordening, waarbij het Ctgb de onderzoekende lidstaat als bedoeld in artikel 35 van de verordening is, de volgende kosten en tarieven verschuldigd:
a) a) Indien op verzoek van de aanvrager ter voorbereiding op het indienen van een aanvraag tot toelating een pre-submission fase is georganiseerd: € 10.000,– b) b) Een door het college vast te stellen voorschot voor de behandeling van een aanvraag c) c) De op basis van nacalculatie in rekening gebrachte werkelijke kosten in het kader van hetgeen in dit lid, onder a en b is beschreven, door het Ctgb vastgesteld nadat het Ctgb een besluit op de aanvraag heeft genomen d) d)
Paragraaf 2.2: is niet van toepassing.
3.2.
De werkelijk gemaakte kosten, bedoeld in dit besluit, worden berekend aan de hand van:
a) a) het voor het betreffende boekjaar vastgestelde uurtarief, vermenigvuldigd met het aantal door het Ctgb bestede uren. b) b) Het uurtarief voor 2012 bedraagt € 107,–. c) c) De kosten van door het Ctgb in het kader van de behandeling van de aanvraag ingeschakelde derden, inclusief de door het Ctgb aan die derden betaalde BTW.
3.3.
Het bepaalde onder 3.1en 3.2 is voorts van overeenkomstige toepassing op de volgende aanvraagvormen:
a) a) Aanvragen tot een voorlopige toelating zoals bedoeld in artikel 30 van de verordening b) b) Aanvragen tot verlenging van goedkeuring van een werkzame stof of van een toelating als bedoeld in respectievelijk artikel 14 en artikel 43 van de verordening c) c) Europese dan wel zonale aanvragen tot wijziging van de toelating zoals bedoeld in artikel 33 alsmede 45 van de verordening, waarbij het Ctgb de onderzoekende lidstaat als bedoeld in artikel 35 van de verordening is d) d) Europese aanvragen voor middelen voor alleen kastoepassingen op basis van artikel 33, tweede lid, onder b van de verordening, waarbij het Ctgb de onderzoekende lidstaat als bedoeld in artikel 35 van de verordening is e) e) Europese aanvragen voor middelen ter behandeling van zaaizaad op basis van art 33, tweede lid, onder b van de verordening, waarbij het Ctgb de onderzoekende lidstaat als bedoeld in artikel 35 van de verordening is. f) f) Europese aanvragen voor middelen ter behandeling na de oogst op basis van art 33, tweede lid, onder b van de verordening, waarbij het Ctgb de onderzoekende lidstaat als bedoeld in artikel 35 van de verordening is g) g) Europese aanvragen voor middelen ter behandeling van lege opslagruimten op basis van artikel 33, tweede lid, onder b van de verordening, waarbij het Ctgb de onderzoekende lidstaat als bedoeld in artikel 35 van de verordening is h) h) Aanvragen tot herregistratie als bedoeld in artikel 80, vijfde lid van de verordening
i.
waarbij de aanvrager ervoor heeft gekozen om deze vrijwillig in een zonale samenwerkingsstructuur te laten behandelen en
ii.
waarbij het Ctgb als rapporteur optreedt.
i. i. waarbij de aanvrager ervoor heeft gekozen om deze vrijwillig in een zonale samenwerkingsstructuur te laten behandelen en ii. ii. waarbij het Ctgb als rapporteur optreedt.
3.4. Het bepaalde in 3.1 en 3.2 is eveneens van toepassing op gewasbeschermingsmiddelen op basis van micro-organismen, plantenextracten, feromonen en vergelijkbare stoffen, met dien verstande dat het voorschot voor de aanvraagbehandeling als bedoeld in artikel 3.1, onder b) € 25.000,– bedraagt.
3.5. In afwijking van artikel 3.1 geldt voor aanvragen tot toelating van gewasbeschermingsmiddelen die identiek zijn aan een in Nederland al toegelaten gewasbeschermingsmiddel, een tarief ter hoogte van € 1.498,– voor aanvragen tot toelating, indien sinds de toelating van het eerder toegelaten gewasbeschermingsmiddel het relevante wettelijke en wetenschappelijke beoordelingskader, waaronder begrepen de relevante stand van wetenschap en techniek, volkomen ongewijzigd is.
