rijk/ministeriele-regeling/regeling-subsidiebedragen-milieukwaliteit-elektriciteitsproductie-2003/BWBR0015186
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2003 BWBR0015186 ministeriele-regeling geldend 2003-12-13 https://wetten.overheid.nl/BWBR0015186 Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2003

Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2003

Artikel 1

1.

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a.

      *zuivere biomassa:* producten, afvalstoffen en residuen van de landbouw - met inbegrip van plantaardige en dierlijke stoffen -, de bosbouw en aanverwante bedrijfstakken die geheel biologisch afbreekbaar zijn, alsmede industrieel en huishoudelijk afval dat geheel biologisch afbreekbaar is;

b. b.

      *niet-zuivere biomassa:* biomassa, niet zijnde zuivere biomassa;

c. c.

      *afvalverbrandingsinstallatie:* de productie-installatie waarin al dan niet de opgewekte warmte wordt teruggewonnen en die uitsluitend of in hoofdzaak bestemd is voor:
    
      
        1°.
         de verbranding door oxidatie van afvalstoffen;
      
      
        2°.
         een andere thermische behandeling van afvalstoffen dan bedoeld onder 1° ingeval de producten daarvan vervolgens worden verbrand, of
      
      
        3°.
         de verbranding van producten die voortkomen uit thermische behandeling van afvalstoffen;

1°. 1°. de verbranding door oxidatie van afvalstoffen; 2°. 2°. een andere thermische behandeling van afvalstoffen dan bedoeld onder 1° ingeval de producten daarvan vervolgens worden verbrand, of 3°. 3°. de verbranding van producten die voortkomen uit thermische behandeling van afvalstoffen; d. d.

      *installatie voor de opwekking van elektriciteit met behulp van windenergie op zee:* installatie waarin elektriciteit wordt opgewekt met behulp van windenergie, die is opgericht in de territoriale zee of in de exclusieve economische zone;

e. e.

      *installatie voor de opwekking van elektriciteit met behulp van windenergie op land:* installatie waarin elektriciteit wordt opgewekt met behulp van windenergie, niet zijnde een installatie als bedoeld in onderdeel d.

2. Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel a, worden producten, afvalstoffen en residuen van de landbouw - met inbegrip van plantaardige en dierlijke stoffen -, de bosbouw en aanverwante bedrijfstakken, alsmede industrieel en huishoudelijk afval met een aandeel onvermijdbare kunststoffen en ander materiaal van langcyclisch organische oorsprong van ten hoogste drie massaprocent per partij geacht geheel biologisch afbreekbaar te zijn.

3.

Het rendement voor afvalverbrandingsinstallaties wordt berekend door de som van:

a. a. de opgewekte en aan het net of aan andere installaties dan de installatie die de elektriciteit opwekt te leveren elektriciteit, en b. b. tweederde van de opgewekte en nuttig aan te wenden warmte,

te delen door het product van de massa van het te verwerken afval en de calorische onderwaarde van dit afval.

Artikel 2

Het vaste bedrag ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor duurzame elektriciteit, opgewekt in een installatie met een nominaal elektrisch vermogen van ten hoogste 50 MW, niet zijnde een afvalverbrandingsinstallatie, bedraagt in 2003:

a. a. indien zuivere biomassa, met uitzondering van stortgas en biogas uit slibvergisting, wordt omgezet in elektriciteit: € 0,068 per kWh; b. b. indien niet-zuivere biomassa, met uitzondering van stortgas en biogas uit slibvergisting, wordt omgezet in elektriciteit: € 0,029 per kWh.

Artikel 3

Het vaste bedrag ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor duurzame elektriciteit, opgewekt in een installatie met een nominaal elektrisch vermogen van meer dan 50 MW, niet zijnde een afvalverbrandingsinstallatie, bedraagt in 2003:

a. a. indien zuivere biomassa, met uitzondering van stortgas en biogas uit slibvergisting, wordt omgezet in elektriciteit: € 0,048 per kWh; b. b. indien niet-zuivere biomassa, met uitzondering van stortgas en biogas uit slibvergisting, wordt omgezet in elektriciteit: € 0,029 per kWh.

Artikel 4

Het vaste bedrag ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor duurzame elektriciteit, met uitzondering van elektriciteit opgewekt met behulp van stortgas of biogas uit slibvergisting, opgewekt in een afvalverbrandingsinstallatie met een minimum rendement van 26%, bedraagt in 2003 € 0,029 per kWh.

Artikel 5

1. Het vaste bedrag ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor duurzame elektriciteit, opgewekt in een installatie voor de productie van elektriciteit met behulp van windenergie op land, bedraagt in 2003 € 0,049 per kWh.

2. Het vaste bedrag ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor duurzame elektriciteit, opgewekt in een installatie voor de productie van elektriciteit met behulp van windenergie op zee, bedraagt in 2003 € 0,068 per kWh.

Artikel 6

Het vaste bedrag ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor duurzame elektriciteit, opgewekt in een installatie voor de productie van elektriciteit met behulp van zonne-energie, bedraagt in 2003 € 0,068 per kWh.

Artikel 7

Het vaste bedrag ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor duurzame elektriciteit, opgewekt in een installatie voor de productie van elektriciteit met behulp van waterkracht, van golfenergie of van getijdenenergie, bedraagt in 2003 € 0,068 per kWh.

Artikel 7a

De bedragen, genoemd in de artikelen 2, 3, 5, 6 en 7 worden:

a. a. van 1 januari 2004 tot en met 30 juni 2004 verlaagd met € 0,001; b. b. van 1 juli 2004 tot en met 31 december 2004 verhoogd met € 0,014 en c. c. vanaf 1 januari 2005 verhoogd met € 0,029.

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2003.

Artikel 10

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2003.