rijk/verdrag/overeenkomst-tussen-de-regeringen-van-het-koninkrijk-der-nederlanden-het-koninkr/BWBV0001584
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Overeenkomst tussen de Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, het Koninkrijk België en het Groothertogdom Luxemburg, enerzijds, en de Regering van de Slowaakse Republiek, anderzijds, betreffende de overname van onregelmatig binnengekomen of verblijvende personen BWBV0001584 verdrag geldend 2004-05-01 https://wetten.overheid.nl/BWBV0001584 Overeenkomst tussen de Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, het Koninkrijk België en het Groothertogdom Luxemburg, enerzijds, en de Regering van de Slowaakse Republiek, anderzijds, betreffende de overname van onregelmatig binnengekomen of verblijvende personen

Overeenkomst tussen de Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, het Koninkrijk België en het Groothertogdom Luxemburg, enerzijds, en de Regering van de Slowaakse Republiek, anderzijds, betreffende de overname van onregelmatig binnengekomen of verblijvende personen

Artikel 1

In deze Overeenkomst dient onder „de Benelux-landen" te worden verstaan: het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, hierna genoemd België, Luxemburg en Nederland.

Artikel 2

1. De Slowaakse Regering neemt op verzoek van de Belgische Regering, van de Luxemburgse Regering of van de Nederlandse Regering, zonder formaliteiten, op het grondgebied van Slowakije de persoon over die niet of niet meer voldoet aan de op het grondgebied van België, Luxemburg of Nederland geldende voorwaarden voor binnenkomst of verblijf, voor zover vaststaat of aangenomen kan worden dat hij de Slowaakse nationaliteit heeft.

2. Het bezit van de Slowaakse nationaliteit kan worden vastgesteld of verondersteld aan de hand van de gegevens, vermeld in Bijlage I van deze Overeenkomst.

3. De Belgische Regering, de Luxemburgse Regering of de Nederlandse Regering neemt deze persoon onder dezelfde voorwaarden terug, indien uit een later onderzoek blijkt dat deze op het moment van de verwijdering van het Belgische, Luxemburgse of Nederlandse grondgebied niet de Slowaakse nationaliteit had, voorzover voor de Slowaakse Regering geen verplichting tot overname op grond van artikel 4 bestaat.

Artikel 3

1. De Belgische Regering, de Luxemburgse Regering of de Nederlandse Regering neemt op verzoek van de Slowaakse Regering, zonder formaliteiten, op het grondgebied van respectievelijk België, Luxemburg of Nederland de persoon over die niet of niet meer voldoet aan de op het grondgebied van Slowakije geldende voorwaarden voor binnenkomst of verblijf, voor zover vaststaat of aangenomen kan worden dat hij de Belgische, Luxemburgse of Nederlandse nationaliteit heeft.

2. Het bezit van de nationaliteit van één der Benelux-landen kan worden vastgesteld of verondersteld aan de hand van de gegevens, vermeld in Bijlage II van deze Overeenkomst.

3. De Slowaakse Regering neemt deze persoon onder dezelfde voorwaarden terug, indien uit een later onderzoek blijkt dat deze op het moment van de verwijdering van het grondgebied van Slowakije niet de Belgische, Luxemburgse of Nederlandse nationaliteit had, voorzover voor de Belgische Regering, de Luxemburgse Regering of de Nederlandse Regering geen verplichting tot overname op grond van artikel 5 bestaat.

Artikel 4

1.

De Slowaakse Regering neemt op verzoek van de Belgische Regering, de Luxemburgse Regering of de Nederlandse Regering, op het grondgebied van Slowakije de persoon over die geen onderdaan is van één van de bij deze Overeenkomst Partij zijnde Staten, indien deze persoon beschikt over:

a. a. een verblijfstitel afgegeven door Slowakije waarvan de geldigheidsduur niet is verstreken, of b. b. een visum afgegeven door Slowakije waarvan de geldigheidsduur niet is verstreken.

2. De Slowaakse Regering neemt de persoon wiens overname werd aanvaard, zonder formaliteiten, binnen een termijn van ten hoogste één maand op het grondgebied van Slowakije over. Deze termijn kan door respectievelijk de Belgische Regering, de Luxemburgse Regering of de Nederlandse Regering verlengd worden indien zij de redenen hiervoor vermeldt.

3.