Artikel 4
4.1. Het tarief voor aanvragen tot wederzijdse erkenning van een gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 40 van de verordening bedraagt: € 3.210,00
4.2. Het tarief voor een aanvraag als bedoeld in artikel 33 van de verordening, waarvoor een andere lidstaat de onderzoekende lidstaat als bedoeld in artikel 35 van de verordening is, bedraagt: € 5.350,–
Artikel 5
5.1. Het tarief voor een aanvraag van een vergunning tot parallelhandel zoals bedoeld in artikel 52 van de verordening bedraagt: € 696,00
5.2. Het tarief voor een aanvraag tot uitbreiding van het gebruiksgebied van vergunning tot parallelhandel gewasbeschermingsmiddel bedraagt: € 696,00
5.3. Het tarief voor aanvraag tot toelating van een toevoegingsstof zoals bedoeld in artikel 58 van de verordening en 11.10a Rgb bedraagt: € 696,00
5.4. Paragraaf 2.2: (beoordelingskosten) is op aanvragen, bedoeld in dit artikel niet van toepassing.
Artikel 6
6.1. Het tarief voor aanvragen door de toelatinghouder tot wijziging van de toelating als bedoeld in artikel 45 van de verordening, bedraagt: € 696,00
6.2.
In afwijking van het bepaalde onder 6.1 bedraagt het tarief voor aanvragen in verband met onderstaande wijzigingen van de toelating € 214,–:
a) a) Wijziging naam, adres, vestigingsplaats van de toelatinghouder b) b) Overschrijvingen van de toelating op naam van een ander bedrijf c) c) Overige kleine administratieve wijzigingen
6.3. Het tarief voor een aanvraag tot wijziging van de verpakking en etikettering als bedoeld in artikel 45 van de verordening, bedraagt: € 696,00
6.4. Het tarief voor aanvragen tot wijziging van het Wettelijk Gebruiksvoorschrift/de Gebruiksaanwijzing die enkel alleen betrekking hebben op het Nederlands addendum, bedraagt: € 696,00
6.5. Het tarief voor overige mineure wijzigingen van de toelating als bedoeld in artikel 45 van de verordening, die niet vallen onder artikel 6.3 t/m 6.4, bedraagt: € 696,00
6.6.
Het tarief voor een wijziging van de samenstelling van een toegelaten of voorlopig toegelaten gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 45 van de verordening, bedraagt:
i. i. Indien sprake is van wijziging in de technische werkzame stof (nieuwe bron of andere aanpassing van de werkzame stof): € 856,00 ii. ii. Voor overige, niet-wezenlijke wijzigingen in de samenstelling op basis van artikel 45 van de verordening: € 696,00
Artikel 7
7.1.
De aanvraagkosten voor een aanvraag tot uitbreiding in Nederland (niet-zonaal) van een bestaande toelating met alleen Kleine Toepassingen als bedoeld in artikel 51 van de verordening bedragen € 856,00, indien aan de onderstaande criteria wordt voldaan:
a) a) er is een helpdeskverzoek gedaan als bedoeld onder 47.1onder d) en b) b) er is een advies beschikbaar niet ouder dan zes maanden waaruit blijkt dat:
–
het uitsluitend kleine toepassing(en) betreft
–
en de toepassing(en) binnen de risk envelope van de toelating valt (vallen)
– – het uitsluitend kleine toepassing(en) betreft – – en de toepassing(en) binnen de risk envelope van de toelating valt (vallen) c) c) er een MRL beschikbaar is die het aangevraagde gebruik afdekt
7.2. Het tarief voor andere aanvragen tot wijziging in de zin van artikel 51 van de verordening bedraagt: € 4.762,00.
Artikel 8
Voor aanvragen tot herregistratie van een gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 80, eerste lid van de verordening, geldt een aanvraagtarief ter hoogte van: € 5.778,00
Artikel 9
9.1. Voor aanvragen tot het afleiden van een Maximaal Residu Limiet in het kader van een aanvraag tot toelating van een gewasbeschermingsmiddel geldt het volgende tarief: € 696,00
9.2. Voor een verzoek tot het afleiden van een Maximaal Toelaatbaar Risico (MTR) dat niet is gedaan in het kader van een aanvraag tot toelating is verschuldigd: € 696,00
Paragraaf 2.2. : Beoordelingskosten gewasbeschermingsmiddelen
Artikel 10
Behoudens afwijkingen die elders in dit besluit zijn opgenomen, zijn voor de beoordeling van de volgende aspecten en criteria voor aanvragen met betrekking tot gewasbeschermingsmiddelen de volgende bedragen verschuldigd:
a) a) Werkzaamheid: € 1.284,00 b) b) Fysische en chemische eigenschappen van het middel onderscheidenlijk van elk van de daarin voorkomende werkzame stoffen: € 856,00 c) c) Criteria ten aanzien van de toepasser: € 2.568,00 d) d) Criteria ten aanzien van de volksgezondheid: € 2.568,00 e) e) Criteria ten aanzien van het milieu:
i.
Gedrag en lotgevallen in het milieu: € 1.926,00
ii.
