rijk/ministeriele-regeling/regeling-aanwijzing-nationaal-park-in-oprichting-de-utrechtse-heuvelrug/BWBR0010802
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug BWBR0010802 ministeriele-regeling geldend 1999-11-03 https://wetten.overheid.nl/BWBR0010802 Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug

Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2

Als nationaal park in oprichting wordt aangewezen het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug, zoals aangegeven op de als bijlage bij deze regeling behorende kaart.

Artikel 3

Er is een overlegorgaan nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug.

Artikel 4

1. Het overlegorgaan heeft tot taak, vooruitlopend op de aanwijzing van het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug, bedoeld in artikel 2, als nationaal park, de inrichting, het beheer en functioneren van het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug overeenkomstig de doelstellingen van een nationaal park te bevorderen.

2.

Tot die taak behoort onder meer:

a. a. het opstellen van een beheers- en inrichtingsplan, dat als basis kan dienen om het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug aan te wijzen als nationaal park; b. b. de onderlinge afstemming van alle voor de inrichting en beheer van belang zijnde activiteiten; c. c. het doen van voorstellen aan de minister voor de besteding en toekenning van de voor het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug beschikbare middelen, onder meer in de vorm van een voortschrijdend meerjarenprogramma en een jaarlijks in te dienen bestedingenplan; d. d. bevordering en coördinatie van voorlichting en educatie met betrekking tot het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug.

Artikel 5

Het overlegorgaan neemt bij de uitvoering van zijn taak als uitgangspunt het advies van de Voorlopige Commissie Nationale Parken van 6 juli 1998 als ook de brief van 11 januari 1999 met kenmerk DN. 19981184 inhoudende het beleidsstandpunt van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij daaromtrent.

Artikel 6

In het overlegorgaan hebben zitting:

a. a. een door de minister te benoemen lid, tevens voorzitter; b. b. door de minister te benoemen leden, als vertegenwoordiger en op voordracht van respectievelijk:

      1.
       de provincie Utrecht;
    
    
      2.
       de stichting het Utrechts Landschap;
    
    
      3.
       Staatsbosbeheer;
    
    
      4.
       de Vereniging Natuurmonumenten;
    
    
      5.
       de Stichting Stichtse Milieufederatie;
    
    
      6.
       de gemeenten Amerongen, Maarn, Rhenen, Doorn, Leersum, Driebergen-Rijsenburg, Veenendaal en Woudenberg
    
    
      7.
       de particuliere eigenaren;
    
    
      8.
       het waterschap Vallei en Eem en het waterschap De Stichtse Rijnlanden;
    
    
      9.
       de recreatie-ondernemers en gebruikers;
    
    
      10.
       de agrarische gebruikers;
    
    
      11.
       het recreatieschap Utrechtse Heuvelrug, Vallei- en Kromme Rijngebied.
    1.  de provincie Utrecht;
      
    1.  de stichting het Utrechts Landschap;
      
    1.  Staatsbosbeheer;
      
    1.  de Vereniging Natuurmonumenten;
      
    1.  de Stichting Stichtse Milieufederatie;
      
    1.  de gemeenten Amerongen, Maarn, Rhenen, Doorn, Leersum, Driebergen-Rijsenburg, Veenendaal en Woudenberg
      
    1.  de particuliere eigenaren;
      
    1.  het waterschap Vallei en Eem en het waterschap De Stichtse Rijnlanden;
      
    1.  de recreatie-ondernemers en gebruikers;
      
    1. de agrarische gebruikers;
    1. het recreatieschap Utrechtse Heuvelrug, Vallei- en Kromme Rijngebied. c. c. de Directeur van de Directie LNV Noordwest van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

Artikel 7

1. Het secretariaat van het overlegorgaan berust bij een door de provincie Utrecht te benoemen ambtenaar in dienst bij deze provincie.

2. Het overlegorgaan regelt de openbaarheid en de plaats van zijn vergadering, alsmede de overige aspecten van zijn inrichting en werkwijze.

3. Het overlegorgaan brengt jaarlijks van zijn werkzaamheden en de daarmee samenhangende ontwikkelingen in het nationale park De Utrechtse Heuvelrug verslag uit aan de minister.

Artikel 8

Indien in het overlegorgaan belangrijke verschillen van inzicht blijken te bestaan, doet de voorzitter van het overlegorgaan daarvan mededeling aan de minister, die daarop de naar zijn oordeel nodige stappen onderneemt.

Artikel 9

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij geplaatst is.

Artikel 10

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug.