rijk/pbo/zuivelverordening-2008-gewichtsbepaling-bij-gebruik-van-rijdende-melkontvangsten/BWBR0025378
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Zuivelverordening 2008, Gewichtsbepaling bij gebruik van rijdende melkontvangsten met mobiel weegsysteem BWBR0025378 pbo geldend 2009-01-17 https://wetten.overheid.nl/BWBR0025378 Zuivelverordening 2008, Gewichtsbepaling bij gebruik van rijdende melkontvangsten met mobiel weegsysteem

Zuivelverordening 2008, Gewichtsbepaling bij gebruik van rijdende melkontvangsten met mobiel weegsysteem

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze verordening wordt gebezigd de terminologie van de Zuivelverordening 2005, Grondslag uitbetaling boerderijmelk. Voorts wordt in deze verordening verstaan onder:

Paragraaf 2. Gewichtsbepaling

Artikel 2

1. Indien voor de bepaling van het gewicht van de geleverde hoeveelheid boerderijmelk, als bedoeld in artikel 7 van de Zuivelverordening 2005, Grondslag uitbetaling boerderijmelk, gebruik wordt gemaakt van een rijdende melkontvangst (RMO) met een mobiel weegsysteem voor melk, wordt het bepaalde in deze verordening in acht genomen.

2. Met de in deze verordening bedoelde RMOs met mobiel weegsysteem worden gelijkgesteld RMOs met mobiel weegsysteem, die rechtmatig zijn vervaardigd of in de handel zijn gebracht in een andere lidstaat van de Europese Unie, dan wel rechtmatig zijn vervaardigd in een staat die partij is bij de overeenkomst inzake de Europese Ruimte, en die aan ten minste gelijkwaardige technische eisen voldoen.

Paragraaf 3. RMOS

Artikel 3

De ontvanger van boerderijmelk maakt gebruik van RMOs voorzien van een mobiel weegsysteem dat voldoet aan de hiernavolgende eisen.

a. a. voorzien van een mobiel weegsysteem dat voldoet aan de in artikel 4 genoemde eisen; b. b. voorzien van een doelmatige ruimte, waarin de monsters diepgekoelde boerderijmelk kunnen worden gekoeld en bewaard op een temperatuur van tenminste 0,0 °C en ten hoogste 4,0 °C; c. c. op een duidelijk zichtbare plaats voorzien van een verzegelbare opschriftenplaat, waarop de merktekens en de vereiste aanvullende gegevens zoals bepaald bij of krachtens de Metrologiewet.

Artikel 4

1. De RMO is voorzien van een mobiel weegsysteem met een typegoedkeuring en moet zijn geconstrueerd overeenkomstig de door de leverancier van het weegsysteem opgestelde voorschriften. Deze voorschriften moeten doelmatig zijn in relatie tot het realiseren van de wegingen en moeten voldoen aan de eisen bij of krachtens deze verordening.

2. Wanneer de maximale belasting van het mobiel weegsysteem wordt overschreden vindt een signalering en registratie hiervan plaats; wanneer de overschrijding van de maximale belasting meer dan 9e bedraagt wordt de inname geblokkeerd.

Paragraaf 4. Keuringen

Artikel 5

Voordat een nieuwe RMO voorzien van een mobiel weegsysteem in gebruik wordt genomen moet een voorinregeling worden uitgevoerd:

    1. Een voorinregeling van het weegsysteem moet door de ontvanger van boerderijmelk worden uitgevoerd. Hierbij wordt de instructie van de leverancier van het weegsysteem gevolgd.
    1. De ontvanger van boerderijmelk controleert voorafgaand aan de voorinregeling of is voldaan aan het bepaalde in artikel 4.
    1. Voor de uitvoering van de voorinregeling maakt de ontvanger van boerderijmelk gebruik van de erkende keurder.
    1. Voorafgaand aan de uitvoering van de eerste keuring ondergaat de RMO een setting. De setting duurt minimaal 2 weken en maximaal 6 weken. In deze periode legt de RMO onder praktijkomstandigheden minimaal 2.000 km af. Bij aanvang van de setting moet de eerste keuring zijn aangevraagd.

Artikel 6

1. Na de in artikel 5, lid 4, genoemde periode van setting wordt door de ontvanger van boerderijmelk voorafgaand aan de keuring een fijninregeling uitgevoerd. Hierbij worden de instructies van de leverancier van het weegsysteem gevolgd.

2. Voor de fijninregeling maakt de ontvanger van boerderijmelk gebruik van de diensten van de erkende keurder.

3. Voor de uitvoering van de eerste keuring maakt de ontvanger van boerderijmelk eveneens gebruik van de diensten van de erkende keurder. De eerste keuring wordt uitgevoerd overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de Metrologiewet. Bij de eerste keuring voldoet de RMO voorzien van een mobiel weegsysteem aan de nieuwnorm.

Artikel 7

1. Elk mobiel weegsysteem moet tenminste één keer per jaar worden onderworpen aan een zuivelkeuring. Voor de zuivelkeuring maakt de ontvanger van boerderijmelk gebruik van de diensten van de erkende keurder.

2. Wanneer de weegresultaten van het weegsysteem tijdens de zuivelkeuring niet voldoen aan de gebruiksnorm, dient de afwijking te worden opgespoord en worden verholpen. Na het verbreken van de verzegeling moet het mobiel weegsysteem opnieuw worden gekeurd.

3.