Ecotoxicologie: € 2.996,00
i. i. Gedrag en lotgevallen in het milieu: € 1.926,00 ii. ii. Ecotoxicologie: € 2.996,00 f) f) Criteria ten aanzien van het welzijn van te bestrijden dieren: € 1.231,00 g) g) Eindoordeel over de toelaatbaarheidsaspecten € 1.391,00
Artikel 11
In afwijking van artikel 10 onder c) en e) zijn voor de beoordeling van de volgende aspecten en criteria in het kader van de beoordeling van een aanvraag voor een zaaizaadmiddel voor gebruik op uit te voeren zaaizaad ten behoeve van export, de volgende bedragen verschuldigd:
a) a) Criteria ten aanzien van de toepasser: € 161,00 b) b) Criteria ten aanzien van het milieu: € 161,00
Artikel 12
12.1.
Het bepaalde in artikel 10 onder a) (werkzaamheid) is niet van toepassing voor de beoordeling van aanvragen
a) a) tot vereenvoudigde uitbreiding als bedoeld in artikel 31 Wgb, zoals dit luidde vóór 14 juni 2011, mits de aanvraag administratief volledig is ingediend vóór genoemde datum b) b) tot vereenvoudigde uitbreiding als bedoeld in artikel 31 juncto 121 Wgb, zoals deze luidden vóór 14 juni 2011, mits de aanvraag administratief volledig is ingediend vóór genoemde datum c) c) tot uitbreiding van toelatingen voor kleine toepassingen, bedoeld in artikel 51 van de verordening.
12.2. In afwijking van artikel 10 onder b), is voor de beoordeling van fysisch/chemische eigenschappen in het kader van een aanvraag als bedoeld in het eerste lid verschuldigd: € 214,00
12.3.
Indien in het kader van een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, onder b) gebruik kan worden gemaakt van een vergelijkende beoordeling, zijn in afwijking van artikel 10 onder c) en e) voor de beoordeling de volgende bedragen verschuldigd:
a) a) Criteria ten aanzien van de toepasser: € 428,00 b) b) Criteria ten aanzien van het milieu:
i.
Gedrag en lotgevallen in het milieu: € 530,00
ii.
Ecotoxicologie: € 530,00
i. i. Gedrag en lotgevallen in het milieu: € 530,00 ii. ii. Ecotoxicologie: € 530,00
Artikel 13
In afwijking van artikel 10 zijn voor de beoordeling van een wederzijdse erkenning of een aanvraag tot toelating van een gewasbeschermingsmiddel waarbij het Ctgb niet de rapporteur in de zin van artikel 35 van de verordening is, de volgende bedragen verschuldigd:
a) a) De werkzaamheid: € 856,00 b) b) De fysische en chemische eigenschappen van het middel: € 321,00 c) c) Criteria ten aanzien van de toepasser: € 2.354,00 d) d) Criteria ten aanzien van de volksgezondheid: € 642,00 e) e) Criteria ten aanzien van het milieu: f) f) Gedrag en lotgevallen in het milieu € 1.498,00 g) g) Ecotoxicologie € 2.033,00
Artikel 14
In afwijking van artikel 10 onder c) tot en met e) zijn voor de beoordeling van de volgende aspecten en criteria in het kader van een wederzijdse erkenning van een toelating van een gewasbeschermingsmiddel op basis van
a) a) Micro-organismen b) b) Plantenextracten c) c) Feromonen d) d) Met stoffen die vergelijkbaar zijn met de onder a) tot en met c) genoemde stoffen,
de volgende bedragen verschuldigd:
a) a) Criteria ten aanzien van de toepasser en de volksgezondheid: € 1.070,00 b) b) Criteria ten aanzien van het milieu: € 1.070,00
Artikel 15
Voor het afleiden van een MTR zijn de bedragen als genoemd in bijlage I van dit besluit verschuldigd.
Artikel 16
Voor de beoordeling zijn, voor zover van toepassing, de bedragen als genoemd in artikel 10 onder d) en g) verschuldigd, alsmede de bedragen als genoemd in bijlage I van dit besluit.
Artikel 17
17.1. Indien de de behandelde gewassen niet in de voedselketen komen: € 214,00
17.2.
Indien de behandelde gewassen in de voedselketen zouden kunnen komen:
a) a) Het basisbedrag: € 268,00 b) b) Per 5 gewassen waarvoor ontheffing van de voorwaarde dat de behandelde gewassen niet in de voedselketen mogen komen, wordt aangevraagd: € 107,00
Paragraaf 2.3. : Aanvragen tot goedkeuring van werkzame stoffen
Artikel 18
18.1. Voor het indienen van een aanvraag tot goedkeuring van een werkzame stof als bedoeld in artikel 7 of artikel 80, eerste lid van de verordening is verschuldigd: € 12.500,00
18.2. In afwijking van het eerste lid is voor het indienen van een aanvraag tot goedkeuring van een werkzame stof bestaande uit micro-organismen, plantenextracten, feromonen dan wel een daarmee vergelijkbare werkzame stof, verschuldigd: € 6.500,00.