De verplichting tot overname bestaat niet:

a. a. ten aanzien van onderdanen van derde Staten die met België, Luxemburg of Nederland een gemeenschappelijke grens hebben; b. b. ten aanzien van vreemdelingen die na hun vertrek uit Slowakije bij binnenkomst op het grondgebied van België, Luxemburg of Nederland in het bezit waren van een door één der Benelux-landen afgegeven geldig visum of een geldige verblijfstitel, of die na hun binnenkomst op het grondgebied door één der Benelux-landen in het bezit zijn gesteld van een visum of een verblijfstitel; c. c. ten aanzien van vreemdelingen van wie de verblijfsbeëindiging in Slowakije gevolgd werd door een verwijdering naar het land van herkomst of naar een ander land waar hun toelating gewaarborgd werd.

Artikel 5

1.

De Belgische Regering, de Luxemburgse Regering of de Nederlandse Regering neemt op verzoek van de Slowaakse Regering, de persoon over die geen onderdaan is van één van de bij deze Overeenkomst Partij zijnde Staten op het grondgebied van respectievelijk België, Luxemburg of Nederland, indien deze persoon beschikt over:

a. a. een verblijfstitel afgegeven door België, Luxemburg of Nederland waarvan de geldigheidsduur niet is verstreken of b. b. een visum afgegeven door België, Luxemburg of Nederland waarvan de geldigheidsduur niet is verstreken.

2. De Belgische Regering, de Luxemburgse Regering of de Nederlandse Regering neemt de persoon wiens overname werd aanvaard, zonder formaliteiten, binnen een termijn van ten hoogste één maand op het grondgebied van respectievelijk België, Luxemburg of Nederland over. Deze termijn kan door de Slowaakse Regering verlengd worden indien zij de redenen hiervoor vermeldt.

3.

De verplichting tot overname bestaat niet:

a. a. ten aanzien van onderdanen van derde Staten die met Slowakije een gemeenschappelijke grens hebben; b. b. ten aanzien van vreemdelingen die na hun vertrek uit België, Luxemburg of Nederland bij binnenkomst op het grondgebied van Slowakije in het bezit waren van een door Slowakije afgegeven geldig visum of geldige verblijfstitel, of die na hun binnenkomst op het grondgebied in het bezit zijn gesteld van een visum of een verblijfstitel; c. c. ten aanzien van vreemdelingen van wie de verblijfsbeëindiging in België, Luxemburg of Nederland gevolgd werd door een verwijdering naar het land van herkomst of naar een ander land waar hun toelating gewaarborgd werd.

Artikel 6

1. Verzoeken om overname zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid, artikel 3, eerste lid, artikel 4, eerste lid, en artikel 5, eerste lid, van deze Overeenkomst, worden schriftelijk ingediend en beantwoord. Beantwoording vindt plaats binnen een termijn van ten hoogste vijf werkdagen na ontvangst van het verzoek. Elke weigering wordt met redenen omkleed.

2. Indien verzoeken om overname niet worden beantwoord binnen een termijn van ten hoogste vijf werkdagen na ontvangst van het verzoek, wordt gehandeld als ware het verzoek om overname ingewilligd.

Artikel 7

1. De Slowaakse Regering, enerzijds, en de Belgische Regering, de Luxemburgse Regering of de Nederlandse Regering, anderzijds, verklaren zich bereid te voldoen aan verzoeken van de Regering van één van de bij deze Overeenkomst Partij zijnde Staten, tot doorgeleiding van personen die niet de nationaliteit van één van de bij deze Overeenkomst Partij zijnde Staten bezitten en ten aanzien van wie een administratieve verwijderingsmaatregel wordt toegepast, indien de overname door de Staat van bestemming en, in voorkomende gevallen, de doorreis door andere Staten verzekerd is.

2.

Doorgeleiding kan worden geweigerd:

a. a. indien de betrokken persoon bij doorreis door het gebied van de aangezochte Staat onderworpen zou zijn aan strafvervolging of aan de tenuitvoerlegging van een strafvonnis of b. b. in gevallen waarin grond bestaat voor het vermoeden dat de betrokken persoon in een andere Staat van doorreis of in de Staat van bestemming bloot zou staan aan gevaar voor vervolging wegens politieke redenen, danwel aan strafvervolging of aan de tenuitvoerlegging van een strafvonnis.

