rijk/ministeriele-regeling/nieuw-thema-en-stofomschrijving-als-onderdeel-van-het-centraal-examen-geschieden/BWBR0014718
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Nieuw thema en stofomschrijving als onderdeel van het centraal examen geschiedenis vwo/havo 2005 en 2006 BWBR0014718 ministeriele-regeling geldend 2003-03-15 https://wetten.overheid.nl/BWBR0014718 Nieuw thema en stofomschrijving als onderdeel van het centraal examen geschiedenis vwo/havo 2005 en 2006

Nieuw thema en stofomschrijving als onderdeel van het centraal examen geschiedenis vwo/havo 2005 en 2006

Artikel 1

Het thema behorende bij domein E "Oorlog en vrede", subdomein Internationale betrekkingen en oorlogvoering, als onderdeel van het centraal examen geschiedenis vwo en havo in 2005 en 2006, is: "Dekolonisatie en koude oorlog in Vietnam".

Artikel 2

De stofomschrijving voor het thema "Dekolonisatie en koude oorlog in Vietnam", bedoeld in artikel 1, is opgenomen in de bijlage bij deze regeling.

Artikel 3

Deze regeling wordt in Uitleg OCenW-Regelingen geplaatst. Van deze plaatsing wordt melding gedaan in de Staatscourant.

Artikel 4

Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen, waarin deze regeling is bekendgemaakt.

Artikel 5

Deze regeling wordt aangehaald als 'Nieuw thema en stofomschrijving als onderdeel van het centraal examen geschiedenis vwo/havo 2005 en 2006'.

Bijlage . Stofomschrijving nieuw thema als onderdeel van het centraal examen geschiedenis vwo en havo 2005 en 2006

**Verantwoording **

Het nieuwe thema, dat onderdeel van het centraal examen geschiedenis vwo en havo voor de examenjaren 2005 en 2006 is, moet worden afgeleid van het subdomein 'Internationale betrekkingen en oorlogvoering'. De stofomschrijvingscommissie heeft als thema gekozen voor de oorlog in Vietnam. Deze oorlog uit het recente verleden wordt over het algemeen beschouwd als één de meest gezichtsbepalende conflicten in de Koude Oorlog. De Amerikaanse bemoeienis en militaire interventie in de regio, die uiteindelijk de tot op heden langstdurende oorlog in de Amerikaanse geschiedenis tot gevolg had, is indertijd gerechtvaardigd door deze te plaatsen binnen de kaders van de Koude Oorlog en wordt in het geschiedenisonderwijs over de 20e eeuw ook meestal in deze context behandeld. Daarmee is tevens de Koude Oorlog tot een belangrijk onderdeel van het thema gemaakt. Daarnaast kan het dekolonisatieproces niet buiten beschouwing worden gelaten. Concentratie op de Vietnamoorlog biedt echter de mogelijkheid deze beide andere thema's exemplarisch, samenhangend en daardoor betekenisvoller te behandelen.

Voor de westerse wereld is 'Vietnam' synoniem geworden voor een slepend conflict met een open einde waarin de ogenschijnlijk sterkste tegenstander er maar niet in slaagt de overwinning binnen te halen. Als zodanig heeft een 'Vietnamsyndroom' lange tijd invloed gehad op de buitenlandse politiek van westerse landen. Daarmee is duidelijk dat het conflict in Vietnam een sprekend voorbeeld is van veranderingen in de internationale betrekkingen onder invloed van ontwikkelingen en processen op het gebied van vrede en veiligheid en oorlogvoering. Tenslotte kan 'Vietnam' gelden als een schoolvoorbeeld van de relatie tussen conflicten enerzijds en ideologische, economische en machtspolitieke belangen anderzijds. Zonder de tegenstelling tussen kapitalisme en communisme, zonder de perceptie van het strategisch belang van Zuid-Oost-Azië in de Koude Oorlog, zou de oorlog in Vietnam vermoedelijk niet zo geëscaleerd zijn.

De commissie heeft het thema 'Dekolonisatie en Koude Oorlog in Vietnam' genoemd en gekozen voor de volgende hoofdvragen:'

Daarmee heeft de commissie gekozen voor één thema voor havo en vwo, met daarbinnen een differentiatie tussen beide afdelingen. Gezien het geringe aantal uren geschiedenis in de bovenbouw van het havo en de complexiteit van het onderwerp heeft de commissie gemeend er verstandig aan te doen het thema voor havo-leerlingen te beperken. In de praktijk betekent dit dat de Vietnamoorlog voor de havo-leerlingen vooral wordt bekeken vanuit het perspectief van de Verenigde Staten en Vietnam. Van de vwo-leerlingen worden daarnaast verwacht dat zij de oorlog, na bestudering, in een breder internationaal perspectief kunnen plaatsen. Dit heeft geresulteerd in een basistekst voor beide afdelingen, met uitbreidingen uitsluitend voor vwo. Deze uitbreidingen zijn in de tekst cursief weergegeven.