18.3. Voor het indienen van een aanvraag tot verlenging van de goedkeuring van een werkzame stof is verschuldigd: € 12.500,00.
Artikel 19
19.1. Voor het samenvatten en beoordelen (monograph) van de aanvraag tot goedkeuring als bedoeld in artikel 18.1 en 18.3, is een bedrag verschuldigd op basis van de werkelijk gemaakte kosten. Het voorschot hiervoor bedraagt € 150.000,00.
19.2. Voor het samenvatten en beoordelen van de aanvraag tot plaatsing als bedoeld in artikel 18.2, de werkelijk gemaakte kosten verschuldigd. Het voorschot hiervoor bedraagt € 25.000,00.
Artikel 20
20.1. Voor de werkzaamheden die na het uitbrengen van de samenvatting en beoordeling (de monograph) aan de Europese Commissie voor werkzame stoffen als bedoeld in artikel 18.1, nodig zijn voor de afronding van de Europese besluitvorming is een bedrag verschuldigd op basis van de werkelijk gemaakte kosten. Het voorschot hiervoor bedraagt € 75.000,00.
20.2. In afwijking van het eerste lid is voor de werkzaamheden die na het uitbrengen van de samenvatting en beoordeling (de monograph) aan de Europese Commissie als bedoeld onder 18.2, nodig zijn voor de afronding van de Europese besluitvorming een bedrag verschuldigd op basis van de werkelijk gemaakte kosten. Het voorschot hiervoor bedraagt € 7.500,00.
20.3. Voor het opstellen van een aanvullend verslag voor aanvragen als bedoeld onder 18.3, is een bedrag verschuldigd op basis van de werkelijk gemaakte kosten. Het voorschot hiervoor bedraagt € 25.000,00.
Artikel 21
21.1.
Naast aanvraagkosten en beoordelingskosten zijn kosten verschuldigd voor het samenvatten en evalueren van gegevens en studies, voorzover ingediend bij een aanvraag.
Voor het samenvatten en evalueren van gegevens en studies voor gewasbeschermingsmiddelen zijn de kosten verschuldigd zoals vermeld in bijlage I van dit besluit, met uitzondering van zonale en Europese aanvragen, waar de werkelijk gemaakte kosten in rekening zullen worden gebracht op basis van voorschot en nacalculatie.
21.2. Voor het samenvatten en evalueren van studies op basis van microbiologische middelen zijn de kosten verschuldigd zoals vermeld in bijlage II van dit besluit, met uitzondering van zonale en Europese aanvragen, waar de werkelijk gemaakte kosten in rekening zullen worden gebracht op basis van voorschot en nacalculatie.
Hoofdstuk 3. Biociden
Paragraaf 3.1. : Aanvraagkosten
Artikel 22
22.1.
Een bedrag van € 5.778,00 voor aanvragen als bedoeld in
a) a)
artikel 49 (reguliere toelating) en 55 (toelating op aanvraag van Onze Minister) van de wet, alsmede een verlenging daarvan
b) b)
artikel 54 van de wet (een voorlopige toelating), alsmede van een verlenging daarvan
c) c)
artikel 128, tweede lid van de wet (herregistratie na communautaire maatregel tot opneming)
22.2. Een bedrag van € 4.280,00 voor aanvragen tot toelating of tot uitbreiding van een toelating als bedoeld in artikel 121 van de wet
22.3. Een bedrag van € 642,00 voor aanvragen tot verlenging van de toelating als bedoeld in artikel 121, eerste lid van de wet
22.4. Een bedrag van € 3.210,00 voor aanvragen tot herregistratie van een voorlopig toegelaten biocide als bedoeld in artikel 54 van de wet, nadat de nieuwe werkzame stof is geplaatst op bijlage Ibij Richtlijn 98/8/EG
22.5. Een bedrag van € 1.391,00 voor aanvragen tot registratie van een biocide met een gering risico als bedoeld in artikel 59 van de wet, alsmede een verlenging daarvan of een uitbreiding van het gebruiksgebied daarvan
22.6. Een bedrag van € 2.140,00 voor de vaststelling van een kaderformulering bij een toelating als bedoeld in artikel 62 van de wet
22.7. Een bedrag van € 1.391,00 voor aanvragen tot toelating van een biocide die valt binnen een vastgestelde kaderformulering
22.8. Een bedrag van € 4.762,00 voor aanvragen tot uitbreiding van het gebruiksgebied van een toegelaten of een voorlopig toegelaten biociden
22.9. Een bedrag van € 4.280,00 voor aanvragen tot wijziging van de toelating als bedoeld in artikel 125 van de wet
22.10. Een bedrag van € 4.280,00 voor aanvragen als bedoeld in artikel 126 van de wet
Artikel 23
23.1. Een bedrag van € 696,00 voor aanvragen tot afgeleide toelating van een biocide als bedoeld in artikel 52 van de wet, alsmede een verlenging daarvan of een uitbreiding van het gebruiksgebied daarvan
23.2. Een bedrag van € 696,00 voor aanvragen tot toelating van een parallel geïmporteerd biocide als bedoeld in artikel 53 van de wet, alsmede een verlenging daarvan of een uitbreiding van het gebruiksgebied daarvan
Artikel 24
Op aanvragen tot toelating van biociden als bedoeld in artikel 124, eerste lid van de wet, zijn de tarieven voor biociden als genoemd in artikel 121 van de wet van overeenkomstige toepassing.
