rijk/ministeriele-regeling/regeling-specifieke-uitkering-voor-gemeenten-voor-de-stimulering-van-de-zwemvaar/BWBR0013728
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling specifieke uitkering voor gemeenten voor de stimulering van de zwemvaardigheid BWBR0013728 ministeriele-regeling geldend 2002-06-22 https://wetten.overheid.nl/BWBR0013728 Regeling specifieke uitkering voor gemeenten voor de stimulering van de zwemvaardigheid

Regeling specifieke uitkering voor gemeenten voor de stimulering van de zwemvaardigheid

Artikel 1

Deze regeling verstaat onder:

Artikel 2

Aan de in de bijlage bij deze regeling genoemde gemeenten kan, indien zij voldoen aan de in artikel 3 genoemde voorwaarden, voor de periode 2002 tot en met 2005 een éénmalige specifieke uitkering worden verstrekt voor de stimulering van de zwemvaardigheid van kinderen in de basisschoolleeftijd.

Artikel 3

De gemeente komt in aanmerking voor een specifieke uitkering indien de gemeente:

a. a. uit eigen middelen een bedrag ter beschikking stelt voor vergroting van de zwemvaardigheid van kinderen in de basisschoolleeftijd dat tenminste gelijk is aan het bedrag dat de gemeente op grond van deze regeling ontvangt; b. b. een effectief zwemvangnet op zet. Indien in de gemeente reeds een zwemvangnet bestaat wordt het beleid ter bevordering van de zwemvaardigheid van jonge kinderen geïntensiveerd; c. c. een registratiesysteem invoert voor kinderen die in aanmerking komen voor het zwemvangnet; d. d. een actief voorlichtings- en stimuleringsbeleid voert om ouders bewust te maken van het belang van zwemvaardigheid voor jonge kinderen; e. e. ouders van jonge kinderen stimuleert om hun kinderen zwemlessen te laten volgen, en f. f. de voorlichting over het belang van leren zwemmen voor zover mogelijk op neemt in het programma van inburgeringcursussen.

Artikel 4

Het registratiesysteem verschaft, uitgaande van een nulmeting, opbrengstmetingen en informatie op basis waarvan kan worden bepaald of de zwemvaardigheid van jonge kinderen, blijkend uit het behalen van een zwemdiploma toeneemt en of naar aanleiding hiervan aanpassing van de activiteiten noodzakelijk is.

Artikel 5

1. De hoogte van de specifieke uitkering bedraagt het in de bijlage opgenomen bedrag per gemeente.

2. De specifieke uitkering wordt jaarlijks gedurende vier jaren betaalbaar gesteld tussen april en september van de desbetreffende jaren.

Artikel 6

1. De in de bijlage opgenomen gemeenten kunnen een aanvraag voor de specifieke uitkering indienen bij de minister van OCenW.

2. Blijkende uit een daartoe strekkende mededeling van de minister van OCenW aan de betreffende gemeente wordt als aanvraag, bedoeld in het eerste lid, beschouwd de reactie van de aangeschreven gemeente op de brief van 15 maart 2002, kenmerk PO/KB/02- 03360, indien uit deze reactie blijkt op welke wijze het Plan van aanpak zwemvaardigheid zal worden uitgevoerd en dat wordt voldaan aan de in artikel 3 genoemde voorwaarden.

Artikel 7

1. In verband met de landelijke uitvoering en evaluatie van deze regeling dienen gemeenten vóór 1 april van de jaren 2003 en 2004 en 2005 een tussenrapportage van de in het voorafgaande jaar uitgevoerde activiteiten met financiële paragraaf in bij de minister van OCenW. Vóór 1 april 2006 wordt een eindrapportage met financiële paragraaf over de gehele periode ingediend.

2. De minister van OCenW kan voorwaarden stellen aan de inhoud van de in het eerste lid genoemde verslagen.

Artikel 8

Gemeenten die op grond van deze regeling een specifieke uitkering ontvangen werken mee aan door of namens de minister OCenW ingesteld onderzoek dat erop gericht is inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het beleid ten aanzien van vergroting van zwemvaardigheid.

Artikel 9

1. Gemeenten die op grond van deze regeling een specifieke uitkering ontvangen dienen uiterlijk 1 november 2006 een financiële verantwoording in bij Cfi, Unit Bekostiging Gemeenten en Speciale doelgroepen, postbus 606, 2700 ML Zoetermeer. De verantwoording bestaat in ieder geval uit een overzicht van de inkomsten en uitgaven die met de verrichte activiteiten zijn gemoeid.

2. Als de specifieke uitkering meer bedraagt dan € 45.500,- gaat de financiële verantwoording vergezeld van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek waaruit blijkt in hoeverre de toegekende uitkering is besteed in overeenstemming met de bepalingen van deze regeling.

3. De minister van OCenW kan in richtlijnen en een controleprotocol nadere voorwaarden stellen aan de inrichting van de in het tweede lid bedoelde accountantsverklaring en de accountantscontrole.

Artikel 10

De specifieke uitkering kan binnen een periode van vijf jaar geheel of gedeeltelijk worden teruggevorderd, indien de gemeente:

a. a. onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een lagere of geen toekenning zou hebben geleid, b. b. de specifieke uitkering niet heeft besteed, of niet heeft besteed in overeenstemming met de bepalingen van deze regeling, danwel c. c. niet heeft voldaan aan hetgeen in de artikelen 3, 7, 8 en 11 is bepaald.

Artikel 11

De gemeente verleent aan de minister van OCenW of een door hem aan te wijzen persoon volledige inzage in de boeken en bescheiden. Aan de bedoelde persoon worden alle inlichtingen verstrekt die deze voor de uitvoering van zijn taak nodig acht.

Artikel 12

In geval van het niet vervullen van de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, worden de op grond van artikel 2 verleende subsidiebedragen verlaagd tot het bedrag van de subsidie dat na de vaststelling of goedkeuring van de begroting ter beschikking staat, een en ander naar rato van het aantal

subsidieaanvragers aan wie subsidie is verleend en van de hoogte van de subsidiebedragen.

Artikel 13

Deze regeling zal met de toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel 14

Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen, waarin deze regeling wordt geplaatst. Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2006, met dien verstande dat zij van toepassing blijft voor de in de artikelen 7, 9 en 10 opgenomen verplichtingen.

Artikel 15

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling specifieke uitkering voor gemeenten voor de stimulering van de zwemvaardigheid.

Bijlage

Bedragen in euros.