40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Subsidieregeling Smart Mix | BWBR0019674 | ministeriele-regeling | geldend | 2006-03-29 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0019674 | Subsidieregeling Smart Mix |
Subsidieregeling Smart Mix
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a. NWO: de Nederlandse organisatie voor wetenschappelijk onderzoek; b. b. Smart Mix-programma: het in de bijlage van deze regeling opgenomen gezamenlijke subsidieprogramma van de Minister van Economische Zaken en de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; c. c. toepasser: een potentiële gebruiker dan wel afnemer van kennis, gevestigd in Nederland dan wel, mits de waardecreatie van het programma waaraan de toepasser deelneemt Nederland ten goede komt, gevestigd in het buitenland; d. d. consortium: een samenwerkingsverband bestaande uit één of meer kennisinstellingen als bedoeld in het Smart Mix-programma en één of meer toepassers; e. e. programma: een onderzoeksvoorstel dat past binnen het Smart Mix-programma.
Artikel 2
1. De Minister van Economische Zaken en het Algemeen Bestuur van NWO verstrekken gezamenlijk overeenkomstig het Smart Mix-programma op aanvraag subsidie aan een consortium dat voor eigen rekening en risico een programma uitvoert.
2. Indien de aanvragers deelnemers zijn aan een consortium dat geen rechtspersoonlijkheid bezit, wordt de subsidie verstrekt aan de deelnemers gezamenlijk, die voor gezamenlijke rekening en risico een programma uitvoeren en betaald aan de penvoerder van het consortium die als indiener van de aanvraag om subsidie is opgetreden.
3. De aanvraag wordt geadresseerd aan het in het Smart Mix-programma genoemde Smart Mix-secretariaat.
Artikel 3
1. De subsidie bedraagt ten hoogste 60% van de subsidiabele kosten.
2.
Indien de subsidie wordt verstrekt aan een consortium waarin één of meer ondernemingen deelnemen wordt het subsidiebedrag als volgt berekend:
a. a. 75 procent van de subsidiabele kosten, voor zover deze betrekking hebben op onderzoek dat is gericht op de uitbreiding van de algemene wetenschappelijke en technische kennis, zonder industriële of commerciële doelstellingen; b. b. 50 procent van de subsidiabele kosten, voor zover deze betrekking hebben op onderzoek dat is gericht op het opdoen van nieuwe kennis met het doel deze te gebruiken bij de ontwikkeling van nieuwe producten, processen of diensten of om bestaande producten, processen of diensten aanmerkelijk te verbeteren; c. c. 25 procent van de subsidiabele kosten, voor zover deze betrekking hebben op onderzoek dat is gericht op het omzetten van de resultaten van het onder b genoemde onderzoek in plannen, schema’s of ontwerpen voor nieuwe, gewijzigde of verbeterde producten, processen of diensten.
3. Indien de kosten betrekking hebben op een combinatie van de kosten, bedoeld in het tweede lid, dan bedraagt de subsidie het gewogen gemiddelde van deze percentages. Dit gewogen gemiddelde kan echter niet leiden tot een subsidie van meer dan 60 procent van de subsidiabele kosten.
4. Indien de kosten enkel betrekking hebben op onderzoek als bedoeld in het tweede lid, aanhef en onder a, dan wordt het percentage, genoemd in het tweede lid, onder a, verlaagd met 15 procentpunten.
5. De subsidiabele kosten worden berekend overeenkomstig paragraaf 4.3.3 van het Smart Mix-programma.
Artikel 4
1. Indien artikel 3, tweede lid, van toepassing is en voor de subsidiabele kosten of een deel daarvan reeds door een bestuursorgaan subsidie is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat het totale bedrag aan subsidie niet meer bedraagt dan de in artikel 3, tweede en derde lid, genoemde percentages.
2. Indien artikel 3, tweede lid, van toepassing is en voor de subsidiabele kosten of een deel daarvan reeds door de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt, worden de percentages voor onderzoek als bedoeld in artikel 3, tweede lid, verhoogd met 25 procentpunten, met dien verstande dat slechts een zodanig bedrag aan subsidie wordt verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidie op grond van deze regeling niet meer bedraagt dan 60 procent van de subsidiabele kosten.
3. Het eerste lid is niet van toepassing voor zover de in dat lid bedoelde verstrekte subsidie geldmiddelen betreffen die een minister onder door hem gestelde voorschriften ter beschikking stelt als bijdrage in de exploitatie- en investeringskosten van een kennisinstelling als bedoeld in het Smart Mix-programma.
Artikel 5
1. Er is een Adviescommissie Smart Mix, die tot taak heeft de Minister van Economische Zaken en het Algemeen Bestuur van NWO te adviseren over de besluitvorming betreffende subsidieverlening overeenkomstig het Smart Mix-programma en deze op verzoek alle daartoe benodigde inlichtingen te verstrekken of inzage te geven in zakelijke bescheiden.
2. De samenstelling en benoeming van de Adviescommissie Smart Mix geschiedt overeenkomstig paragraaf 3.2.3 van het Smart Mix-programma.
Artikel 6
1. Het subsidieplafond wordt jaarlijks vastgesteld en in de Staatscourant bekendgemaakt door de Minister van Economische Zaken en het Algemeen Bestuur van NWO. Daarbij kunnen afzonderlijke deelplafonds vastgesteld worden voor bepaalde categorieën aanvragers en voor bepaalde categorieën programma’s.
2. Het subsidieplafond voor het verlenen van subsidies in 2007 is € 98 800 000.
Artikel 7
Aanvragen voor subsidie worden gedaan overeenkomstig paragraaf 4 van het Smart Mix-programma.
Artikel 8
Voorschotverstrekking geschiedt overeenkomstig paragraaf 4.3 van het Smart Mix-programma.
Artikel 9
1. Subsidie-ontvangers zijn gehouden aan de verplichtingen genoemd in paragraaf 5 van het Smart Mix-programma.
2. De Minister van Economische Zaken en het Algemeen Bestuur van NWO kunnen bij de subsidieverlening nadere verplichtingen opleggen.
Artikel 10
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 11
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Smart Mix.