Artikel 25
Voor aanvragen tot wijziging van de toelating als bedoeld in artikel 68 van de wet gelden de volgende tarieven:
25.1. 25.1. Administratieve wijziging: € 214,00 25.2. 25.2. Wijziging van de verpakking en etikettering: € 696,00 25.3. 25.3. Wijzigingen van het Wettelijk Gebruiksvoorschrift/Gebruiksaanwijzing, voor zover niet vallend onder 25.2: € 696,00 25.4. 25.4. Overige wijzigingen van de toelating, niet vallend onder artikel 25.1 tot en met 25.3: € 696,00
Artikel 26
Voor aanvragen tot wijziging van de samenstelling van een toegelaten of voorlopig toegelaten biocide is verschuldigd:
a) a) Indien bij de aanvraag onderzoeksgegevens moeten worden overgelegd: € 4.762,00 b) b) Indien sprake is van wijziging in de technische werkzame stof (nieuwe bron of andere aanpassing van de werkzame stof ): € 856,00 c) c) Overige gevallen: € 696,00
Artikel 27
Voor aanvragen tot wijziging van registraties als bedoeld in artikel 59 van de wet zijn de volgende bedragen verschuldigd:
a) a) Administratieve wijziging: € 214,00 b) b) Wijziging van de verpakking en etikettering: € 696,00 c) c) Wijzigingen van het Wettelijk Gebruiksvoorschrift/Gebruiksaanwijzing, voorzover niet vallend onder 25.2: € 696,00 d) d) Overige wijzigingen van de registratie: € 394,00
Artikel 28
Voor aanvragen tot wijziging van de samenstelling van een geregistreerd biocide is verschuldigd: € 696,00.
Artikel 29
29.1. Voor het indienen en beoordelen van een aanvraag tot wederzijdse erkenning van een toelating als bedoeld in artikel 56 van de wet, is verschuldigd: € 6.099,00
29.2. Voor het indienen en de beoordeling van een aanvraag in het kader van een wederzijdse erkenning van een registratie als bedoeld in artikel 60 van de wet, is verschuldigd: € 696,00
Artikel 30
Voor de indiening van een aanvraag voor een vrijstelling ten behoeve van een proef of experiment als bedoeld in artikel 64 van de wet, is verschuldigd: € 428,00
Paragraaf 3.2. : Beoordelingskosten van aanvragen
Artikel 31
Tenzij in elders dit besluit anders bepaald, bedragen de verschuldigde kosten voor de beoordeling van aanvragen de volgende aspecten of criteria:
a) a) De werkzaamheid: € 1.284,00 b) b) De fysische en chemische eigenschappen van het middel, onderscheidenlijk van elk van de daarin voorkomende werkzame stoffen: € 1.875,00 c) c) Criteria ten aanzien van de toepasser: € 2.568,00 d) d) Criteria ten aanzien van de volksgezondheid: € 2.568,00 e) e) Criteria ten aanzien van het milieu: € 4.922,00 f) f) Criteria ten aanzien van het welzijn van te bestrijden dieren: € 1.231,00 g) g) Het eindoordeel over de toelaatbaarheidsaspecten: € 1.391,00
Artikel 32
In afwijking van artikel 31 , zijn, indien de beoordeling conform het overgangsrecht (artikel 121 en verder van de wet) wordt uitgevoerd, voor de beoordeling van een aanvraag de volgende bedragen verschuldigd:
a) a) De werkzaamheid: € 1.070,00 b) b) De fysische en chemische eigenschappen van het middel onderscheidenlijk van elk van de daarin voorkomende werkzame stoffen: € 1.284,00 c) c) Criteria ten aanzien van de toepasser en de volksgezondheid: € 1.926,00 d) d) Criteria ten aanzien van het milieu: € 1.926,00 e) e) Criteria ten aanzien van het welzijn van te bestrijden dieren: € 214,00 f) f) Indien gebruik gemaakt wordt van een vergelijkende beoordeling is voor de beoordeling verschuldigd: € 1.284,00 g) g) Het eindoordeel over de toelaatbaarheidsaspecten € 1.284,00.
