rijk/ministeriele-regeling/regeling-restcapaciteit-bovenregionale-kavel-2015/BWBR0036893
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling restcapaciteit bovenregionale kavel 2015 BWBR0036893 ministeriele-regeling geldend 2015-08-10 https://wetten.overheid.nl/BWBR0036893 Regeling restcapaciteit bovenregionale kavel 2015

Regeling restcapaciteit bovenregionale kavel 2015

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a.

    *minister:* Minister van Economische Zaken;

b. b.

    *kavel:* frequentie of samenstel van frequenties voor het gebruik waarvan een vergunning kan worden verleend;

c. c.

    *FM-vergunning:* een vergunning voor commerciële radio-omroep voor één van de kavels B1 tot en met B38 die verleend is op grond van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003, de Regeling vervolg verdeling frequenties commerciële radio-omroep 2003, de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2007, de Regeling verlenging en digitalisering commerciële radio-omroep (middengolf en niet-landelijke FM) of de Regeling aanvraag- en verdeelprocedure vergunningen kavels A7, B38 en C08 met bijbehorende vergunningen voor digitale radio-omroep;

d. d.

    *middengolfvergunning:* een vergunning voor commerciële radio-omroep voor één van de kavels C01 tot en met C12, uitgezonderd kavels C3, C04, C08 en C11, die verleend is op grond van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003, de Regeling vervolg verdeling frequenties commerciële radio-omroep 2003, de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2007 of de Regeling verlenging en digitalisering commerciële radio-omroep (middengolf en niet-landelijke FM);

e. e.

    *radioprogramma:* radioprogramma als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Mediawet 2008;

f. f.

    *allotment:* een geografisch afgebakend deel van een frequentieband, zijnde een van de allotments 6B, 7A, 8A, 9D-N en 9D-Z in de bovenregionale kavel, zoals omschreven in bijlage 1;

g. g.

    *capaciteitseenheid:* een achttiende deel van de frequentiecapaciteit van een allotment;

h. h.

    *vergunning voor digitale radio-omroep:* een vergunning voor commerciële radio-omroep voor het gebruik van een capaciteitseenheid;

i. i.

    *aanvulling van de simulcastvoorziening:* het gelijktijdig digitaal uitzenden van de radioprogrammas die worden uitgezonden met gebruikmaking van de FM- of middengolfvergunning van de aanvrager, in een allotment dat overeenkomstig bijlage 2 is gekoppeld aan de desbetreffende FM- of middengolfvergunning.

Artikel 2

1.

Voor de verlening van vergunningen voor digitale radio-omroep voor de periode tot en met 31 augustus 2017 is op grond van deze regeling de volgende frequentiecapaciteit beschikbaar:

allotment 6B: 1 capaciteitseenheid; allotment 7A: 9 capaciteitseenheden; allotment 9D-N: 10 capaciteitseenheden; allotment 9D-Z: 14 capaciteitseenheden.

2.

Met het oog op een evenwichtige verdeling van de in het eerste lid bedoelde frequentiecapaciteit:

a. a. is deze frequentiecapaciteit alleen beschikbaar voor houders van een vergunning voor digitale radio-omroep in ten minste één van de allotments 6B, 7A, 8A, 9D-N of 9D-Z; b. b. wordt de beschikbare frequentiecapaciteit per capaciteitseenheid verdeeld; c. c. wordt bij deze verdeling voorrang gegeven aan aanvragen voor zover deze een aanvulling van de simulcastvoorziening betreffen; en d. d. vindt de verdeling van deze frequentiecapaciteit plaats per allotment en in verdeelronden zoals beschreven in artikel 6.

Artikel 3

1.

Een aanvraag voor een vergunning voor digitale radio-omroep met betrekking tot de in artikel 2, eerste lid, bedoelde frequentiecapaciteit wordt per aangetekende post ontvangen op dan wel door middel van persoonlijke overhandiging op werkdagen tussen 9.00 uur en 18.00 uur ingediend:

a. a. gedurende de volgende periode: vanaf 14.00 uur op de dag van inwerkingtreding van deze regeling tot uiterlijk twee weken na die dag om 18.00 uur; b. b. op het volgende adres en met de volgende adressering: Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V., mr. C.A. de Zeeuw, notaris, New Babylon, receptie 2^e verdieping, Bezuidenhoutseweg 57, 2594 AC Den Haag.

2. Door of namens de in het eerste lid genoemde notaris wordt ten behoeve van de indiener van de aanvraag een bewijs van ontvangst opgesteld dat de naam van de aanvrager en de datum en het tijdstip van ontvangst van de aanvraag bij de in het eerste lid bedoelde receptie bevat en dat is voorzien van een volgnummer en ondertekening.

3. Een aanvraag die per aangetekende post voor 18.00 uur wordt ontvangen op de dag van inwerkingtreding van deze regeling, wordt geacht te zijn ontvangen op die dag om 18.00 uur en aan deze aanvraag wordt een dienovereenkomstig volgnummer toegekend.

4. Indien niet aan de hand van het tijdstip van ontvangst een volgnummer kan worden vastgesteld omdat aanvragen gelijktijdig zijn ingediend, worden de volgnummers voor deze aanvragen door of namens de notaris, genoemd in het eerste lid, vastgesteld door middel van loting.

