40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling erkenning en keuringsvoorschriften aangemelde instanties transeuropees hoge-snelheidsspoorwegsysteem | BWBR0010966 | ministeriele-regeling | geldend | 1999-12-24 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0010966 | Regeling erkenning en keuringsvoorschriften aangemelde instanties transeuropees hoge-snelheidsspoorwegsysteem |
Regeling erkenning en keuringsvoorschriften aangemelde instanties transeuropees hoge-snelheidsspoorwegsysteem
Paragraaf 1. Definities
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
Paragraaf 2. Aanvraag
Artikel 2
1.
De aanvraag voor de erkenning als aan te melden instantie gaat ten minste vergezeld van de volgende gegevens en bescheiden:
a. a. een gewaarmerkt afschrift van de statuten en de akte van oprichting van de rechtspersoon; b. b. uittreksel van het ter zake van de aanvrager in het handelsregister ingeschrevene; c. c. opgave van beschikbare specifieke deskundigheden met kopieën van relevante diploma’s en loopbaanbeschrijvingen; d. d. een beschrijving van de taken waarvoor de erkenning wordt aangevraagd; e. e. overzicht van niet als aangemelde instantie uitgevoerde of uit te voeren werk-zaamheden ten aanzien van onderwerpen waarop hoofdstuk IIIA van de Spoorwegwet betrekking heeft; f. f. afschriften van polissen van tegen wettelijke aansprakelijkheid afgesloten verzekeringen; g. g. indien toepasselijk bewijsschriften van door de aan te melden instantie verkregen accreditaties; h. h. indien toepasselijk afschriften van besluiten tot erkenning of aanwijzing krachtens andere wettelijke voorschriften; i. i. overzicht van bedragen die de aan te melden instantie voornemens is in rekening te brengen voor de werkzaamheden waarvoor erkenning wordt aangevraagd; j. j. eventuele algemene voorwaarden die de aan te melden instantie voornemens is te hanteren bij overeenkomsten met fabrikanten of aanbestedende diensten; k. k. gegevens waaruit concrete invulling van de geheimhoudingsplicht, bedoeld in artikel 2.5, van de Algemene wet bestuursrecht, blijkt; l. l. gegevens met betrekking tot uit te besteden werkzaamheden met inbegrip van een opgave van opdrachtnemers, en m. m. afschriften van bedrijfsinterne procedures, handboeken en voorschriften met betrekking tot de uitvoering van de taken waarvoor erkenning aangevraagd wordt.
2. De aanvraag gaat vergezeld van een beschrijving van de organisatie met inbegrip van opgave van de personele samenstelling van de organen van de rechtspersoon en in de organisatie aanwezige waarborgen voor onpartijdigheid en onafhankelijkheid.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid kan de aanvrager die reeds aangemelde instantie is voor zover toepasselijk volstaan met een ondertekende verklaring dat geen wijziging is opgetreden ten opzichte van de situatie zoals beschreven in de desbetreffende bescheiden bij de vorige aanvraag.
Artikel 3
1. De aanvrager verleent desgevraagd medewerking aan een door Railned of een andere door de minister aan te wijzen instantie, uit te voeren onderzoek naar diens vermogen om, gezien zijn organisatie, personeel en materieel, de taken waarvoor erkenning is aangevraagd, te verrichten.
2. Onvoldoende medewerking geeft reden tot afwijzing van de aanvraag.
Artikel 4
1. De minister beslist binnen 12 weken op de aanvraag.
2. Indien de beschikking niet binnen 12 weken kan worden gegeven, stelt de minister de aanvrager daarvan in kennis en noemt hij daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.
Paragraaf 3. Erkenningscriteria
Artikel 5
De aan te melden instantie is een in Nederland gevestigde onderneming als bedoeld in artikel 3, eerste lid, dan wel een rechtspersoon als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Handelsregisterwet 1996.
Artikel 6
1. De aan te melden instantie beschikt of kan beschikken over personeel met voldoende kennis van de relevante techniek op het niveau van hoger of wetenschappelijk technisch onderwijs.
2. De aan te melden instantie beschikt of kan beschikken over personeel met ten minste twee jaar ervaring met de relevante techniek.
3. De aan te melden instantie beschikt of kan beschikken over voldoende kennis van het bestuursrecht om op correcte wijze bezwaar- en beroepsprocedures te kunnen voeren.
Artikel 7
1. Voor uitvoering van de taken van aangemelde instantie van module Abis, Cbis of F voldoet de aanvrager aan NEN-EN 45001, NEN-EN 45004 en NEN-EN 45011.
2. Voor uitvoering van de taken van aangemelde instantie van module B voldoet de aanvrager aan NEN-EN 45004 en NEN-EN 45011.
3. Voor uitvoering van de taken van aangemelde instantie van module D en E voldoet de aanvrager aan NEN-EN 45012.
4. Voor uitvoering van de taken van aangemelde instantie van module G voldoet de aanvrager aan NEN-EN 45004 en NEN-EN 45011.
