40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit mandaat en machtiging Nadeelcompensatie ‘Sporen in Arnhem’ en ‘Sporen in Utrecht’ | BWBR0026431 | ministeriele-regeling | geldend | 2009-09-26 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0026431 | Besluit mandaat en machtiging Nadeelcompensatie ‘Sporen in Arnhem’ en ‘Sporen in Utrecht’ |
Besluit mandaat en machtiging Nadeelcompensatie ‘Sporen in Arnhem’ en ‘Sporen in Utrecht’
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. a.
*Minister:* Minister van Verkeer en Waterstaat;
b. b.
*ProRail:* ProRail B.V., gevestigd te Utrecht
c. c.
*Project ‘Sporen in Arnhem’:* uitvoering van het tracébesluit Sporen in Arnhem van 25 mei 2009 (Stcrt. 2009, 74)
d. d.
*Project ‘Sporen in Utrecht’:* uitvoering van het tracébesluit Sporen in Utrecht,
–
deeltracé Utrecht Centraal-Houten van 1 juni 2009 (Stcrt. 2009, 109),
–
deeltracé Amsterdam-Rijnkanaal–Utrecht Centraal.
– – deeltracé Utrecht Centraal-Houten van 1 juni 2009 (Stcrt. 2009, 109), – – deeltracé Amsterdam-Rijnkanaal–Utrecht Centraal.
Artikel 2
1. Aan de projectmanager van het project ‘Sporen in Arnhem’ van ProRail wordt mandaat en machtiging verleend om namens de Minister op grond van artikel 20d Tracéwet besluiten te nemen op verzoeken om schadevergoeding voortvloeiend uit het project ‘Sporen in Arnhem’, met uitzondering van het beslissen op bezwaar tegen voornoemde besluiten.
2. Aan de projectmanager van het project ‘Sporen in Utrecht’ van ProRail wordt mandaat en machtiging verleend om namens de Minister van Verkeer en Waterstaat op grond van artikel 20d Tracéwet besluiten te nemen op verzoeken om schadevergoeding voortvloeiend uit het project ‘Sporen in Utrecht’, met uitzondering van het beslissen op bezwaar tegen voornoemde besluiten.
Artikel 3
1. Aan de projectmanager van het project ‘Sporen in Arnhem’ van ProRail wordt mandaat en machtiging verleend om namens de Minister besluiten te nemen inzake de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij niet tijdig beslissen op verzoeken als bedoeld in artikel 2, eerste lid, met uitzondering van het beslissen op bezwaar tegen voornoemde besluiten.
2. Aan de projectmanager van het project ‘Sporen in Utrecht’ van ProRail wordt mandaat en machtiging verleend om namens de Minister besluiten te nemen inzake de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij niet tijdig beslissen op verzoeken als bedoeld in artikel 2, tweede lid, met uitzondering van het beslissen op bezwaar tegen voornoemde besluiten.
Artikel 4
De projectmanager van het project ‘Sporen in Arnhem’ en de projectmanager van het project ‘Sporen in Utrecht’ van ProRail kunnen van het in de artikelen 2 en 3 aan hen verleende mandaat schriftelijk ondermandaat verlenen en de in die artikelen bedoelde machtiging doorgeven aan een plaatsvervanger.
Van de verlening van ondermandaat en van het doorgeven van de machtiging als bedoeld in het eerste lid wordt schriftelijk kennis gegeven aan de Minister.
Artikel 5
Bij de uitoefening van het mandaat en de machtiging nemen de projectmanager ‘Sporen in Arnhem’ en de projectmanager ‘Sporen in Utrecht’ van ProRail of de in artikel 4, eerste lid, bedoelde personen de in de bijlage bij dit besluit opgenomen algemene instructie in acht.
Artikel 6
Aan de Directeur Projecten van ProRail wordt mandaat en machtiging verleend om namens de Minister te beslissen op bezwaar tegen de met toepassing van artikel 2 en artikel 3 genomen besluiten.
Artikel 7
Aan de Directeur Projecten van ProRail wordt mandaat en machtiging verleend om namens de Minister besluiten te nemen inzake de verschuldigdheid en hoogte van de dwangsom bij niet tijdig beslissen op bezwaar tegen met toepassing van artikel 2 genomen besluiten.
Artikel 8
De Directeur Projecten van ProRail kan, bij afwezigheid, van het aan hem in artikel 6 en 7 verleende mandaat schriftelijk ondermandaat verlenen en de in die artikelen bedoelde machtiging doorgeven aan een plaatsvervanger.
Van de verlening van ondermandaat en van het doorgeven van de machtiging als bedoeld in het eerste lid wordt schriftelijk kennis gegeven aan de Minister.
Artikel 9
Bij de uitoefening van zijn mandaat en machtiging neemt de Directeur Projecten van ProRail of de in artikel 4, eerste lid, bedoelde persoon de in de bijlage bij dit besluit opgenomen algemene instructie in acht.
Artikel 10
1. Dit besluit treedt, met uitzondering van de artikelen 3 en 7, in werking met ingang van de eerste dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
2. Indien het bij koninklijke boodschap van 14 december 2004 ingediende voorstel van wet tot aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht met de mogelijkheid van dwangsom bij niet tijdig beslissen door een bestuursorgaan (Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen; 29934, nadat het tot wet is verheven, in werking treedt, treden de artikelen 3 en 7, op hetzelfde tijdstip in werking.