40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beschikking voorschriften inzake liften | BWBR0002231 | ministeriele-regeling | geldend | 1956-09-18 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0002231 | Beschikking voorschriften inzake liften |
Beschikking voorschriften inzake liften
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
Artikel 2
Vervallen
Artikel 3
Vervallen
Artikel 4
Vervallen
Artikel 5
1. Een merk van afkeuring van een lift bestaat uit een metalen plaatje, voorzien van een duidelijk leesbaar en duurzaam aangebracht opschrift “Lift afgekeurd”.
2. Dit merk wordt door middel van stevig metaaldraad bevestigd aan of nabij de hoofdschakelaar van de lift.
Artikel 6
Verzegeling van een lift vindt plaats door het aanbrengen van één of meer zegels op zodanige wijze, dat zonder verbreking, opheffing of beschadiging van die zegels de lift niet kan worden gebruikt.
Artikel 7
1. Een certificaat van goedkeuring voor een lift dient overeen te komen met het bij deze regeling als bijlage I gevoegde model.
2. Een certificaat, als bedoeld in het eerste lid, verliest zijn geldigheid twaalf maanden na de datum van de eerste keuring, op grond waarvan het certificaat is afgegeven, en vervolgens telkens achttien maanden na afloop van de geldigheidstermijn van het vorige certificaat, met dien verstande dat, indien buiten toedoen van de lifthouder niet tijdig kan worden gekeurd, het certificaat zijn geldigheid behoudt gedurende ten hoogste vier maanden na afloop van de termijn waarvoor het is afgegeven.
Artikel 8
Een liftboek, als bedoeld in artikel 22 van het Liftenbesluit I, dient overeen te komen met het bij deze regeling als bijlage II gevoegde model.
Artikel 9
De vergoeding voor het uitvoeren van werkzaamheden met betrekking tot liften door de keuringsinstantie bedraagt ten hoogste € 160 exclusief B.T.W. per uur, daarbij de reis-, verblijfkosten of andere met de keuring verband houdende kosten niet inbegrepen.
Artikel 10
Deze regeling treedt in werking op 1 oktober 1956.
Bijlage I. behorende bij beschikking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 23 augustus 1956, no. 3112, afdeling Arbeidersbescherming
Bijlage II. behorende bij beschikking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 23 augustus 1956, no. 3112, afdeling Arbeidersbescherming
[afbeelding]
Artikel 19
Hij die een lift voorhanden heeft, die in gebruik of voor gebruik gereed is, is verplicht te zorgen, dat deze in goede staat van onderhoud verkeert en dat deze na onderhoud, wijziging of reparatie tenminste voldoet aan de voor die lift geldende vervaardigingsvoorschriften.
Artikel 20
1.
Hij, die een lift voorhanden heeft, is verplicht te zorgen, dat:
a. a. machinekamers, schijvenruimten en schachtputten niet worden gebruikt als bergruimte van voorwerpen, welke niet tot de lift behoren; b. b. liftschachten uitsluitend als kokers voor liften en niet voor andere doeleinden worden gebruikt; c. c. machinekamers, schijvenruimten en luiken, bestemd voor inspectie en onderhoud, zijn afgesloten met slot en sleutel; d. d. de onder c bedoelde sleutels zijn voorzien van aanduidingen en op een uitsluitend voor bevoegden toegankelijke plaats worden bewaard; e. e. in de machinekamers een aanwijzing is opgehangen, waarin is aangegeven op welke wijze de machine met de hand kan worden getornd.
2. Hij, die een lift zonder kooiafsluiting voorhanden heeft, welke bestemd is voor het vervoer van goederen onder begeleiding van een persoon, is verplicht te zorgen dat de lift slechts wordt bediend door personen die met die bediening vertrouwd zijn.
Artikel 21
Hij, die een lift bedient, bestuurt of belaadt, is verplicht te zorgen, dat:
a. a. de toelaatbare belasting en het aantal toe te laten personen, aangegeven op opschriften in de kooi, niet wordt overschreden; b. b. bij vervoer van goederen de belasting zo gelijkmatig mogelijk over het vloeroppervlak van de kooi wordt verdeeld; c. c. wagens voor het vervoer van goederen, benevens beweegbare onderdelen van die wagens, in de kooi zijn vastgezet.
Artikel 23
Hij, die een lift voorhanden heeft, welke is voorzien van een merk van afkeuring, is verplicht te zorgen, dat:
a. a. de schachtdeuren van de lift zodanig zijn gesloten en vastgezet, dat deze niet zonder bijzondere hulpmiddelen kunnen worden geopend; b. b. op of nabij elke schachtdeur van de lift duidelijk en opvallend een opschrift is aangebracht, luidende “Lift buiten dienst”, of enige andere aanduiding, waaruit kennelijk het buiten dienst gesteld zijn van de lift blijkt.