Voor zowel havo als vwo geldt dat leerlingen na het bestuderen van dit onderwerp begrijpen hoe deze oorlog, die niemand wilde, kon ontstaan en zich zo lang kon voortslepen. Ook wordt in beide stofomschrijvingen aandacht besteed aan de beeldvorming van de verschillende partijen en de uiteenlopende betrokkenheid van burgers, op grond van etniciteit, sociaal-economische verschillen en leeftijdsverschillen. De commissie heeft er voor gekozen de verschillen in betrokkenheid tussen de seksen noch voor de Vietnamese, noch voor de Amerikaanse kant nader uit te werken, deels omdat deze verschillen evident zijn, deels omdat het uitwerken van deze verschillen niet veel zou bijdragen tot een beter begrip van dit domein. Ook het humanitair oorlogsrecht komt in geen van beide uitwerkingen aan de orde. Weliswaar hadden alle partijen beloofd zich aan de op dat moment geldende wetten te houden, maar er is, anders dan bij de conflicten in Ruanda en voormalig Joegoslavië, geen officieel erkend tribunaal gekomen waar de schendingen van dat recht zijn bestraft. Wel is het humanitair oorlogsrecht in 1977 uitgebreid met een verbod op het aanbrengen van milieuschade. In de uitwerking voor het vwo wordt wel aandacht besteed aan het internationaal rechtskader dat door de oprichting van de VN tot stand kwam en waaraan de VS als ondertekenaar getoetst kan worden.

Beide thema's beginnen met een historisch kader waarin de context van het conflict wordt aangegeven. Deze informatie is bedoeld voor beter begrip van wat volgt en behoort - voor zover het niet in de hoofdstukken terugkomt - niet tot de examenstof. De opzet van het thema is in grote lijnen chronologisch. Daarbinnen wordt regelmatig gewisseld tussen de gebeurtenissen in Vietnam en de reacties daarop van de VS en, voor het vwo, de reacties van andere landen en organisaties. Daarbij hebben we getracht de meest recente historische gegevens te verwerken, en ook ruimte te laten voor verschillende interpretaties. In de epiloog wordt beschreven hoe het conflict na 1975 nog heeft doorgewerkt; ook deze informatie behoort niet tot de stof voor het examen.

Historische namen en begrippen zijn in de tekst daar vetgedrukt waar zij de grootste betekenis hebben, dus niet noodzakelijk de eerste keer dat zij in de tekst genoemd worden. De naam van een persoon is vetgedrukt wanneer deze persoon binnen het thema een rol van betekenis speelde, of wanneer aan de hand van deze persoon een bepaald aspect van het thema meer perspectief kon krijgen. Historische begrippen zijn vetgedrukt wanneer zij binnen de gegeven context een betekenisvol aspect vertegenwoordigen, dat het thema verheldert en bijdraagt tot beantwoording van de vraagstelling.

Over de beschikbaarheid van literatuur had de commissie bij dit onderwerp uit het recente verleden bepaald niet te klagen. In de bijgevoegde literatuurlijst staat de aanbevolen secundaire literatuur vermeld. Daarbij hadden recente boeken onze voorkeur, omdat hierin ook informatie uit onlangs ontsloten archieven verwerkt is. Daarnaast zijn er op het internet zeer veel sites te vinden met daarop verslagen van de oorlog en ooggetuigenverslagen, over het algemeen van Amerikaanse zijde. Wij hopen dat deze direct toegankelijke bronnen voor leerlingen een extra dimensie aan het onderwerp zullen geven.

