rijk/ministeriele-regeling/besluit-ondermandaat-volmacht-en-machtiging-voor-het-directoraat-generaal-bedrij/BWBR0041852
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019 BWBR0041852 ministeriele-regeling geldend 2019-01-29 https://wetten.overheid.nl/BWBR0041852 Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019

Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *de directeur-generaal:* de directeur-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

b. b.

    *de directeuren:* de directeuren van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

c. c. het hoofd Algemene Zaken: het hoofd Algemene Zaken van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat; d. d. de Chief Analyst: de hoofdanalist van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat; e. e. het MT-B&I: het collectief van de onder a tot en met d genoemde functionarissen; f. f. het MT-lid van een directie: een lid van het managementteam van een directie met uitzondering van de directeur; g. g.

    *de coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland:* de coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

h. h.

    *het hoofd BTI:* het hoofd Bureau Toetsing Investeringen van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

i. i.

    *de regioambassadeurs:* de regioambassadeurs van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

j. j.

    *de secretaris ATR:* de secretaris Adviescollege toetsing regeldruk;

k. k.

    *de Commissaris Militaire Productie:* de Commissaris Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

l. l.

    *de Compensatieadviseurs Militaire Productie:* de compensatieadviseurs Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

m. m.

    *de Compensatieadministrateurs Militaire Productie:* de Compensatieadministrateurs Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

n. n.

    *het bedrag:* het bedrag inclusief de verschuldigde omzetbelasting (BTW).

Paragraaf 2. Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 2

Aan de directeur-generaal is voorbehouden: het nemen van besluiten, het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten van andere handelingen dan een besluit of een privaatrechtelijke rechtshandeling betreffende de volgende aangelegenheden:

a. a. onderwerpen die twee of meer directies van zijn dienstonderdeel raken, tenzij daarover tussen de betrokken directeuren overeenstemming bestaat; b. b. aangelegenheden op het werkterrein van een directeur, respectievelijk het hoofd Algemene Zaken:

      1°.
      ten aanzien waarvan de directeur-generaal in een incidenteel geval mededeling heeft gedaan dat zij door hem zullen worden behandeld, of
    
    
      2°.
      die door een directeur, respectievelijk het hoofd Algemene Zaken aan de directeur-generaal ter afhandeling worden voorgelegd, tenzij zij naar het oordeel van de directeur-generaal door een andere functionaris moeten worden behandeld;

1°. 1°. ten aanzien waarvan de directeur-generaal in een incidenteel geval mededeling heeft gedaan dat zij door hem zullen worden behandeld, of 2°. 2°. die door een directeur, respectievelijk het hoofd Algemene Zaken aan de directeur-generaal ter afhandeling worden voorgelegd, tenzij zij naar het oordeel van de directeur-generaal door een andere functionaris moeten worden behandeld; c. c. aangelegenheden op het werkterrein van onderzoek, monitoring, effectmeting en beleidsexperimenten, met uitzondering van aangelegenheden waarvoor mandaat, volmacht en machtiging is verleend aan de Chief Analyst.

Artikel 3

1. Aan de directeuren wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 2.000.000 per verplichting niet te boven gaat.

2.

Aan de directeuren wordt tevens, ieder voor zich, voor de onder hen ressorterende medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof; b. b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof; c. c. het accorderen van P-Direkt aanvragen; d. d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen; e. e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen en buiten de Europese Unie.

Artikel 4

1. Aan de MT-leden van een directie wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 100.000 per verplichting niet te boven gaat.

2.

Aan de MT-leden van een directie wordt voorts, ieder voor zich, voor de onder hen ressorterende medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof; b. b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof; c. c. het accorderen van P-Direkt aanvragen; d. d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen; e. e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen de Europese Unie.

3.

In uitzondering op het eerste en tweede lid, geldt het ondermandaat, de volmacht en de machtiging aan de MT-leden van een directie niet voor aangelegenheden op hun werkterrein:

1°. 1°. ten aanzien waarvan de directeur in een incidenteel geval mededeling heeft gedaan dat zij door hem zullen worden behandeld, of 2°. 2°. die door een MT-lid aan de directeur worden voorgelegd, tenzij zij naar het oordeel van de directeur door de plaatsvervangend directeur of een ander MT-lid moeten worden behandeld.