Wanneer de reguliere keuring wordt uitgevoerd kan dit in de plaats worden gesteld van een zuivelkeuring als bedoeld in lid 1.

Bij de zuivelkeuring en de reguliere keuring voldoet het weegsysteem aan de gebruiksnorm.

Artikel 8

1. Een gewijzigde RMO wordt door de ontvanger van boerderijmelk direct aan een weegcontrole onderworpen. Deze weegcontrole moet worden uitgevoerd overeenkomstig de werkwijze als omschreven in artikel 9. Indien tijdens deze meting niet wordt voldaan aan de in artikel 9, lid 4, vastgelegde nauwkeurigheidscriteria moet de RMO binnen een periode van 5 werkdagen voor de uitvoering van een voorinregeling bij de erkende keurder worden aangeboden.

2. Indien wel wordt voldaan aan de in artikel 9, lid 4, vastgestelde nauwkeurigheidscriteria moet de RMO binnen 8 weken voor een reguliere keuring door de erkende keurder worden aangeboden.

3.

Van een gewijzigde RMO is sprake indien:

a. a. een weegcel is vervangen; b. b. bij schade aan het chassis, waardoor de weegframes een andere stand hebben aangenomen. In dergelijke gevallen zal het chassis uitgelijnd moeten worden; c. c. bij schade aan de tank tussen de weegcellen, waardoor de ruimte tussen de weegcellen is gewijzigd; d. d. na een reparatie die van invloed is op het weegresultaat.

Artikel 9

1. Minimaal één keer per maand wordt van elke in gebruik zijnde RMO die is voorzien van een mobiel weegsysteem, een weegcontrole uitgevoerd. De weegcontrole wordt uitgevoerd door de ontvanger van boerderijmelk.

2. Voor de uitvoering van de weegcontrole wordt gebruik gemaakt van een zuivelgekeurde weegbrug dan wel tanksnelweger.

3.

Voor de uitvoering van een tussentijdse meting moet de volgende werkwijze worden gevolgd:

a. a. na beëindiging van een melkrit wordt eerst het gewicht van een geladen RMO vastgesteld, alvorens het gewicht van de lege RMO (tarragewicht) te bepalen, of b. b. voor de aanvang van een melkrit wordt het gewicht van de lege RMO (tarragewicht) vastgesteld en na beëindiging van de melkrit het gewicht van de geladen RMO bepaald; c. c. bij de vaststelling van de afwijking wordt rekening gehouden met het verbruik van dieselolie door de RMO; hierbij wordt uitgegaan van een verbruik van 1 kg op 3 kilometer.

4. Het verschil tussen de gemeten hoeveelheid door de RMO en de gemeten hoeveelheid door middel van de weegbrug/tanksnelweger mag niet meer zijn dan 0,5 %.

5. Als het verschil tussen de gemeten hoeveelheid door de RMO en de gemeten hoeveelheid door middel van de weegbrug/tanksnelweger meer is dan 0,5 % vindt opnieuw een weging op een weegbrug dan wel tanksnelweger plaats.

6. Wanneer wederom een verschil groter dan 0,5 % wordt gevonden, moet binnen 5 werkdagen een zuivelkeuring worden uitgevoerd.

7. De gegevens van de tussentijdse metingen worden door de ontvanger van boerderijmelk bewaard en zijn ter inzage van het COKZ.

Paragraaf 5. Kwaliteitssysteem

Artikel 10

De ontvanger van boerderijmelk beschikt over een kwaliteitssysteem waarmee hij aantoonbaar voldoet aan de bepalingen bij deze verordening. Dit kwaliteitssysteem is vastgelegd in een door de ontvanger van boerderijmelk opgesteld handboek.

Paragraaf 6. Erkende keurder

Artikel 11

Aan de erkende keurder wordt de voorwaarde verbonden dat deze instelling de in de artikelen 12 tot en met 17 omschreven bepalingen in acht neemt.

Artikel 12

De erkende keurder toont ten genoegen van het bestuur, gehoord het COKZ, aan dat het beschikt over een terzake deskundige leiding, over een voor het te verrichten onderzoek voldoende outillage, alsmede over een gedocumenteerd en adequaat functionerend kwaliteitssysteem.

Artikel 13

De erkende keurder verricht de keuringen overeenkomstig het bepaalde in deze verordening.

Artikel 14

De resultaten van de keuringen worden vastgelegd op een voor het COKZ toegankelijke en overzichtelijke wijze. De resultaten worden gedurende ten minste vier jaar bewaard.

Artikel 15

De erkende keurder verleent aan het COKZ alle medewerking en verstrekt alle gegevens welke het voor een goede controle noodzakelijk acht.

Artikel 16

Voor het aanbrengen van de vereiste kenmerken is de erkende keurder in het bezit van een door de toezichthoudende instantie verleende bevoegdheid; het door deze instantie goed te keuren kwaliteitshandboek is hiervan een onderdeel.

Artikel 17

De erkenning van de keuringsinstelling kan worden ingetrokken, indien niet aan de in de artikelen 12 tot en met 16 gestelde voorwaarden wordt voldaan.

Paragraaf 7. Slotbepalingen

Artikel 18

De Zuivelverordening 2001, Gewichtsbepaling boerderijmelk bij gebruik van rijdende melkontvangsten met mobiel weegsysteem wordt ingetrokken.

Artikel 19

Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel 20

Deze verordening wordt aangehaald als Zuivelverordening 2008, Gewichtsbepaling bij gebruik van rijdende melkontvangsten met mobiel weegsysteem.