3. De voor de doorgeleiding overgenomen persoon kan op elk moment aan de autoriteiten van de verzoekende Staat worden teruggegeven, indien later feiten bekend worden of zich voordoen, die doorgeleiding in de weg staan of indien een andere Staat van doorreis of de Staat van bestemming weigert de betrokkene over te nemen.

Artikel 8

De kosten van verwijdering tot aan de grens van de Staat van bestemming, daarbij inbegrepen de kosten verbonden aan de doorgeleiding door derde Staten, evenals de kosten verbonden aan een eventuele terugwijzing, vallen ten laste van de verzoekende Partij.

Artikel 9

1. De bepalingen van deze Overeenkomst doen geen afbreuk aan de verplichtingen voortvloeiend uit het Verdrag van Genève van 28 juli 1951 betreffende de status van vluchtelingen, zoals gewijzigd bij het Protocol van New York van 31 januari 1967.

2. De bepalingen van deze Overeenkomst doen geen afbreuk aan de verplichtingen die voor België, Luxemburg en Nederland voortvloeien uit het Gemeenschapsrecht.

3. De bepalingen van deze Overeenkomst doen geen afbreuk aan de toepassing van het Akkoord van Schengen van 14 juni 1985 betreffende de geleidelijke afschaffing van de controles aan de gemeenschappelijke grenzen en van de Overeenkomst van Schengen van 19 juni 1990 ter uitvoering van dit Akkoord.

Artikel 10

De voor de uitvoering van deze Overeenkomst vereiste administratieve afspraken, in het bijzonder met betrekking tot:

a. a. de overgavemodaliteiten; b. b. het aanwijzen van de voor de uitvoering van deze Overeenkomst verantwoordelijke overheidsorganen of -instanties; c. c. het vaststellen van de grensposten waar de overgave dient plaats te vinden, zullen worden vastgelegd in een diplomatieke notawisseling.

Artikel 11

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, kan de toepassing van deze Overeenkomst tot de Nederlandse Antillen en/of Aruba worden uitgebreid door kennisgeving van de Nederlandse Regering aan de Belgische Regering, die de overige Overeenkomstsluitende Partijen hiervan in kennis stelt.

Artikel 12

1. Deze Overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand die volgt op de datum van ontvangst van de Nota waarbij de laatste van de vier Overeenkomstsluitende Partijen de Belgische Regering te kennen heeft gegeven de voor de inwerkingtreding vereiste interne juridische formaliteiten te hebben nageleefd.

2. De Belgische Regering stelt elk van de Overeenkomstsluitende Partijen in kennis van de in het eerste lid bedoelde notificaties en van de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst.

Artikel 13

1. De vereiste persoonlijke gegevens verstrekt voor de doeleinden van de toepassing van deze Overeenkomst worden beschermd in overeenstemming met de interne rechtsreglementen van de Overeenkomstsluitende Partijen.

2.

Voorzover de toepassing van deze Overeenkomst de kennisgeving van gegevens met een persoonlijk karakter vereist, mogen deze inlichtingen uitsluitend betrekking hebben op:

a. a. de persoonlijke gegevens van de terug te geven personen en eventueel van hun naaste verwanten (naam, voornaam, eventueel vorige namen, bijnamen, pseudoniemen en valse namen, geboortedatum en -plaats, geslacht, huidige en eventueel vorige nationaliteit); b. b. het paspoort, de identiteitskaart, de andere identiteitspapieren of reisdocumenten en de laissez-passer; c. c. andere gegevens die nodig zijn voor de identificatie van de terug te geven personen; d. d. de verblijfplaatsen en de reisroute; e. e. de door één van de Overeenkomstsluitende Partijen afgegeven verblijfsvergunningen of visa.

Artikel 14

1. Wijzigingen van deze Overeenkomst, overeengekomen door de Overeenkomstsluitende Partijen, treden in werking op een in een diplomatieke notawisseling te bepalen datum.

2. Wijzigingen van de in artikel 2, tweede lid, en artikel 3, tweede lid, genoemde Bijlagen worden schriftelijk overeengekomen tussen de bevoegde autoriteiten en treden onmiddellijk in werking.

Artikel 15

1. Slowakije en de Benelux-landen kunnen, na onderling overleg, deze Overeenkomst om ernstige redenen door middel van een aan de depositaris gerichte schriftelijke kennisgeving schorsen of opzeggen.

2. De schorsing of opzegging treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op de ontvangst van de kennisgeving door de depositaris.

Artikel 16

De Regering van België is depositaris van deze Overeenkomst.