rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-beoordelingscommissie-vakwedstrijden-vo-en-mbo-20262036/BWBR0050943
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit beoordelingscommissie Vakwedstrijden vo en mbo 20262036 BWBR0050943 ministeriele-regeling geldend 2025-04-16 https://wetten.overheid.nl/BWBR0050943 Instellingsbesluit beoordelingscommissie Vakwedstrijden vo en mbo 20262036

Instellingsbesluit beoordelingscommissie Vakwedstrijden vo en mbo 20262036

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • commissie: beoordelingscommissie als bedoeld in artikel 2;
  • DUS-I: Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen;
  • minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
  • regeling: Regeling instellingssubsidie vakwedstrijden vo en mbo 20262036;
  • subsidieaanvraag: aanvraag voor een instellingssubsidie op grond van de regeling.

Artikel 2

1. Er is een beoordelingscommissie instellingssubsidie Vakwedstrijden vo en mbo 20262036.

2. De commissie wordt ingesteld met ingang van 1 juni 2025 en wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2026.

3.

De commissie heeft tot taak de minister te adviseren over:

a. a. de subsidieaanvragen, bedoeld in artikel 5 van de regeling op basis van het beoordelingskader dat is opgenomen in de bijlage van de regeling; b. b. de rangschikking van de subsidieaanvragen die voldoen aan de criteria in het beoordelingskader, bedoeld onder a, volgens de voorschriften, bedoeld in artikel 6 van de regeling.

4. Voor de taken, bedoeld in het derde lid, adviseert de commissie de minister binnen 16 weken na afloop van de aanvraagperiode, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de regeling.

Artikel 3

1. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten hoogste 10 overige leden.

2. De leden worden door de minister benoemd en, in voorkomend geval, door de minister geschorst of tussentijds ontslagen.

3. De benoeming geschiedt voor de duur dat de commissie is ingesteld.

4. Een lid neemt niet deel aan de beoordeling of advisering over een subsidieaanvraag, indien het de beoordeling van of het advies over een aanvraag betreft, waarbij dat lid een persoonlijk of zakelijk belang heeft.

5.

Een lid kan worden geschorst of tussentijds worden ontslagen indien:

a. a. daarom door de betreffende persoon is verzocht; b. b. het functioneren van het lid daartoe aanleiding geeft; of c. c. gebleken is dat de onafhankelijkheid van het lid niet gewaarborgd is.

6. Bij tussentijds ontslag van de voorzitter kan de minister een andere voorzitter benoemen.

7. Bij tussentijds ontslag van een overig lid kan de minister een ander lid benoemen.

Artikel 4

Tot de leden van de commissie worden benoemd:

a. a. Jan van Nierop, tevens voorzitter; b. b. Dorien Krassenberg; c. c. Elijah Delsink; d. d. Frank Bluiminck; e. e. Marleen Harink; f. f. Puk Donken; g. g. Salih Erdal; en h. h. Jamie Visser.

Artikel 5

1. De minister voorziet in het secretariaat van de commissie, dat bij DUS-I wordt belegd.

2. Het secretariaat is belast met de voorbereiding en de coördinatie van de werkzaamheden van de commissie.

3. Het secretariaat is voor de inhoudelijke uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de commissie.

Artikel 6

1. De commissie stelt haar eigen werkwijze vast binnen de kaders van de regeling.

2. Na toestemming van de minister kan de commissie zich door andere personen laten bijstaan voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is.

Artikel 7

De commissie verstrekt aan de minister desgevraagd de door hem gewenste inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.

Artikel 8

1. De vergoeding van de voorzitter van de commissie bedraagt € 400,00 per dagdeel.

2. De vergoeding van de overige leden bedraagt € 279,00 euro per dagdeel.

3.

Een commissielid ontvangt de volgende vergoeding voor het beoordelen van een subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 6 van de regeling:

1°. 1°. één dagdeel voor het bijwonen van de introductiebijeenkomst; 2°. 2°. maximaal tien dagdelen voor de individuele beoordeling van de subsidieaanvragen als bedoeld in artikel 6 van de regeling; en 3°. 3°. maximaal twee dagdelen voor het uitbrengen van advies aan de minister.

4. De reiskostenvergoeding is € 0,23 per kilometer of de werkelijk gemaakte kosten met het openbaar vervoer.

Artikel 9

Voor zover goedgekeurd komen de kosten van de commissie voor rekening van de minister.

Artikel 10

Rapporten, notities, verslagen, adviezen en andere producten die door of namens de commissie worden vervaardigd of vergaard, worden niet door de commissie openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de minister uitgebracht of overgedragen.

Artikel 11

De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de directie mbo en de directie Onderwijsprestaties en Voortgezet Onderwijs van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 12

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 januari 2026.

Artikel 13

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit beoordelingscommissie Vakwedstrijden vo en mbo 20262036.