Artikel 33
In afwijking van artikel 31 is voor de beoordeling van aanvragen tot verlenging van een toelating, met uitzondering aanvragen tot verlenging van afgeleide toelatingen, als bedoeld in artikel 121 van de wet, verschuldigd: € 2.140,00.
Artikel 34
34.1. Voor de indiening van een aanvraag als bedoeld in artikel 123, eerste lid, van de wet is verschuldigd: € 1.800,00
34.2.
Voor de beoordeling van een aanvraag als bedoeld in artikel 123, eerste lid van de wet is verschuldigd:
a) a) Voor de beoordeling van biocideprobleem als knelpunt € 4.217,00 b) b) Risicobeoordeling volksgezondheid c) c) Indien nog niet eerder beoordeeld: € 1.114,00 d) d) Indien reeds eerder beoordeeld: € 773,00 e) e) Risicobeoordeling toepasser f) f) Niet eerder beoordeeld: € 1.114,00 g) g) Indien reeds eerder beoordeeld: € 773,00 h) h) Risicobeoordeling milieu i) i) Indien nog niet eerder beoordeeld: € 1.114,00 j) j) Indien reeds eerder beoordeeld: € 773,00 k) k) Beoordeling werkzaamheid, Wettelijk gebruiksvoorschrift/Gebruiksaanwijzing: € 516,00 l) l) Het eindoordeel over de toelaatbaarheidsaspecten: € 1.114,00
Artikel 35
Voor de beoordeling van een aanvraag tot wijziging van de samenstelling van een biocide, bedoeld in artikel 125 van de wet, zijn de bedragen, genoemd in artikel 32 verschuldigd.
Artikel 36
Voor de beoordeling van een aanvraag als bedoeld in artikel 126 van de wet zijn de bedragen, genoemd in artikel 32 hierboven verschuldigd. Daarnaast zijn kosten voor het samenvatten en evalueren verschuldigd, indien van toepassing.
Artikel 37
37.1. Voor het verzoek tot het afleiden van een Maximaal Residu Limiet (MRL) is verschuldigd: € 696,00.
37.2. Voor de beoordeling zijn, voor zover van toepassing, de bedragen als genoemd in artikel 31 verschuldigd.
Artikel 38
Voor het beoordelen buiten het kader van een aanvraag tot toelating van de technische werkzame stof uit andere bronnen is verschuldigd: € 856,00
Paragraaf 3.3. : Plaatsing werkzame stof op bijlage I bij
Artikel 39
Voor het indienen van een aanvraag tot plaatsing van een (nieuwe) werkzame stof op bijlage I bij Richtlijn 98/8/EG is het verschuldigd: € 12.500,00
Artikel 40
Voor het samenvatten, evalueren en beoordelen van aanvragen tot plaatsing van een werkzame stof op bijlage I of Ia bij richtlijn 98/8/EG in artikel 20 en het opstellen van een verslag en aanbeveling omtrent het te nemen besluit, is een bedrag verschuldigd op basis van de werkelijk gemaakte kosten. Het voorschot hiervoor bedraagt:
a) a) Als bij de in behandeling name blijkt dat met een gemiddelde evaluatie kan worden volstaan: € 200.000,00 b) b) Als bij de in behandeling name blijkt dat extra gegevens moeten worden geëvalueerd en extra beoordelingen moeten worden uitgevoerd: € 250.000,00 c) c) Als bij de in behandeling name blijkt dat met een beperkte evaluatie kan worden volstaan: € 150.000,00 d) d) Als bij de in behandeling name blijkt dat met een evaluatie op basis van een eenvoudig dossier kan worden volstaan: € 100.000,00.
Artikel 41
Voor de werkzaamheden die na het uitbrengen van het verslag en advies aan de Europese Commissie nodig zijn voor de afronding van de Europese besluitvorming is een bedrag verschuldigd op basis van de werkelijk gemaakte kosten. Het voorschot hiervoor bedraagt: € 75.000,00
Artikel 42
Indien de aanvrager gegevens (studies) indient ter onderbouwing van zijn aanvraag, zijn naast aanvraagkosten en beoordelingskosten tevens de volgende bedragen verschuldigd voor het samenvatten en evalueren van deze gegevens:
42.1. 42.1. Voor het samenvatten en evalueren van studies voor biociden zijn de kosten verschuldigd zoals vermeld in bijlage III. 42.2. 42.2. Voor het samenvatten en evalueren van studies op basis van micro-biologische middelen zijn de kosten verschuldigd zoals vermeld in bijlage II.
