40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling aanwijzing dier- en plantensoorten Flora- en faunawet | BWBR0013485 | ministeriele-regeling | geldend | 2002-04-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0013485 | Regeling aanwijzing dier- en plantensoorten Flora- en faunawet |
Regeling aanwijzing dier- en plantensoorten Flora- en faunawet
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
Artikel 2
Als beschermde inheemse plantensoort als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de wet zijn aangewezen de in bijlage 1 bij deze regeling genoemde plantensoorten, met inbegrip van de bij deze bijlage behorende voetnoot.
Artikel 3
Als beschermde inheemse diersoort als bedoeld in artikel 4, derde lid, van de wet zijn aangewezen de in bijlage 2 bij deze regeling genoemde diersoorten.
Artikel 4
1.
Als beschermde uitheemse dier- en plantensoort als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet zijn, voorzover het soorten als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel a, van de wet betreft, en met uitzondering van de daarin voorkomende beschermde inheemse dier- en plantensoorten, aangewezen:
a. a. de soorten genoemd in bijlage A bij de basisverordening, met inachtneming van de tot die bijlage behorende opmerkingen over de interpretatie daarvan; b. b. de soorten genoemd in bijlage IV bij richtlijn 92/43/EEG, voorzover deze soorten niet vallen onder de basisverordening; c. c. de soorten genoemd in bijlage 3 bij deze regeling.
2.
Als beschermde uitheemse dier- en plantensoort als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet zijn, voorzover het soorten als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel b, van de wet betreft en voorzover deze soorten niet reeds onder artikel 4, eerste lid, van deze regeling vallen, aangewezen:
a. a. de soorten genoemd in de bijlagen B, C en D bij de basisverordening, met inachtneming van de tot die bijlage behorende opmerkingen over de interpretatie daarvan, en met uitzondering van de daarin voorkomende beschermde inheemse dier- en plantensoorten; b. b. Castor canadensis (Canadese bever), Canis latrans (Coyote), Martes zibellina (sabelmarter), Procycon lotor (wasbeer), Ondatra zibethicus (muskusrat), Martes pennanti (Canadese marter), Taxidea taxus (Canadese das) en Martes americana (Amerikaanse marter); c. c. Zeehond als bedoeld in artikel 2, eerste onderdeel, van verordening (EG) 1007/2009.
Artikel 5
Een wijziging van bijlage IV bij richtlijn 92/43/EEG geldt voor de toepassing van deze regeling met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven.
Artikel 6
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de artikelen 3, tweede lid, 4, derde lid, en 5, tweede lid, van de Flora- en faunawet in werking treden.
Artikel 7
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing dier- en plantensoorten Flora- en faunawet.
Bijlage 1. lijst met beschermde inheemse plantensoorten als bedoeld in
De letters a tot en met d in de derde kolom corresponderen met de onderdelen a tot en met d van artikel 3, eerste lid, van de wet en refereren naar de motieven voor opname in deze lijst van beschermde inheemse plantensoorten die van nature in Nederland voorkomen en die:
Bijlage 2. lijst met beschermde inheemse diersoorten als bedoeld in
^2 Sympecma braueri
De letters a tot en met d in de derde kolom corresponderen met de onderdelen a tot en met d van artikel 4, tweede lid, van de wet en refereren naar de motieven voor opname in deze lijst van beschermde inheemse diersoorten die van nature in Nederland voorkomen en die: