rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-programmaraad-ipohv/BWBR0051968
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit programmaraad IPOHV BWBR0051968 ministeriele-regeling geldend 2025-12-18 https://wetten.overheid.nl/BWBR0051968 Instellingsbesluit programmaraad IPOHV

Instellingsbesluit programmaraad IPOHV

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • bestuurlijke stuurgroep: OCW, PO-Raad, VO-raad en VNG
  • IPOHV: Innovatieprogramma Onderwijshuisvesting
  • NGF: Nationaal Groeifonds
  • programmaraad: programmaraad, genoemd in artikel 2
  • minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Artikel 2

1. Er is een programmaraad Innovatieprogramma Onderwijshuisvesting (IPOHV).

2. De programmaraad wordt ingesteld met ingang van 1 mei 2025. Voorafgaande aan de eerste bijeenkomst van de tweede respectievelijk derde tranche van de subsidieregeling zal het functioneren en de samenstelling van de raad worden geëvalueerd en waar nodig bijgesteld overeenkomstig de nieuwe leerlabs in de tweede respectievelijk derde tranche. Met het beëindigen van de subsidieregeling in 2039 wordt de raad overeenkomstig beëindigd.

3.

De programmaraad komt twee keer per jaar bijeen en heeft tot taak de minister/bestuurlijke stuurgroep te adviseren over:

a. a. De agenda van het programma IPOHV waarin de koers en activiteiten zijn opgenomen. Het advies kan onder meer betrekking hebben op de jaarplannen en op de uitvoering van concrete projecten; b. b. De programmaraad kan ook themas agenderen of vragen stellen hoe de programmas het best kunnen bijdragen aan de kwaliteit van de onderwijshuisvesting; c. c. In overleg kan ook tussentijds een beroep gedaan worden op de programmaraad of leden van de programmaraad; d. d. De programmaraad kan ook ongevraagd adviseren.

4. De programmaraad vertegenwoordigt de volle breedte van het funderend onderwijs en de markt op het gebied van onderwijshuisvesting en kan specifieke kennis inwinnen over bepaalde vraagstukken en daarmee zorgdragen voor draagvlak voor de koers en resultaten van het programma.

Artikel 3

1. De programmaraad bestaat uit een voorzitter en leden.

2. De leden vertegenwoordigen elk een belanghebbende organisatie bij het beter, kostenefficiënter en sneller realiseren van kwalitatief betere schoolgebouwen. Zij zitten er niet op persoonlijke titel.

3. De leden van de programmaraad zijn zodanig samengesteld dat zij samen een gebalanceerde vertegenwoordiging vormen van de belanghebbende partijen bij de onderwijshuisvestingsopgave.

4. De deelnemende organisaties worden door de minister benoemd en, in voorkomend geval, door de minister geschorst of tussentijds ontslagen.

5. De benoeming geschiedt voor de duur dat de programmaraad is ingesteld, overeenkomstig artikel 2 lid 2.

6. De programmaraad kiest uit haar midden de voorzitter.

7. Een lid neemt niet deel aan de vergadering van de programmaraad indien het een advies over een onderwerp betreft, waarbij dat lid een persoonlijk of zakelijk belang heeft.

8.

Een lid kan worden geschorst of tussentijds worden ontslagen indien:

a. a. daarom door de betreffende persoon is verzocht; b. b. het functioneren van het lid daartoe aanleiding geeft; of c. c. gebleken is dat de onafhankelijkheid van het lid niet gewaarborgd is.

9. Bij tussentijds ontslag van de voorzitter kan de minister een andere voorzitter benoemen.

10. Bij tussentijds ontslag van een overig lid kan de minister een ander lid benoemen.

11. Een lid kan te allen tijde als zodanig ontslag nemen en geeft daarvan schriftelijk kennis aan de voorzitter.

Artikel 4

Tot deelnemende organisaties van de programmaraad IPOHV worden benoemd:

Onderwijs:

    1. AVS; Academie Vakvereniging Schoolleiders
    1. AOB; Algemene Onderwijsbond
    1. FvOv; Federatie van Onderwijsvakorganisaties
    1. LAKS; Landelijk Aktie Komitee Scholieren (evt. met Ouders & Onderwijs in getrapte vertegenwoordiging)
    1. SPV; Stichting Platforms VMBO

Gemeenten:

    1. LVO; Landelijke Vereniging Onderwijsadviseurs huisvesting
    1. K80; netwerk kleine gemeenten

Inclusie:

    1. Sectorraad GO; Gespecialiseerd Onderwijs
    1. Sectorraad PRO; Praktijkonderwijs
    ONSwv; Overkoepelend Netwerk Samenwerkingsverbanden
    JongPIT; voor jongeren met een chronische aandoening
    LBVSO; Leerlingenbelang VSO
    Stem van de VSO-leerling

Markt:

    Techniek Nederland
    Bouwend Nederland
    Binnenklimaat Nederland
    BK; Brancheorganisatie Kinderopvang
    BMK Brancheorganisatie Maatschappelijke Kinderopvang
    NL Ingenieurs
    BNA; Branchevereniging Nederlandse Architectenbureau

Gebouwtechnologie NL (bestaande uit: Binnenklimaat NL, NVKL, FME, Vereniging Distributie en afgifte Industrie) wordt vertegenwoordigd door Binnenklimaat NL. Dus deze bedrijven hebben indirect zitting in de Raad.

Artikel 5

1. De PO-Raad en VO-raad voorzien gezamenlijk in het secretariaat van de programmaraad.

2. Het secretariaat is belast met de voorbereiding en de coördinatie van de werkzaamheden van de programmaraad.

Artikel 6

1. De programmaraad stelt haar eigen werkwijze vast binnen de kaders van het programma IPOHV.

2. Na toestemming van de minister kan de programmaraad zich door andere personen laten bijstaan voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is.

Artikel 7

De programmaraad verstrekt aan de minister desgevraagd de door hem gewenste inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.

Artikel 8

Leden van de programmaraad ontvangen geen geldelijke beloning voor de te verrichten werkzaamheden en hebben geen recht op reiskostenvergoeding.

Artikel 9

Voor zover goedgekeurd komen de kosten van de programmaraad voor rekening van de minister.

Artikel 10

Rapporten, notities, verslagen, adviezen en andere producten die door of namens de programmaraad worden vervaardigd of vergaard, worden niet door de programmaraad openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de minister uitgebracht of overgedragen.

Artikel 11

De programmaraad draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de Directie Voortgezet Onderwijs van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 12

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie in de Staatscourant en werkt daarbij terug tot en met 1 mei 2025.

2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 januari 2040.

Artikel 13

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit programmaraad IPOHV.