5. Voor uitvoering van de taken van aangemelde instantie van module H voldoet de aanvrager aan NEN-EN 45012.
6. Voor uitvoering van de taken van aangemelde instantie van module Hbis voldoet de aanvrager aan NEN-EN 45012 en NEN-EN 45004 of NEN-EN 45011.
Artikel 8
1. De aan te melden instantie is in staat ten minste de beoordeling en waardering in het kader van onderzoek of EG-keuring als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderscheidenlijk 4, derde lid, van het Besluit interoperabiliteit transeuropees hoge-snelheidsspoorwegsysteem uit te voeren in of vanuit één of meer vestigingen in Nederland.
2. De aan te melden instantie besteedt de beoordeling en waardering niet uit.
Paragraaf 4. Keuringsvoorschriften
Artikel 9
Bij uitbesteding van werkzaamheden draagt de aangemelde instantie er zorg voor, dat:
a. a. dat degene aan wie uitbesteed wordt de krachtens hoofdstuk IIIA van de Spoorwegwet geldende regels in acht neemt; b. b. dat degene aan wie uitbesteed wordt geen van de werkzaamheden verder uitbesteedt; c. c. dat afspraken terzake schriftelijk vastliggen; en d. d. dat een register bij gehouden wordt, aan de hand waarvan uitbestede beproevingen en controles kunnen worden geïdentificeerd.
Artikel 10
1.
De aangemelde instantie:
a. a. bewaart op systematische en behoorlijke wijze de keuringsrapporten, dossiers, verslagen, certificaten, verklaringen en overige gegevens met betrekking tot de taken waarvoor zij is erkend en zorgt ervoor dat de door haar beoordeelde interoperabiliteitsonderdelen of subsystemen aan de hand van de door haar gevoerde administratie afdoende kunnen worden geïdentificeerd; b. b. brengt jaarlijks voor 1 maart schriftelijk verslag uit aan de minister over de als aangemelde instantie in het voorgaande kalenderjaar verrichte werkzaamheden; en c. c. brengt jaarlijks voor 1 augustus financieel verslag uit aan de minister over de als aangemelde instantie verrichte taken werkzaamheden.
2. Het verslag, bedoeld in het eerste lid, onder b, bevat tenminste de gegevens, bedoeld in bijlage VI, onder punt 7, van richtlijn 96/48/EG. Het verslag wordt door de aangemelde instantie algemeen verkrijgbaar gesteld. Een eventueel daarvoor gevraagde vergoeding is kleiner of gelijk aan de kostprijs.
Artikel 11
In afwijking van het modulebesluit wordt geen CE-markering aangebracht.
Paragraaf 5. Overige voorschriften met betrekking tot de taakuitvoering door de aangemelde instantie
Artikel 12
Documenten worden gesteld in het Nederlands, tenzij de desbetreffende fabrikant of aanbestedende dienst buiten Nederland gevestigd is. Alsdan worden documenten gesteld in de officiële taal van de lidstaat van vestiging, of een door de fabrikant of aanbestedende dienst aanvaarde andere taal.
Artikel 13
Een vertegenwoordiger van de aangemelde instantie neemt deel aan vanwege de minister voorgezeten of vanwege de minister aangewezen overleg voor onderlinge afstemming van de wijze van taakuitvoering door Nederlandse aangemelde instanties en inzake inzet ten behoeve van de communautaire coördinatie van aangemelde instanties als bedoeld in artikel 21, vijfde lid, van richtlijn 96/48/EG.
Artikel 14
1.
De aangemelde instantie zendt afschrift aan de minister van:
a. a. afgegeven onderzoekcertificaten en conformiteitsverklaringen; b. b. besluiten tot weigering van afgifte van onderzoekcertificaten en conformiteits-verklaringen; c. c. ontvangen bezwaar- en beroepschriften; d. d. besluiten op bezwaarschriften en door de instantie opgestelde verweerschriften als bedoeld in artikel 8.42, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht; e. e. verzoekschriften en schriftelijke toelichtingen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, respectievelijk 18, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman; f. f. schriftelijke verzoeken om informatie en schriftelijke beslissingen daarop als bedoeld in artikel 3, eerste lid, respectievelijk 5, eerste lid, van de Wet openbaarheid van bestuur.
2. De aangemelde instantie doet binnen een maand mededeling aan de minister van wijzigingen in gegevens die vermeld waren in de aanvraag of wijziging van omstandigheden die uitdrukkelijk meegewogen zijn bij de erkenning.
Artikel 15
De bepalingen van NEN-EN 45004, onder 15, 45011, onder 7 en 45012, onder 2.4 worden niet toegepast op de afhandeling van schriftelijke klachten van fabrikanten of aanbestedende diensten ter zake van afgifte of weigering van afgifte van onderzoekverklaringen of conformiteitsverklaringen.
Paragraaf 6. Slotbepalingen
Artikel 16
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit interoperabiliteit transeuropees hoge-snelheidsspoorwegsysteem in werking treedt.
Artikel 17
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling erkenning en keuringsvoorschriften aangemelde instanties transeuropees hoge-snelheidsspoorwegsysteem.