Hoofdstuk 4. Overige tarieven
Artikel 43
In het kader van het project ‘Van WGGA naar WG’ zijn toelatinghouders de volgende bedragen verschuldigd:
43.1. 43.1. Indien de toelatinghouder zelf een WG aanlevert dat aan onderstaande voorwaarden voldoet, is het volgende bedrag verschuldigd: € 696,00 43.2. 43.2. Indien de toelatinghouder niet of niet tijdig een WG aanlevert dat voldoet aan onderstaande voorwaarden en het Ctgb het WG/GA zelf omzet naar WG is het volgende bedrag verschuldigd: € 1.070,00 43.3. 43.3. In afwijking van het eerste en tweede lid is voor het omzetten van een WG/GA naar een WG voor parallelle vergunningen of gewijzigde toelatingen het volgende bedrag verschuldigd: € 321,00 43.4. 43.4. De voorwaarden, bedoeld in het eerste en tweede lid, zijn:
a)
Het voorgestelde omgezette WG met toelatingsnummer wordt door de toelatinghouder voor de door het Ctgb bepaalde datum ingediend bij het Ctgb.
b)
Naast het voorgestelde omgezette WG wordt het geldende WGGA met toelatingsnummer geleverd
c)
Toelatinghouder levert de GAP tabel met toelatingsnummer waarop het WG gebaseerd is. GAP tabel en WG dienen op elkaar afgestemd te zijn en bevatten geen tegenstrijdigheden bevatten.
d)
Het voorgestelde WG is opgesteld conform de terminologie van de DTG-lijst
e)
Alle toepassingen zijn bij de omzetting opgenomen.
f)
Het voorgestelde WG is volledig ingevuld en er missen geen gegevens
g)
In het voorgestelde WG zijn de juiste doseringen ingevuld. Indien bij 2 of meer toepassingen onjuiste doseringen staan, geldt het hoge tarief, genoemd onder 43.2
h)
Restrictiezinnen dienen overgenomen te worden van het WGGA in het voorgestelde WG
i)
Indien op het WGGA een resistentiezin wordt vermeld, dient deze in het voorgestelde WG vervangen te zijn door de standaard resistentiezin.
a) a) Het voorgestelde omgezette WG met toelatingsnummer wordt door de toelatinghouder voor de door het Ctgb bepaalde datum ingediend bij het Ctgb. b) b) Naast het voorgestelde omgezette WG wordt het geldende WGGA met toelatingsnummer geleverd c) c) Toelatinghouder levert de GAP tabel met toelatingsnummer waarop het WG gebaseerd is. GAP tabel en WG dienen op elkaar afgestemd te zijn en bevatten geen tegenstrijdigheden bevatten. d) d) Het voorgestelde WG is opgesteld conform de terminologie van de DTG-lijst e) e) Alle toepassingen zijn bij de omzetting opgenomen. f) f) Het voorgestelde WG is volledig ingevuld en er missen geen gegevens g) g) In het voorgestelde WG zijn de juiste doseringen ingevuld. Indien bij 2 of meer toepassingen onjuiste doseringen staan, geldt het hoge tarief, genoemd onder 43.2 h) h) Restrictiezinnen dienen overgenomen te worden van het WGGA in het voorgestelde WG i) i) Indien op het WGGA een resistentiezin wordt vermeld, dient deze in het voorgestelde WG vervangen te zijn door de standaard resistentiezin.
Artikel 44
Voor toelatingen die op 1 februari van het jaar waarop dit besluit betrekking heeft, opgenomen zijn in het in artikel 42, tweede lid van de wet bedoelde register, zijn de volgende jaarlijkse vergoedingen verschuldigd:
a) a) Voor een gewasbeschermingsmiddel: € 1.395,00 b) b) Voor een biocide: € 1.365,00 c) c) In afwijking van het bepaalde onder a) zijn voor gewasbeschermingsmiddelen waarvoor een dringend vereiste toelating is verleend voor een termijn van meer dan één jaar, de volgende tarieven van toepassing:
i.
Indien het gewasbeschermingsprobleem voor een direct aan de aanvraag voorafgaande aaneensluitende periode van vijf jaar als knelpunt is vastgesteld: € 2.082,00
ii.
Indien het gewasbeschermingsprobleem voor een direct aan de aanvraag voorafgaande aaneensluitende periode van minder dan vijf jaar als knelpunt is vastgesteld: € 666,00
i. i. Indien het gewasbeschermingsprobleem voor een direct aan de aanvraag voorafgaande aaneensluitende periode van vijf jaar als knelpunt is vastgesteld: € 2.082,00 ii. ii. Indien het gewasbeschermingsprobleem voor een direct aan de aanvraag voorafgaande aaneensluitende periode van minder dan vijf jaar als knelpunt is vastgesteld: € 666,00 d) d) De betaling van het bedoelde bedrag geschiedt binnen vier weken na dagtekening van het verzoek tot betaling op de bij dit verzoek aangegeven wijze, bij gebreke waarvan de toelatinghouder van rechtswege in verzuim is als bedoeld in artikel 6:81 Burgerlijk wetboek.
