rijk/kb/besluit-organisatie-veiligheidsdienst-van-het-koninklijk-huis/BWBR0002521
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit organisatie Veiligheidsdienst van het Koninklijk Huis BWBR0002521 KB geldend 1966-02-14 https://wetten.overheid.nl/BWBR0002521 Besluit organisatie Veiligheidsdienst van het Koninklijk Huis

Besluit organisatie Veiligheidsdienst van het Koninklijk Huis

Artikel 1

1. Er is een dienst voor het waken voor de veiligheid van Ons en de Leden van Ons Huis.

2. De in het eerste lid bedoelde dienst draagt de benaming "Veiligheidsdienst van het Koninklijk Huis".

Artikel 2

1. Onze Minister van Justitie heeft het gezag over de dienst.

2. Dit gezag doet Onze Minister van Justitie uitoefenen door de Procureur-Generaal, fgd. Directeur van Politie, in het ressort 's-Gravenhage.

3. In de gevallen, dat Onze Minister van Justitie zulks nodig oordeelt, oefent Onze Minister dit gezag rechtstreeks uit.

Artikel 3

1. Het College van procureurs-generaal ziet toe, dat de dienst zijn taak naar behoren verricht.

2. Het stelt, wanneer hem blijkt, dat de dienst zijn taak niet op de juiste wijze verricht, onverwijld Onze Minister van Justitie daarvan in kennis.

Artikel 4

1. Bij Onze Minister van Justitie berust het beheer van de dienst.

2. Onze Minister van Justitie stelt de organisatie, de personeelssterkte en de rangindeling van de dienst vast.

3. Bij de dienst kunnen uitsluitend worden gedetacheerd officieren en overige ambtenaren van het Korps Rijkspolitie als bedoeld in artikel 20 van de Politiewet, alsmede bijzondere ambtenaren van Rijkspolitie, als bedoeld in artikel 25 van die wet.

Artikel 5

1. Aan het hoofd van de dienst staat het Hoofd van de Veiligheidsdienst van het Koninklijk Huis. Hij wordt door Ons als zodanig aangewezen.

2. Onze Minister van Justitie stelt een instructie vast voor het Hoofd van de Veiligheidsdienst.

3. Het Hoofd van de Veiligheidsdienst heeft de leiding van de dienst. Hij neemt daarbij de aanwijzingen in acht welke door Onze Minister of door het College van procureurs-generaal terzake worden gegeven.

Artikel 6

In bijzondere gevallen is het Hoofd van de Veiligheidsdienst bevoegd zich met betrekking tot de taakuitoefening en de leiding van de dienst rechtstreeks te wenden tot Onze Minister van Justitie.