rijk/ministeriele-regeling/oretmilievregeling-2002/BWBR0013534
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Oret/Milievregeling 2002 BWBR0013534 ministeriele-regeling geldend 2002-03-24 https://wetten.overheid.nl/BWBR0013534 Oret/Milievregeling 2002

Oret/Milievregeling 2002

Artikel I

Het Besluit hernieuwde vaststelling beleidsvoornemen in het kader van het Oret/Miliev-programma van 24 januari 2000, nr. DOB-1540/99 (Stcrt. 2000, 27) wordt ingetrokken.

Artikel II

Voor subsidieverlening op grond van artikel 2.7.4, onder h, van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken in het kader van het Oret/Miliev-programma geldt het als bijlage bij dit besluit gevoegde beleidsvoornemen.

Artikel III

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit zal met de toelichting en de bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.

Bijlage . Bijlage

Dit is de nieuwe integrale tekst van de beschrijving van de Oret/Miliev-regeling. De regeling werd voor het eerst gepubliceerd in de Staatscourant 199, nr. 139, dd. 9 juli 1999. Sindsdien is de regeling meermaals geamendeerd (februari 2000, december 2000 en juli 2001). Met de publicatie van deze tekst komen eerdere ORET/MILIEV-regelingen te vervallen.

Een Oret/Miliev-aanvraag moet tenminste een drietal documenten omvatten: een juist en volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier, een verklaring van de centrale overheid van het ontwikkelingsland en een haalbaarheidsstudie van het gehele project waarin de transactie een rol speelt. In deze documenten moet de aanvrager aannemelijk maken dat zijn aanvraag aan de criteria voldoet (zie hoofdstuk 3).

De aanvraag moet in tweevoud bij NIO worden ingediend, dus met complete kopie van de drie basisdocumenten en van eventuele andere bijlagen. De aanvraag en alle bijlagen dienen gesteld te zijn in het Nederlands of het Engels.

De onderneming die een aanvraag wil indienen moet derhalve veel voorwerk verrichten, in veel gevallen met behulp van de afnemer. In bepaalde gevallen kan hij daarbij een beroep doen op de fondsen voor projectstudies die beschikbaar zijn bij Senter en FMO. Het zal de opdrachtgever/afnemer niet altijd duidelijk zijn dat ook hij inzage moet geven in het reilen en zeilen van de organisatie of het bedrijf waar het project onder valt. De eisen van de OESO-Consensus (zie paragraaf 4.1) maken dat echter noodzakelijk. Eventueel kan de Nederlandse ambassade worden ingeschakeld om bij de betrokken overheid te onderstrepen dat de gevraagde informatie van essentieel belang is voor een beslissing over het verstrekken van een schenking.

Alleen volledig ingevulde en ondertekende aanvraagformulieren die vergezeld zijn van de genoemde documenten, worden in behandeling genomen. Zodra NIO een aanvraag in behandeling neemt, dan worden de Nederlandse aanvrager en de potentiële afnemer in het ontwikkelingsland hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.

Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden NV (NIO)

Koningskade 40

Postbus 93060

2509 AB Den Haag

Tel: 070-3149.814, Fax: 070-3149.895

E-mail: nio-oret@fmo.nl

Website: www.fmo.nl

Voor een overzicht van programma's en instrumenten van de Nederlandse overheid waar bedrijven gebruik van kunnen maken: zie www.minbuza.nl, www.senter.nl, www.minez.nl en www.evd.nl.

Bijlage 1. - Afkortingenlijst

Awb: Algemene wet bestuursrecht

CIRR: Commerciële Referentierente (`Commercial Interest Reference Rate')

CV: commercieel haalbaar (`commercially viable')

DAC: Development Assistance Committee

EIRR: Economische Interne Rentevoet (`Economical Internal Rate of Return')

EKI: directie Exportkrediet en Investeringsgaranties van het ministerie van Financiën

EG: Europese Gemeenschap, voorloper van

EU: Europese Unie

EZ: ministerie van Economische Zaken

FIRR: Financiële Interne Rentevoet (`Financial Internal Rate of Return')

FMO: Nederlandse Financierings-Maatschappij voor Ontwikkelingslanden NV te Den Haag

Miliev: Milieu en Economische Verzelfstandiging

MOL: Minst Ontwikkeld Land

NCM: Nederlandsche Credietverzekering Maatschappij NV te Amsterdam

NIO: Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden NV, dochter van de FMO

ODA: Official Development Assistance

OESO: Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling te Parijs

Oret: Ontwikkelings Relevante Export Transacties

OS: Ontwikkelingssamenwerking, ook vaak gebruikte afkorting voor de overheidsonderdelen die met Ontwikkelingssamenwerking belast zijn.

PESP: Programma Economische Samenwerkings Projecten

SDR: Special Drawing Rights, door het IMF gehanteerde rekengrootheid voor reservevaluta

Senter: Agentschap van het ministerie van EZ

Bijlage 2. - De Oret/Miliev landenlijst

(Het indienen van een aanvraag is slechts mogelijk indien kan worden aangetoond dat een buitenlandse onderneming met buitenlandse overheidssteun een concurrerende offerte wil doen.)

Bijlage 3. Checklist voor de haalbaarheidsstudie

In de haalbaarheidsstudie aan de orde te stellen elementen (deze lijst is niet uitputtend)