rijk/amvb/besluit-vrijwillige-verzekering-aow-en-anw-2001/BWBR0012465
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit vrijwillige verzekering AOW en ANW 2001 BWBR0012465 AMvB geldend 2001-05-18 https://wetten.overheid.nl/BWBR0012465 Besluit vrijwillige verzekering AOW en ANW 2001

Besluit vrijwillige verzekering AOW en ANW 2001

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a. de AOW: de Algemene Ouderdomswet; b. b. de ANW: de Algemene nabestaandenwet; c. c. de WFV: de Wet financiering volksverzekeringen; d. d. de SVB: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; e. e. de AOW-premie: de premie voor de vrijwillige algemene ouderdomsverzekering; f. f. de ANW-premie: de premie voor de vrijwillige algemene nabestaandenverzekering; g. g. de premie: de AOW-premie dan wel de ANW-premie.

Hoofdstuk II. Premiebetaling vrijwillige verzekering

Artikel 2

1.

De SVB deelt de gewezen verzekerde, bedoeld in artikel 35 van de AOW, zo spoedig mogelijk nadat hij een aanvraag tot gebruikmaking van de vrijwillige verzekering heeft ingediend, mee:

a. a. de hoogte van de verschuldigde AOW-premie; b. b. de termijn waarbinnen de AOW-premie betaald dient te worden; en c. c. de wijze waarop de betaling van de AOW-premie aan de SVB dient plaats te vinden.

2. De gewezen verzekerde, die is toegelaten tot de vrijwillige verzekering, betaalt de AOW-premie, per kalenderjaar, vooruit.

3. Indien de vrijwillige verzekering, bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de AOW, is geëindigd op grond van artikel 37, eerste lid, onderdelen a, e of f, van de AOW, dan vindt restitutie van eenmaal betaalde AOW-premie niet plaats.

Artikel 3

1. Ten aanzien van de verzekerde, bedoeld in artikel 38 van de AOW, is artikel 2, eerste en derde lid, van overeenkomstige toepassing.

2. Indien binnen drie maanden na de door de SVB gestelde termijn de verschuldigde AOW-premie niet geheel is betaald, wordt over het zodanig gedeelte van de periode, waarop de premiebetaling betrekking heeft, geacht AOW-premie te zijn betaald als de betaalde AOW-premie zich verhoudt tot de totaal verschuldigde AOW-premie. Daarbij wordt geacht AOW-premie te zijn betaald over de periode, welke het verst verwijderd ligt van het tijdstip van de aanvang van de verplichte verzekering.

Artikel 4

1. Ten aanzien van de gewezen verzekerde, bedoeld in artikel 63a van de ANW, is artikel 2 van overeenkomstige toepassing.

2. Indien de gewezen verzekerde, bedoeld in artikel 63a van de ANW, een aanvraag tot gebruikmaking van de vrijwillige verzekering heeft ingediend en overlijdt, voordat hij de verschuldigde ANW-premie heeft kunnen betalen, is een ander bevoegd alsnog de verschuldigde ANW-premie over de periode van vrijwillige verzekering te betalen.

Hoofdstuk III. Tarief, vaststelling en inning van de premie vrijwillige verzekering AOW en ANW

Artikel 5

1.

De premie wordt, voor elk in de periode van vrijwillige verzekering gelegen vol kalenderjaar, vastgesteld volgens de formule:

P x H K

Waarbij:

a. a. P voorstelt:

        1°.
        indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW, het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld; 
      
      
        2°.
        indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
      
      
        3°.
        indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het totaal van de percentages die op grond van artikel 10a en artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;

1°. 1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW, het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld; 2°. 2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld; 3°. 3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het totaal van de percentages die op grond van artikel 10a en artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld; b. b. H voorstelt: het hoogste bedrag dat als premie-inkomen in de zin van artikel 8 van de WFV in aanmerking genomen wordt, te weten het als tweede vermelde bedrag in kolom II van de tarieftabel in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001; c. c. K voorstelt:

        1°.
        indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW:
        de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
      
      
        2°.
        indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW:
        de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
      
      
        3°.
        indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW:
        de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller de som van de percentages die op grond van de artikelen 10a en 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld.

1°. 1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld; 2°. 2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld; 3°. 3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller de som van de percentages die op grond van de artikelen 10a en 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld.

2. In afwijking van het eerste lid wordt indien ten aanzien van de SVB aannemelijk wordt gemaakt dat zulks tot een lagere uitkomst leidt, H voorgesteld door het feitelijke premie-inkomen voor de premieheffing in de zin van artikel 8 van de WFV.

3. De met toepassing van het tweede lid vastgestelde premie bedraagt ten minste 10% van de premie vastgesteld op grond van het eerste lid.

Artikel 6

1. Bij de toepassing van artikel 5 wordt de waarde van inkomen in natura door de SVB geschat, waarbij wordt uitgegaan van de waarde van dat inkomen in het land, waar het wordt of werd ontvangen.

2. 2. Bij de toepassing van artikel 5 wordt niet in euro ontvangen inkomen omgerekend in euro met behulp van de door de Europese Centrale Bank geadviseerde wisselkoersen.

Artikel 7

De SVB kan de verschuldigde premie over een bepaald kalenderjaar voorlopig vaststellen:

a. a. indien zij bij de vaststelling van die premie rekening dient te houden met de in dat kalenderjaar verschuldigde premie op grond van de verplichte verzekering; of b. b. indien nog onduidelijk is of artikel 5, tweede lid, van toepassing is.

Zodra dat naar het oordeel van de SVB mogelijk is, wordt de over bedoeld kalenderjaar verschuldigde premie definitief vastgesteld. Eventueel te veel betaalde premie wordt terugbetaald. Eventueel nog verschuldigde aanvullende premie dient binnen een door de SVB vast te stellen termijn te worden betaald.

Artikel 8

Voorzover de premiebetaling slechts betrekking heeft op een gedeelte van een kalenderjaar ondergaat de premie een naar tijdsruimte evenredige vermindering.

Artikel 9

1. Indien de vrijwillige verzekering is geëindigd, wordt voorzover dit nog niet heeft plaatsgevonden, de over ieder kalenderjaar verschuldigde premie definitief vastgesteld.

2. Indien het eerste lid toepassing heeft gevonden, wordt de betaalde premie geacht betrekking te hebben op de achtereenvolgende gehele kalenderjaren of, zo de belanghebbende gedurende slechts een gedeelte van een of meer kalenderjaren niet verplicht verzekerd was, op alle betreffende gedeelten van de gehele kalenderjaren, die het dichtst liggen bij het tijdstip waarop de verplichte verzekering is geëindigd.

3. Indien na toepassing van het eerste lid de over een kalenderjaar verschuldigde premie niet geheel blijkt te zijn voldaan, wordt over een zodanig gedeelte van dit kalenderjaar geacht premie te zijn betaald, als de nog toe te rekenen premie zich verhoudt tot de totaal over dit kalenderjaar verschuldigde premie.

Hoofdstuk IV. Slotbepalingen

Artikel 10

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ter uitvoering van dit besluit.

Artikel 11

Het Besluit vrijwillige verzekering AOW en Anw wordt ingetrokken.

Artikel 12

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 januari 2001.

Artikel 13

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vrijwillige verzekering AOW en ANW 2001.