Artikel 45
45.1. Ter zake van het inwinnen van inlichtingen bij het college omtrent proeven op gewervelde dieren die bij een eerdere aanvraag tot toelating van een gewasbeschermingsmiddel of biocide zijn uitgevoerd als bedoeld in artikel 61 van de verordening of artikel 46, eerste lid van de wet: € 428,00
45.2. De betaling van het in het eerste lid bedoelde bedrag geschiedt door overmaking van het verschuldigde bedrag aan het Ctgb tegelijkertijd met het indienen van een aanvraag.
Artikel 46
46.1. Ter zake de bemiddeling door het college als bedoeld in artikel 8:3, tweede lid, Besluit Bestuursreglement regeling toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden Ctgb 2007, alsmede artikel 8 Besluit aanvulling bestuursreglement regeling toelating gewasbeschermingsmiddelen Ctgb 2011, is de aanvrager de werkelijk gemaakte kosten verschuldigd.
46.2. Het bepaalde onder 3.2 is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 47
Voor een verzoek om inlichtingen aan de Helpdesk Toelatingen over aanvragen tot (uitbreiding van de) toelating zijn de volgende bedragen verschuldigd:
a) a) Op een verzoek aan de Helpdesk Toelatingen is het bepaalde onder 3.2 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat hiervoor een maximum geldt van € 4.280 b) b) Voor een verkort pré aanvraag volledigheidsverzoek: € 1.284,– c) c) Op een volledig pré-aanvraag volledigheidsverzoek is het bepaalde onder a) van toepassing d) d) Voor een verzoek aan de Helpdesk met betrekking tot een aanvraag tot uitbreiding met alleen Kleine Toepassingen als bedoeld in artikel 51 van de verordening is, in afwijking van a) en b) hierboven verschuldigd: € 1.070,00
Artikel 48
48.1. Terzake van een verzoek om toezending van een register is verschuldigd € 27,00
48.2. De betaling van het in het eerste lid bedoelde bedrag geschiedt vooraf door overmaking van het verschuldigde bedrag aan het Ctgb onder vermelding van het type register.
Artikel 49
Voor het op verzoek verstrekken van een verklaring ten behoeve van de export van een gewasbeschermingsmiddel of een biocide is het volgende bedrag verschuldigd:€ 214,00.
Artikel 50
Voor een verzoek tot het verrichten van overige specifieke werkzaamheden is het bepaalde onder 3.2 van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 5. Naverrekening
Artikel 51
51.1. De tarieven die op de daadwerkelijke kosten (kostprijs) zijn vastgesteld, worden door het Ctgb door middel van een factuur bij de aanvrager in rekening gebracht onder vermelding van een factuurnummer.
51.2. Indien een voorschot op de daadwerkelijke kostprijs is betaald, wordt dit met het verschuldigde bedrag verrekend. Indien de daadwerkelijke kostprijs lager is dan hetgeen is voorgeschoten, wordt het verschil binnen vier weken na factuurdatum aan de aanvrager terugbetaald.
51.3. Behoudens het bepaalde in 51.2, dient de aanvrager de factuur binnen vier weken na factuurdatum onder vermelding van het factuurnummer te voldoen.
51.4. Indien niet of niet volledig binnen de gestelde termijn is betaald, is de aanvrager van rechtswege in verzuim in de zin van artikel 6:81 Burgerlijk Wetboek.
Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
Artikel 52
De op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit aanhangige aanvragen worden met ingang van dat tijdstip overeenkomstig de bepalingen van dit besluit behandeld.
Artikel 53
De volgende besluiten worden ingetrokken:
a) a)
Besluit Aanvulling Tarievenbesluit Ctgb 2011
b) b)
Aanvulling Tarievenbesluit Ctgb 2011
c) c)
Tarievenbesluit Ctgb 2011
d) d)
Tarievenbesluit Ctgb 2010
e) e)
Tarievenbesluit Ctgb 2009
f) f)
Tarievenbesluit Ctb 2006
g) g)
Tarievenbesluit Ctb 2005
h) h)
Tarievenbesluit Ctb 2004.
Artikel 54
Dit besluit treedt, na goedkeuring door Onze Minister en na geplaatst te zijn in de Staatscourant, in werking op 1 januari 2012.
Artikel 55
Dit besluit wordt aangehaald als: Tarievenbesluit Ctgb 2012.
Bijlage I. De kosten voor het samenvatten en evalueren van studies voor gewasbeschermingsmiddelen
Bijlage II
Niet opgenomen.
Bijlage III
Niet opgenomen.