rijk/ministeriele-regeling/besluit-mandaat-volmacht-en-machtiging-inspectoraat-generaal-vrom-en-voedsel-en/BWBR0029911
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Inspectoraat-Generaal VROM en Voedsel en Waren Autoriteit Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden BWBR0029911 ministeriele-regeling geldend 2011-04-29 https://wetten.overheid.nl/BWBR0029911 Besluit mandaat, volmacht en machtiging Inspectoraat-Generaal VROM en Voedsel en Waren Autoriteit Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden

Besluit mandaat, volmacht en machtiging Inspectoraat-Generaal VROM en Voedsel en Waren Autoriteit Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden

Artikel 1

Aan de inspecteur-generaal, de plaatsvervangend inspecteur-generaal, het hoofd van de afdeling bestuurlijke boete van de Voedsel en Waren Autoriteit wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend tot het nemen van besluiten als bedoeld in artikel 90, eerste lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden respectievelijk tot het verrichten van alle verdere uitvoeringsmaatregelen die nodig zijn in verband met het in dit artikel bepaalde.

Artikel 2

Aan de inspecteur-generaal en de plaatsvervangend inspecteur-generaal van de Voedsel en Waren Autoriteit wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend tot het nemen van:

a. a. besluiten tot intrekking van een bewijs van vakbekwaamheid, bedoeld in artikel 85, eerste en derde lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden; b. b. besluiten tot oplegging van een last onder bestuursdwang, bedoeld in artikel 86 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden; c. c. besluiten om, in plaats van een last onder bestuursdwang als bedoeld in onderdeel b, een last onder dwangsom op te leggen als bedoeld in artikel 5:32 van de Algemene wet bestuursrecht,

voor zover het gaat om overtredingen met betrekking tot een biocide respectievelijk tot het verrichten van alle verdere uitvoeringsmaatregelen die nodig zijn in verband met het onder a, b en c bepaalde.

Artikel 3

Aan de directeur, de plaatsvervangend directeur, de hoofdinspecteurs en de plaatsvervangend hoofdinspecteurs, alsmede het hoofd bedrijfsbureau van de Algemene Inspectiedienst wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend tot het nemen van:

a. a. besluiten tot intrekking van een bewijs van vakbekwaamheid, bedoeld in artikel 85, eerste en derde lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden; b. b. besluiten tot oplegging van een last onder bestuursdwang, bedoeld in artikel 86 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden; c. c. besluiten om, in plaats van een last onder bestuursdwang als bedoeld in onderdeel b, een last onder dwangsom op te leggen als bedoeld in artikel 5:32 van de Algemene wet bestuursrecht,

voor zover het gaat om overtredingen met betrekking tot een biocide respectievelijk tot het verrichten van alle verdere uitvoeringsmaatregelen die nodig zijn in verband met het onder a, b en c bepaalde.

Artikel 4

Aan de inspecteur-generaal, de hoofddirecteur uitvoering en de directeuren-inspecteur van het Inspectoraat-Generaal VROM wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend tot het nemen van:

a. a. besluiten tot intrekking van een bewijs van vakbekwaamheid, bedoeld in artikel 85, eerste en derde lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden; b. b. besluiten tot oplegging van een last onder bestuursdwang, bedoeld in artikel 86 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden; c. c. besluiten om, in plaats van een last onder bestuursdwang als bedoeld in onderdeel b, een last onder dwangsom op te leggen als bedoeld in artikel 5:32 van de Algemene wet bestuursrecht,

voor zover het gaat om overtredingen met betrekking tot een biocide respectievelijk tot het verrichten van alle verdere uitvoeringsmaatregelen die nodig zijn in verband met het onder a, b en c bepaalde.

Artikel 5

Aan de inspecteur-generaal en de hoofddirecteur uitvoering van het Inspectoraat-Generaal VROM wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend tot het nemen van besluiten op bezwaar tegen besluiten met betrekking tot biociden als bedoeld in de artikelen 1, 2, 3 en 4, voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt, niet door een van hen in mandaat is genomen.

Artikel 6

Indien uitvoering wordt gegeven aan de artikelen 1, 2, 3, 4 en 5 luidt de ondertekening:

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu in overeenstemming met de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.

voor deze:

(gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betreffende functionaris aan wie mandaat is verleend).

Artikel 7

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2011.

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaat, volmacht en machtiging Inspectoraat-Generaal VROM en Voedsel en Waren Autoriteit Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.