40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling vaststelling Tijdelijke subsidieregeling journalistieke innovatie ronde 12 2016 | BWBR0038462 | zbo | geldend | 2016-09-03 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0038462 | Regeling vaststelling Tijdelijke subsidieregeling journalistieke innovatie ronde 12 2016 |
Regeling vaststelling Tijdelijke subsidieregeling journalistieke innovatie ronde 12 2016
Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen
Artikel 1
1. Het Stimuleringsfonds kan ten behoeve van de versterking en vernieuwing van de journalistiek in Nederland subsidie verstrekken voor activiteiten die betrekking hebben op nieuwe of nieuwe combinaties van of met bestaande journalistieke producten, diensten, platforms of modellen om journalistieke informatie te produceren, te cureren, te distribueren, te verkopen of te presenteren.
2. Voor subsidieverstrekking komen slechts kosten van de subsidieontvanger in aanmerking die rechtstreeks verband houden met de activiteiten waarvoor subsidie is verleend en die gemaakt zijn na de subsidieverlening.
3. Het Stimuleringsfonds kan nadere richtlijnen omtrent de aard van de kosten en de activiteiten vaststellen. Deze richtlijnen worden gepubliceerd op de website van het Stimuleringsfonds www.svdj.nl.
Artikel 2
1. Voor subsidieverlening op grond van deze regeling is per ronde als bedoeld in artikel 5 € 400.000 beschikbaar.
2. Als in deze ronde na subsidieverlening het voor die ronde beschikbare bedrag niet geheel is gebruikt, kan het resterende deel gereserveerd worden ter besteding aan de doelen van het Stimuleringsfonds.
3. Per aanvraag kan subsidie in de vorm van een uitkering worden verstrekt voor ten hoogste een bedrag van € 100.000 en voor een periode van maximaal één jaar.
4. In afwijking van het derde lid kan subsidie voor een hoger bedrag of voor een langere periode worden verstrekt als de activiteiten naar het oordeel van het Stimuleringsfonds van uitzonderlijk belang zijn voor innovatie in de gehele persbedrijfstak.
Hoofdstuk 2. Project-idee
Artikel 3
1. Een subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 5 kan alleen worden ingediend door degenen die voorafgaand aan de aanvraag een projectidee hebben ingediend volgens de richtlijnen gepubliceerd op de website van het Stimuleringsfonds www.svdj.nl en vervolgens door het bestuur van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek geselecteerd zijn om het projectidee uit te werken tot een subsidieaanvraag.
2. Partijen die een subsidieaanvraag hebben lopen uit één van de eerdere ronden van de Regeling Journalistieke Innovatie of de Persinnovatieregeling kunnen pas na de definitieve subsidievaststelling van het desbetreffende project een projectidee indienen.
3. Een projectidee wordt ingediend uiterlijk 14 september 2016
4. Een door het Stimuleringsfonds aangewezen onafhankelijke expertcommissie adviseert het bestuur over de ingediende projectideeën op de punten 1. Journalistiek karakter; 2. Innovatief karakter; 3. Haalbaarheid van het ingediende projectidee.
5. De expertcommissie wordt benoemd door het bestuur van het Stimuleringsfonds en bestaat uit minimaal drie en maximaal vijf onafhankelijke experts die deskundig zijn op één of meerdere van de in artikel 3 lid 3 en in artikel 1 lid 1 genoemde punten
6. Indien een lid van de expertcommissie een belang heeft in een te beoordelen projectidee wordt het commissielid uitgesloten van de beoordeling van het betreffende projectidee.
7. Op basis van het advies van de expertcommissie besluit het bestuur welke 10 tot 15 projectideeën een subsidieaanvraag mogen indienen.
8. De 10 tot 15 geselecteerde ideeën worden door het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek een informatie- en trainingsprogramma aangeboden ter bevordering van de kwaliteit van de innovatieprojecten
Hoofdstuk 3. Subsidieaanvraag
Artikel 4
1. Subsidie kan worden aangevraagd door de voor de desbetreffende activiteiten verantwoordelijke rechtspersoon of rechtspersonen dan wel rechtspersoon of rechtspersonen in oprichting, die in Nederland actief is of zijn en die zijn ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel.