Artikel 5

1. Aan het hoofd Algemene Zaken wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein, met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 30.000 per verplichting niet te boven gaat.

2.

Aan het hoofd Algemene Zaken wordt voorts, voor de onder hem ressorterende medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof; b. b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof; c. c. het accorderen van P-Direkt aanvragen; d. d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen; e. e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen en buiten de Europese Unie.

Artikel 6

1. Aan de Chief Analyst wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein, met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 500.000 per verplichting niet te boven gaat.

2.

Aan de Chief Analyst wordt voorts, voor de onder hem ressorterende medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof; b. b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof; c. c. het accorderen van P-Direkt aanvragen; d. d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen; e. e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen en buiten de Europese Unie.

Artikel 6a

Vervallen

Artikel 7

Aan de coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 20.000 per verplichting niet te boven gaat.

Artikel 7a

Aan het hoofd BTI wordt ondermandaat en machtiging verleend voor de uitvoering en handhaving van het stelsel van investeringstoetsen en het houden van toezicht op de naleving van dit stelsel, alsmede het houden van toezicht op de naleving van de Sanctiewet 1977 door niet-beursgenoteerde Nederlandse ondernemingen, met uitzondering van:

a. a. het nemen van besluiten tot het opleggen van een verbod of maatregelen op grond van de artikelen 12.5, 13.3, 14.5, 15.1, 16.1, 16.2, 17.1, 23.1, 24, 25.2, 25.3, 27.1, 27.2, 27.5, 28.2, 28.4, 29.1, 33.1, 42.1, 44.2, en 58.1 van de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames; b. b. het nemen van besluiten tot herbeoordeling en alle daaruit volgende (toetsings-)besluiten; c. c. het nemen van besluiten tot het opleggen van een bestuurlijke boete of last onder bestuursdwang; d. d. het nemen van beslissingen op grond van de artikelen 6, tweede en vierde lid en 7, eerste en derde lid, van Verordening 2019/452; en e. e. uitvoering geven aan het toezicht op grond van de artikelen 47 tot en met 52 van de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames.

Artikel 8

Aan de regioambassadeurs wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 100.000 per verplichting niet te boven gaat.

Artikel 9

1. Aan de secretaris ATR wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 300.000 per verplichting niet te boven gaat.

2.

Aan de secretaris ATR wordt tevens voor de aan hem ter beschikking gestelde medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof; b. b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof; c. c. het accorderen van P-Direkt aanvragen; d. d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen; e. e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen en buiten de Europese Unie.

Artikel 10

Aan de Commissaris Militaire Productie wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend op zijn werkterrein, met uitzondering van:

a. a. door de Tweede Kamer der Staten-Generaal goedgekeurde defensieprojecten die een compensatiewaarde of industriële-participatiewaarde van een bedrag van € 100.000.000 te boven gaan; b. b. niet vooraf door de Tweede Kamer der Staten-Generaal goedgekeurde defensieprojecten.

Artikel 11

Aan de industriële-participatieadviseurs Militaire Productie wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden met betrekking tot een in het kader van een compensatieovereenkomst of industriële-participatieovereenkomst ingediende claim die een bedrag van € 2.500.000 niet te boven gaan.

Artikel 12

Aan de industriële-participatieadministrateurs Militaire Productie wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden met betrekking tot een in het kader van een compensatieovereenkomst of industriële-participatieovereenkomst ingediende claim die een bedrag van €250.000 niet te boven gaan.

Paragraaf 3. Vervanging

Artikel 13

1. De uit dit besluit voor de directeuren voortvloeiende bevoegdheden gaan in geval van afwezigheid over op hun plaatsvervanger. Bij afwezigheid van zowel de directeur als zijn plaatsvervanger gaan de uit dit besluit voortvloeiende bevoegdheden over op een ander lid van het betrokken managementteam.

2. De uit dit besluit voor de MT-leden voortvloeiende bevoegdheden gaan in geval van afwezigheid over op een ander MT-lid.

Paragraaf 4. Slotbepalingen

Artikel 14

Het Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal voor Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken 2015 wordt ingetrokken.

Artikel 15

Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.

Artikel 16

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019.