rijk/ministeriele-regeling/regeling-oplosmiddelenboekhouding-en-metingen-vos-emissies/BWBR0012718
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling oplosmiddelenboekhouding en metingen VOS-emissies BWBR0012718 ministeriele-regeling geldend 2001-08-11 https://wetten.overheid.nl/BWBR0012718 Regeling oplosmiddelenboekhouding en metingen VOS-emissies

Regeling oplosmiddelenboekhouding en metingen VOS-emissies

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2

De oplosmiddelenboekhouding omvat een periode van twaalf maanden en wordt binnen dertien weken na afloop van die periode afgesloten.

Artikel 3

De oplosmiddelenboekhouding bevat in elk geval de volgende gegevens:

a. a. het verbruik, uitgedrukt in gewichtseenheden; b. b. de input, uitgedrukt in gewichtseenheden; c. c. de totale emissie, uitgedrukt in gewichtseenheden, en d. d. de berekeningsmethoden en gegevens, die ten grondslag liggen aan de in onderdeel a tot en met c bedoelde gegevens.

Artikel 4

De oplosmiddelenboekhouding bevat voorts de volgende gegevens:

a. a. de totale emissie, uitgedrukt in een percentage van de input, indien degene die de inrichting drijft, gebruik maakt van een totale-emissiegrenswaarde in een percentage van de input om aan te tonen dat aan het Besluit is voldaan; b. b. de totale emissie, uitgedrukt in een eenheid die aansluit bij de totale emissiegrenswaarde van de activiteiten uit de categorieën 9, 11, 12, 13, 14, 15 en 19 van bijlage IIA, deel I, van het Besluit of van de activiteiten van bijlage IIA, deel II, van het Besluit, indien degene die de inrichting drijft, gebruik maakt van een totale-emissiegrenswaarde per hoeveelheid product om aan te tonen dat aan het Besluit is voldaan; c. c. de afgasconcentratie, uitgedrukt in milligram koolstof per kubieke meter, indien degene die de inrichting drijft, gebruik maakt van een emissiegrenswaarde voor afgassen om aan te tonen dat aan het Besluit is voldaan; d. d. de diffuse emissies, uitgedrukt in een percentage van de input, indien degene die de inrichting drijft, gebruik maakt van een diffuse-emissiegrenswaarde om aan te tonen dat aan het Besluit is voldaan; e. e. de beoogde emissie, uitgedrukt in gewichtseenheden, indien degene die de inrichting drijft, gebruik maakt van een reductieprogramma om aan te tonen dat aan het Besluit is voldaan; f. f. de referentie-emissie, uitgedrukt in gewichtseenheden, indien degene die de inrichting drijft, gebruik maakt van een reductieprogramma met vaste-stofregeling om aan te tonen dat aan het Besluit is voldaan, en g. g. de berekeningsmethoden en gegevens, die ten grondslag liggen aan de in de onderdelen a tot en met f bedoelde gegevens.

Artikel 5

1.

Het verbruik, de input, de diffuse emissies en de totale emissie worden uitgedrukt in gewichtseenheden en bepaald volgens de volgende formules:

a. a. verbruik: I1 - O8; b. b. input: I1 + I2; c. c. diffuse emissies: [I1 - O1 - O5 - O6 - O7 - O8] of [O2 + O3 + O4 + O9]; d. d. totale emissie: [O1 + diffuse emissies] of [I1 - O5 - O6 - O7 - O8].

2. In afwijking van het eerste lid, kan voor de bepaling van de diffuse emissies of de totale emissie een methode worden gebruikt die naar het oordeel van het bevoegd gezag ten minste gelijkwaardig is aan de in het eerste lid genoemde methodes.

Artikel 6

Indien de installatie R-stoffen emitteert, bevat de oplosmiddelenboekhouding tevens de volgende gegevens:

a. a. de totale massastroom van de R-stoffen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van het Besluit, met inbegrip van stoffen waaraan na de inwerkingtreding van het Besluit een van de in artikel 4, tweede lid, van dat besluit bedoelde risicozinnen is toegekend; b. b. de totale massastroom van R-stoffen, bedoeld in artikel 4, vierde lid, van het Besluit, met inbegrip van stoffen waaraan na de inwerkingtreding van het Besluit de in artikel 4, vierde lid, van dat besluit bedoelde risicozin is toegekend; c. c. de afgasconcentraties in mg VOS/m3 van de in onderdeel a bedoelde R-stoffen, indien degene die de inrichting drijft, verplicht is de in artikel 3, derde lid, van het Besluit, bedoelde emissiegrenswaarden in acht te nemen; d. d. de afgasconcentraties in mg VOS/m3 van de in onderdeel b bedoelde R-stoffen, indien degene die de inrichting drijft, verplicht is de in artikel 4, vierde lid, van het Besluit bedoelde emissiegrenswaarden in acht te nemen, en e. e. de berekeningsmethoden en gegevens, die ten grondslag liggen aan de in de onderdelen a tot en met d bedoelde gegevens.

Artikel 7

1. Ten aanzien van continue en periodieke meting geldt de meetmethodiek, zoals beschreven in de paragrafen 3.7.2 tot en met 3.7.4 van de Nederlandse emissierichtlijn lucht, uitgave 2000.

2. Ten aanzien van de frequentie van periodieke meting gelden de daaromtrent gegeven voorschriften in de paragrafen 3.7.2 tot en met 3.7.4 van de Nederlandse emissierichtlijn lucht, uitgave 2000.

3. Ten aanzien van de beoordeling van meetresultaten gelden de voorschriften, zoals beschreven in paragraaf 3.7.4, onder `Onnauwkeurigheid van het meetresultaat', van de Nederlandse emissierichtlijn lucht, uitgave 2000.

Artikel 8

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling oplosmiddelenboekhouding en metingen VOS-emissies.