Dekolonisatie en Koude Oorlog in Vietnam

Hoofdvragen

Historisch kader

Vietnam ligt in Zuid-Oost-Azië en telt ongeveer 77 miljoen inwoners. Het land heeft een tropisch klimaat en bezit geen bodemschatten van betekenis, maar is erg vruchtbaar, vooral in het zuiden. Het laagland van Vietnam wordt gekenmerkt door twee grote rivierdelta's, de Rode Delta in het noorden en de Mekongdelta in het zuiden. Dankzij irrigatie en bedijking is rijstverbouw hier een belangrijk bestaansmiddel. Meer landinwaarts is het noorden en midden van Vietnam erg bergachtig; de omstandigheden voor landbouw zijn hier moeilijker. In het noorden grenst Vietnam aan China. Dit feit heeft het verloop van de Vietnamese geschiedenis sterk bepaald. Vaak was er sprake van Chinese overheersing in Vietnam en hoewel de Vietnamese en de Chinese cultuur daardoor veel overeenkomsten vertonen, is de verhouding tussen beide volkeren altijd gevoelig gebleven. Ook in de 20e eeuw balanceerde met name het Noorden van Vietnam tussen samenwerking met de Volksrepubliek China en het voorkomen van een te veel aan Chinese invloed in eigen land. In de Vietnamoorlog is de ligging nabij en de relatie met deze grote communistische mogendheid waarschijnlijk van doorslaggevende betekenis geweest.

De 20e eeuw zag de opkomst van drie grote mogendheden, waarvan twee, de Verenigde Staten en de Sovjet Unie, vanaf de Tweede Wereldoorlog de wereldpolitiek gingen bepalen. Zij vertegenwoordigden twee ideologisch geïnspireerde systemen, die elkaar wederzijds uitsloten: een samenleving waarin het individu centraal staat en die is gebaseerd op westerse waarden als vrijheid en democratie en een samenleving waarin het collectief centraal staat en waarden als gelijkheid en solidariteit. Beide systemen hadden globalistische aspiraties - bij het communisme gold lange tijd de 'wereldrevolutie' als een van de belangrijkste uitgangspunten - die zij met deze idealen rechtvaardigden. Onduidelijk was echter steeds waar idealisme ophield en eigenbelang begon. De 20e eeuw zag ook de afbraak van de grote koloniale rijken die West-Europese mogendheden in de voorafgaande eeuwen hadden opgebouwd in Azië en Afrika. De dekolonisatie die na de Tweede Wereldoorlog z'n beslag kreeg, was in Azië in de jaren twintig en dertig al zichtbaar in de vorm van een toenemend zelfbewustzijn van gekoloniseerde volkeren en nationalistische bewegingen. Het communistische gedachtegoed, waarin het einde van zowel het kapitalisme als het kolonialisme werd voorzien, sloot goed aan bij het streven naar onafhankelijkheid en veel nationalistische bewegingen waren - mede - communistisch geïnspireerd. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de Koude Oorlog met name werd uitgevochten in wat later de 'Derde Wereld' zou gaan heten.

In de onafhankelijkheidsstrijd van veel koloniën werden nationalistische en Koude Oorlogsmotieven vermengd. Toen het Franse koloniale bewind in Indochina zich niet langer zelfstandig kon handhaven, schoten de VS te hulp. De Koude Oorlog vereiste volgens de toenmalige opvattingen van beleidsmakers in de VS vervolgens een blijvende Amerikaanse aanwezigheid in de regio. Uiteindelijk werden de drie grote mogendheden, die alle beschikten over kernwapens, bij het conflict betrokken. De oorlog had voor Vietnam zelf rampzalige gevolgen, maar escaleerde ondanks het diepe wantrouwen dat in deze Koude Oorlogsjaren de verhoudingen tussen de wereldmachten kenmerkte, niet tot een wereldwijd of nucleair conflict.

Tot circa 1960 hadden veel Amerikanen nog nooit van Vietnam gehoord. Vanaf dat jaar ging de strijd in dat land het nieuws in de VS steeds meer beheersen. De Amerikaanse betrokkenheid in de strijd tussen Noord- en Zuid-Vietnam werd 'de Vietnamoorlog', waar bijna iedereen in de westerse wereld op den duur een mening over had. Het werd het langstdurende conflict waar Amerikanen ooit bij betrokken waren en resulteerde in circa 58.000 doden aan Amerikaanse zijde en twee tot drie miljoen aan Vietnamese. De oorlog kostte de VS circa 150 miljard dollar en werd uiteindelijk niet door hen gewonnen. Op Vietnam werden meer bommen gegooid dan het totale aantal gebruikt in de Tweede Wereldoorlog. De oorlog verwoestte grote delen van de Vietnamese ecologische en sociaal-economische structuur. Nogal wat Amerikaanse soldaten konden na hun terugkeer wegens psychosociale en fysieke problemen hun draai in de samenleving niet meer vinden. Veel Amerikanen vroegen zich daarom naderhand af waarom de VS ooit aan dit 'avontuur' waren begonnen.