rijk/ministeriele-regeling/regeling-bezwarenadviescommissie-personele-aangelegenheden-binnenlandse-zaken-en/BWBR0007209
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties BWBR0007209 ministeriele-regeling geldend 1995-01-25 https://wetten.overheid.nl/BWBR0007209 Regeling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Regeling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *de minister:* de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

b. b.

    *het ministerie:* het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

c. c.

    medewerker:
  
    
      a.
       degene die werkzaam is of is geweest bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
    
    
      b.
       de ambtenaar die door Nederland in het kader van de personele dan wel onderlinge samenwerking met de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk Aruba aan één van die landen beschikbaar is gesteld;
    
    
      c.
       degene die in dienst van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties werkzaam is bij het Kabinet van de Gouverneur van de Nederlandse Antillen of het Kabinet van de Gouverneur van Aruba.

a. a. degene die werkzaam is of is geweest bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. b. de ambtenaar die door Nederland in het kader van de personele dan wel onderlinge samenwerking met de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk Aruba aan één van die landen beschikbaar is gesteld; c. c. degene die in dienst van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties werkzaam is bij het Kabinet van de Gouverneur van de Nederlandse Antillen of het Kabinet van de Gouverneur van Aruba. d. d.

    *de Bijzondere Commissie:* de commissie als bedoeld in artikel 113 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement.

Paragraaf 2. De commissie

Artikel 2

1. Er is een bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

2.

De commissie adviseert de minister ten behoeve van door hem te nemen beslissingen op bezwaren van medewerkers tegen besluiten met betrekking tot:

  • beoordeling;
  • overplaatsing
  • herplaatsing;
  • ontzegging van de toegang;
  • disciplinaire straf als bedoeld in artikel 81, eerste lid, onder e tot en met l, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;
  • schorsing anders dan bij wijze van disciplinaire straf;
  • ontslag anders dan bij wijze van disciplinaire straf, voor zover door de minister niet bij apart besluit een bezwarenadviescommissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht voor de advisering terzake van het bezwaar is ingesteld.

3. Indien de directeur Personeel en Organisatie de commissie daarom in individuele gevallen verzoekt, kan de commissie de minister ook adviseren ten behoeve van een door hem te nemen beslissing op een bezwaar van een medewerker tegen een ander besluit dan genoemd in het tweede lid.

Artikel 3

1.

De commissie bestaat uit:

a. a. een voorzitter, tevens lid, niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van de minister; b. b. een plaatsvervangend voorzitter, tevens lid, niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van de minister; c. c. ten hoogste 10 overige leden en 10 plaatsvervangende leden.

2. Van de op grond van het eerste lid, onder c, te benoemen leden worden twee leden en twee plaatsvervangende leden benoemd op voordracht van het departementaal georganiseerd overleg bedoeld in artikel 113 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement.

3. De leden en plaatsvervangende leden worden benoemd en ontslagen door de minister.

4. De benoemingen gelden voor een periode van vijf jaar. De leden en plaatsvervangende leden kunnen tussentijds op eigen verzoek worden ontslagen. In dat geval kan tussentijdse benoeming van nieuwe leden en plaatsvervangende leden voor de resterende periode plaatsvinden. Herbenoeming is eenmaal aansluitend mogelijk.

Artikel 4

1. De commissie wordt bijgestaan door een secretariaat.

2. Het secretariaat bestaat uit medewerkers van de afdeling Juridische Managementondersteuning en Overlegzaken van de directie Personeel en Organisatie.

Artikel 5

1.

De commissie behandelt een verzoek om advies over een bezwaar in de volgende samenstelling:

de voorzitter of plaatsvervangend voorzitter, en ten minste twee leden of plaatsvervangende leden.

2. De commissie kan het horen opdragen aan de voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter, een lid of een plaatsvervangend lid dat niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van de minister.

Artikel 6

De commissie stelt een reglement omtrent haar werkwijze vast. Het reglement behoeft de goedkeuring van de minister.

Artikel 7

Aan de leden en plaatsvervangende leden wordt een vacatiegeld toegekend op grond van het Vacatiegeldenbesluit 1988.

Paragraaf 3. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 8

Over een bezwaar tegen een besluit als bedoeld in artikel 2, tweede lid, dat is ingediend voor 1 januari 1995, adviseert de commissie indien de belanghebbende op 1 januari 1995 nog niet is gehoord.

Artikel 9

Dit besluit wordt aangehaald als: Regeling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Artikel 10

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 1995.