2. In afwijking van het gestelde onder het eerste lid kan voor projecten tot maximaal € 50.000 subsidie worden aangevraagd door natuurlijke personen.
3. Subsidie kan alleen worden aangevraagd door degenen die hebben deelgenomen aan het door het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek georganiseerde informatie- en trainingsprogramma ter bevordering van de kwaliteit van de innovatieprojecten.
Artikel 5
1. Subsidie wordt op aanvraag verleend.
2.
Een aanvraag wordt uitsluitend ingediend door middel van het invullen en ondertekenen van een door het Stimuleringsfonds vastgesteld aanvraagformulier volgens de op de website van het Stimuleringsfonds www.svdj.nl vermelde instructies, en omvat in ieder geval:
a. a. een activiteitenplan; b. b. een begroting; c. c. informatie waaruit blijkt dat de aanvrager is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel en rechtspersoonlijkheid bezit dan wel bezig is deze te verkrijgen indien de aangevraagde subsidie hoger is dan € 50.000,–.
3. Het activiteitenplan beschrijft nauwkeurig de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten en de te realiseren doelstellingen en wordt onderbouwd met een analyse van informatie op basis waarvan de aanvrager kennis over het plan heeft opgedaan en met een analyse van vergelijkbare plannen en ideeën en de daarmee behaalde resultaten.
4. De haalbaarheid van het activiteitenplan dient te worden beschreven in termen van meerwaarde voor de gebruiker, de wijze waarop informatie over de gebruikers is verkregen, de schaalbaarheid van de activiteiten, de verkende mogelijkheden tot samenwerking met andere partijen, de gevolgen voor de exploitatie en de effecten van de uitgevoerde activiteiten voor de eigen organisatie en voor andere partijen in de journalistieke sector, ook nadat de subsidieverlening is stopgezet.
5. De begroting heeft een duidelijke relatie met de activiteiten die worden uitgevoerd, waarbij de begrotingsposten aan de beschrijving van de uitvoering van de activiteiten gekoppeld zijn.
6. Het Stimuleringsfonds bevestigt binnen een week de ontvangst van een aanvraag.
7. Het Stimuleringsfonds publiceert binnen zes weken na sluiting van de indientermijn op haar site www.svdj.nl wie een subsidieaanvraag heeft ingediend, met daarbij een samenvatting van de aanvraag.
Artikel 6
Aanvragen voor subsidie op grond van deze regeling worden ingediend in één ronde. Aanvragen worden ingediend uiterlijk 27 november 2016.
Hoofdstuk 4. Subsidieverlening
Artikel 7
1.
Het Stimuleringsfonds beslist gelijktijdig op de aanvragen op basis van de volgende criteria:
-
- gerichtheid op journalistieke producten, diensten of werkwijzen die journalistieke functies vervullen op het gebied van nieuwsgaring, nieuwsduiding en opinievorming over de maatschappelijke actualiteit, mede in het belang van politieke meningsvorming;
-
- innovatief karakter, dat wil zeggen dat de activiteiten vernieuwingen tot stand brengen in inhoud en strekking, exploitatiewijze of vormgeving van journalistieke functies als nieuwsgaring, nieuwsduiding of opinievorming zodat de persverscheidenheid wordt vergroot en daarmee een vernieuwende bijdrage wordt geleverd aan de journalistieke informatievoorziening;
-
- de haalbaarheid van het ingediende activiteitenplan.
2. Het bestuur wijst voor elk van de drie genoemde criteria een score toe van 2, 4, 6 of 8 punten. Het gemiddelde van deze drie scores bepaalt de eindscore van de aanvraag. Op basis van deze eindscores wordt een rangorde gemaakt.
3. Als op grond van de beoordeling, bedoeld in het eerste lid, de in aanmerking komende aanvragen leiden tot overschrijding van een subsidieplafond, kan het Stimuleringsfonds op basis van de vastgestelde rangorde van de aanvragen een subsidie weigeren voor zover door de verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden.
4. Bij een eindscore lager dan 6, kan het Stimuleringsfonds besluiten de aanvraag af te wijzen vanwege de onvoldoende kwaliteit, ook wanneer het subsidieplafond nog niet is bereikt.
