rijk/ministeriele-regeling/instelling-commissie-ondernemersonderwijs/BWBR0002811
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instelling Commissie ondernemersonderwijs BWBR0002811 ministeriele-regeling geldend 1972-05-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0002811 Instelling Commissie ondernemersonderwijs

Instelling Commissie ondernemersonderwijs

Artikel 1

Er is een Commissie ondernemersonderwijs.

Artikel 2

1. De Commissie heeft tot taak het bestuderen van de ontwikkeling en de coördinatie van onderwijs aan en opleiding van zelfstandige ondernemers alsmede het uitbrengen van een advies te dier zake.

2.

In het door de Commissie uit te brengen advies zal met name aandacht dienen te worden geschonken aan de volgende onderwerpen:

a. a. de gevolgen voor het middenstandsonderwijs van onderwijskundige en maatschappelijke ontwikkelingen en van het feit, dat steeds meer leerlingen in de leeftijd van 12 tot 16 jaar voortgezet onderwijs volgen; b. b. de eventuele behoefte aan dagonderwijs voor de voorbereiding op een zelfstandige uitoefening van het ambacht; c. c. de gevolgen van het in werking treden van de Vestigingswet detailhandel voor het middenstandsonderwijs, in het bijzonder voor de lagere detailhandelsscholen; d. d. de aanpassing van het cursorische detailhandelsonderwijs aan de eisen van de Vestigingswet detailhandel; e. e. de eisen te stellen aan het onderwijzend personeel bij het geïntegreerde cursorische onderwijs; f. f. de behoefte aan applicatie-onderwijs voor gevestigde ondernemers.

Artikel 3

1.

In de Commissie hebben zitting:

  • als lid en voorzitter:

      drs. A. G. van der Veen, te Nieuwerkerk aan de IJssel;
    
  • als lid:

      A. J. van Haasteren, te Voorschoten: J. C. Deering, te Rotterdam; K. de Jong, te Leeuwarden; E. F. J. Manse, te 's-Gravenhage; B. Panja, te 's-Gravenhage; E. G. H. Haighton, te 's-Gravenhage; W. Baars, te Steenwijkerwold; drs. W. C. Brummelman, te Amstelveen; J. van Hemert, te Leiden; J. Berends, te 's-Gravenhage; P. A. Koenis, te Wassenaar, J. J. Steenhouwer, te Kapelle a/d IJssel; C. Schout, te Dordrecht; H. Bertelsman, te Soest; H. J. M. Groen, te Amstelveen; drs. J. J. G. Jonker, te Utrecht; mr. R. A. E. Indemans, te 's-Gravenhage; Th. J. A. Sturkenboom, te Utrecht; A. Fransen, te Amsterdam; P. Renkema, te Bilthoven; mr. W. Faber, te 's-Gravenhage;
    
  • als ambtelijke waarnemers:

      mr. P. D. Walbeehm, administrateur bij het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen;
      drs. A. G. Hilbrink, inspecteur van het middenstandsonderwijs bij het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen;
      mr. G. J. A. L. Bank, hoofdadministrateur bij het Ministerie van Economische Zaken;
    
  • als ambtelijke waarnemer en secretaris:

      drs. A. L. Dirken, administrateur bij het Ministerie van Economische Zaken.
    

2. De Commissie zal, indien zij dit nodig acht, deskundigen kunnen horen.