rijk/wet/wijzigingswet-wet-op-het-notarisambt-enz-evaluatie-en-regeling-enkele-andere-ond/BWBR0030570
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wijzigingswet Wet op het notarisambt, enz. (evaluatie en regeling enkele andere onderwerpen) BWBR0030570 wet geldend 2012-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0030570 Wijzigingswet Wet op het notarisambt, enz. (evaluatie en regeling enkele andere onderwerpen)

Wijzigingswet Wet op het notarisambt, enz. (evaluatie en regeling enkele andere onderwerpen)

Artikel I

Wijzigt de Wet op het notarisambt.

Artikel II

Wijzigt de Gerechtsdeurwaarderswet.

Artikel III

Wijzigt de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.

Artikel IV

Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 2.

Artikel V

Wijzigt de Wet op het centraal testamentenregister.

Artikel VI

Bij regeling van Onze Minister van Justitie kunnen nadere regels worden gesteld over de indiening en behandeling van verzoeken als bedoeld in artikel 30b, eerste lid, van de Wet op het notarisambt tot een in die regeling te bepalen tijdstip, dat niet langer dan vijf jaar na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel W, ligt. In de regeling kan worden afgeweken van de op grond van artikel 30c, tweede lid, juncto artikel 8, vijfde lid, geldende beslistermijn.

Artikel VII

1. Vanaf de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel PP, blijven de kamers van toezicht, als bedoeld in artikel 93 van de Wet op het notarisambt, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel OO, voor een periode van drie maanden bevoegd om de dan nog aanhangige zaken af te doen. Bij afloop van deze termijn worden de kamers van toezicht ontbonden en zijn de voorzitters, plaatsvervangend voorzitters, leden en plaatsvervangend leden van rechtswege ontslagen. De zaken die bij afloop van de termijn nog aanhangig zijn, worden voor verdere behandeling overgedragen aan de kamer voor het notariaat als bedoeld in artikel 94, zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel PP, gevestigd in het desbetreffende ressort.

2. Onderzoeken op grond van artikel 96 van de Wet op het notarisambt, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel RR, die op dat moment niet zijn afgerond, worden vanaf dat moment aangemerkt als vooronderzoeken als bedoeld in artikel 99a van de Wet op het notarisambt. Artikel 96, zesde lid, van de Wet op het notarisambt, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel RR, is van overeenkomstige toepassing indien het onderzoek niet is verricht naar aanleiding van een klacht.

3. De bescheiden van de kamers van toezicht die betrekking hebben op reeds afgeronde onderzoeken die zijn verricht op grond van artikel 96 van de Wet op het notarisambt, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel RR, worden overgedragen aan het Bureau Financieel Toezicht, genoemd in artikel 110 van de Wet op het notarisambt. De bescheiden van de kamers van toezicht die betrekking hebben op het register van notarissen, als bedoeld in de artikelen 3, 5, 10 en 14 van de Wet op het notarisambt, zoals die luidden voor de inwerkingtreding van Artikel I, onderdelen B, D, H en K, de op grond van artikel 4 van de Wet op het notarisambt, zoals dat luide voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C, gedeponeerde handtekeningen en parafen, alsmede de bescheiden die betrekking hebben op de registratie van nevenbetrekkingen op grond van artikel 11 van de Wet op het notarisambt, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van Artikel I, onderdeel I, worden overgedragen aan de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie, genoemd in artikel 60 van de Wet op het notarisambt. Alle overige bescheiden worden overgedragen aan de kamer voor het notariaat, gevestigd in het desbetreffende ressort. In afwijking van het voorgaande berusten de bescheiden die betrekking hebben op notarissen of kandidaat-notarissen die niet langer in één van deze hoedanigheden werkzaam zijn, bij de rechtbank in het arrondissement waarin de desbetreffende kamer van toezicht was gevestigd. Het in dit lid bepaalde geldt niet voor bescheiden die overeenkomstig de Archiefwet 1995 zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats.

4. Op de zaken tegen notarissen en kandidaat-notarissen die op het moment van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel VV, aanhangig zijn bij de kamers van toezicht of het gerechtshof Amsterdam, blijft artikel 103 van de Wet op het notarisambt van toepassing zoals dat luidde voor de inwerkintreding van dat onderdeel en is artikel 103a van de Wet op het notarisambt niet van toepassing.

5. Indien op het moment van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel BBB, zaken tegen notarissen aanhangig zijn als bedoeld artikel 108, tweede lid, van de Wet op het notarisambt, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van dat onderdeel, blijft dat artikel van toepassing op die zaken en is artikel 14, derde lid, onderdeel b, van de Wet op het notarisambt, zoals dat komt te luiden na de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel K, niet van toepassing.

6. Vanaf de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel BB, blijven de ringvoorzitters, bedoeld in artikel 82, eerste lid, van de Wet op het notarisambt, bevoegd om te beslissen op de verzoeken die bij hen in behandeling zijn.

7. Op de gevallen waarin op het moment van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel BB, bezwaar- en beroepsprocedures aanhangig zijn met betrekking tot beslissingen van een voorzitter van het bestuur van een ring, bedoeld in artikel 55, tweede lid, van de Wet op het notarisambt, zoals dat tot dat moment luidde, blijft het oude recht van toepassing.

Artikel VIII

Indien de aanwijzing van algemene bewaarplaatsen, bedoeld in artikel 57 van de Wet op het notarisambt, zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel DD, de overbrenging van protocollen naar een andere bewaarplaats met zich meebrengt, is dat artikel op de oorspronkelijke bewaarplaats van overeenkomstige toepassing zolang de overbrenging niet is voltooid. Bij voltooiing van de overbrenging beëindigt het bestuur van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie, bedoeld in artikel 64 van de Wet op het notarisambt, de benoeming van de bewaarder en plaatsvervangend bewaarder van de oorspronkelijke bewaarplaats.

Artikel VIIIa

1. Na de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel T, berust het Besluit deeltijd notarissen op artikel 29, vierde lid, van de Wet op het notarisambt.

2. Na de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel EEE, berust het Besluit ondernemingsplan notaris op artikel 7, derde lid, van de Wet op het notarisambt.

Artikel

Vervallen

Artikel X

De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.