5. Bij het bepalen van de hoogte van de subsidie wordt het matchingprincipe toegepast. Hierbij dient de subsidieaanvrager evenveel kosten van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd voor zijn rekening te nemen dan wel door derden te laten meefinancieren. Bij het matchingsprincipe wordt een korting op het vereiste matchingsbedrag gehanteerd van € 20.000 (de ‘matchingsvrije voet’).
Artikel 8
1. Het Stimuleringsfonds beslist binnen 6 weken na de sluiting van elke aanvraagronde, bedoeld in artikel 5, op de aanvragen die voor de desbetreffende aanvraagronde zijn ingediend.
2. Het Stimuleringsfonds kan bekendmaken door wie een projectidee of aanvraag is ingediend en voor welk innovatieproject.
Hoofdstuk 5. Verplichtingen subsidieontvanger
Artikel 9
1. Als subsidie wordt verstrekt aan een in oprichting zijnde rechtspersoon kan het Stimuleringsfonds bij de subsidieverlening de verplichting opleggen dat de subsidieontvanger binnen een redelijke termijn rechtspersoonlijkheid heeft verkregen.
2. De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens het Stimuleringsfonds ingestelde onderzoeken die erop gericht zijn het Stimuleringsfonds inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het door of namens het Stimuleringsfonds te voeren beleid.
3. De subsidieontvanger doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan het Stimuleringsfonds van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.
4. De subsidieontvanger werkt mee aan overleg over en presentatie en publicatie van tussentijdse en eindresultaten van de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten met als doel innovatieve projecten onder de aandacht te brengen waardoor deze ten gunste kunnen komen van andere partijen uit de sector.
5. Aan een subsidie kan het Stimuleringsfonds de verplichting verbinden dat de subsidieontvanger in zijn bekendmakingen rondom het project het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek als subsidiegever vermeldt.
Hoofdstuk 6. Subsidievaststelling
Artikel 10
Binnen twee maanden na afloop van het project waarvoor subsidie is verleend, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot subsidievaststelling in. De aanvraag gaat vergezeld van een activiteitenverslag en een financieel verslag.
Artikel 11
1. Het financieel verslag gaat vergezeld van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, waarin deze verklaart dat de in het verslag opgenomen bedragen juist en volledig zijn.
2. De controleverklaring bevat tevens een oordeel over de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen door de subsidieontvanger.
3. Het Stimuleringsfonds kan nadere verplichtingen opleggen in verband met de inrichting van het financieel verslag en de controleverklaring.
4. Het eerste lid is niet van toepassing op subsidies waarvan het verleende subsidiebedrag € 50.000 of minder bedraagt.
5. Het Stimuleringsfonds kan ten behoeve van de subsidievaststelling een door hem aan te wijzen accountant een onderzoek laten instellen naar de rechtmatigheid van de besteding van de subsidie.
Artikel 12
1. Het activiteitenverslag bevat een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee bereikte resultaten, in het bijzonder: de gerealiseerde vernieuwingen en de effecten daarvan voor het eigen bedrijf, andere journalistieke actoren in de sector en de gebruiker en geeft inzicht over de voortzetting van de activiteiten na afloop van de projectperiode.
2. De inrichting van het verslag komt overeen met de inrichting van het activiteitenplan.
3. Het verslag bevat, voor zover van toepassing, een analyse van verschillen tussen de voorgenomen activiteiten en beoogde resultaten, vermeld in het activiteitenplan, en de feitelijke realisatie.
Hoofdstuk 7. Betaling
Artikel 13
Bij subsidieverlening wordt bij wijze van voorschot ten hoogste 75 procent van het verleende subsidiebedrag verstrekt. Het voorschot wordt verstrekt in tranches die door het Stimuleringsfonds worden vastgesteld op basis van het activiteitenplan en de opgeleverde resultaten.
Hoofdstuk 8. Slotbepalingen
Artikel 14
Binnen 13 weken na de vervaldatum van de regeling, bedoeld in artikel 15, evalueert het Stimuleringsfonds de uitvoering van deze regeling.
Artikel 15
1. De regeling van het Stimuleringsfonds voor de journalistiek van 15 maart 2016, nr. 25819, tot vaststelling van een Tijdelijke Subsidieregeling Journalistieke Innovatie ronde 11 2016 vervalt.
2. Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 1 maart 2017.