5. De aanvrager dient slechts één aanvraag in, ook indien hij aanspraak wenst te maken op meer dan één vergunning voor digitale radio-omroep.

6. De aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het in bijlage 1 opgenomen model en gaat vergezeld van de in dit model genoemde gegevens en bescheiden.

7. De aanvraag is in de Nederlandse taal gesteld.

8. Met de gegevens en bescheiden, bedoeld in het zevende lid, worden gelijkgesteld zodanige gegevens en bescheiden, opgesteld krachtens het recht van een van de andere lidstaten van de Europese Unie of een van de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte.

Artikel 4

Indien niet is voldaan aan artikel 3, eerste lid, wijst de minister de aanvraag af.

Artikel 5

1. Indien de aanvraag niet is afgewezen op grond van artikel 4 en de aanvrager niet heeft voldaan aan een van de in artikel 3, vijfde tot en met zevende lid, gestelde eisen, deelt de minister dit de aanvrager mee en stelt de minister de aanvrager in de gelegenheid het verzuim te herstellen.

2. De aanvrager heeft gedurende vier werkdagen, te rekenen vanaf de dag na dagtekening van de mededeling, bedoeld in het eerste lid, de gelegenheid het verzuim te herstellen.

3. De gegevens of bescheiden ten behoeve van het verzuimherstel worden per aangetekende post ontvangen dan wel door middel van persoonlijke overhandiging ingediend op het adres, genoemd in artikel 3, eerste lid, onder b, binnen de in het tweede lid bedoelde termijn, met dien verstande dat de ontvangst geschiedt vóór 18.00 uur.

4. Artikel 3, tweede en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat als datum en tijdstip van ontvangst gelden de datum en het tijdstip waarop het verzuim overeenkomstig het derde lid is hersteld en dat het eerder op grond van artikel 3 afgegeven volgnummer dienovereenkomstig wordt aangepast.

5. Indien het verzuim niet binnen de termijn, bedoeld in het tweede en het derde lid, en op de wijze, vermeld in het derde lid, is hersteld of indien na herstel niet wordt voldaan aan de in artikel 3, vijfde tot en met zevende lid, gestelde eisen, kan de aanvraag overeenkomstig artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht buiten behandeling worden gelaten.

Artikel 6

1. Bij de toepassing van dit artikel worden alleen die aanvragen in aanmerking genomen die voldoen aan het gestelde in deze regeling en die niet op grond van artikel 3.18 van de wet worden afgewezen.

2. Bij voorrang wordt desgevraagd één capaciteitseenheid per allotment toegedeeld voor aanvulling van de simulcastvoorziening. Indien het aantal aanvragen voor dit gebruik in een allotment de in dat allotment beschikbare frequentiecapaciteit overtreft, wordt deze capaciteit op volgorde van binnenkomst van de aanvragen verdeeld.

3. Van de frequentiecapaciteit die na toepassing van het tweede lid in een allotment nog beschikbaar is, wordt vervolgens desgevraagd één capaciteitseenheid per aanvrager toegedeeld voor een ander gebruik dan aanvulling van de simulcastvoorziening. Indien het aantal aanvragers dat ten minste één capaciteitseenheid voor een allotment heeft aangevraagd voor een ander gebruik dan aanvulling van de simulcastvoorziening, groter is dan het aantal in dat allotment beschikbare capaciteitseenheden, wordt de capaciteit in dat allotment op volgorde van binnenkomst van de aanvragen verdeeld.

4. Van de frequentiecapaciteit die na toepassing van het derde lid in een allotment nog beschikbaar is, worden vervolgens desgevraagd een of meer capaciteitseenheden toegedeeld aan de aanvrager die meer dan één capaciteitseenheid voor dat allotment heeft aangevraagd voor een ander gebruik dan aanvulling van de simulcastvoorziening. Indien het aantal voor dat ander gebruik gevraagde capaciteitseenheden verminderd met het aantal op grond van het derde lid verdeelde capaciteitseenheden groter is dan het aantal in dat allotment na toepassing van het derde lid beschikbare capaciteitseenheden, wordt de capaciteit in dat allotment op volgorde van binnenkomst van de aanvragen verdeeld.

5. Bij de verdeling op volgorde van binnenkomst op grond van de tweede volzin van het tweede, derde en vierde lid, wordt uitgegaan van het volgnummer dat is toegekend overeenkomstig artikel 3, tweede tot en met vierde lid, en in voorkomend geval gewijzigd overeenkomstig artikel 5, vierde lid.

6. Voor overeenkomstig het tweede, derde en vierde lid toegedeelde frequentiecapaciteit verleent de minister aan de desbetreffende aanvrager één vergunning per capaciteitseenheid.

7. Voor zover de aanvragen niet op grond van het zesde lid worden toegewezen, worden zij afgewezen.

Artikel 7

1. Deze regeling treedt in werking op de tiende werkdag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 december 2015.

2. Deze regeling blijft van toepassing ten aanzien van aanvragen die zijn ingediend voor 1 december 2015.

Artikel 8

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling restcapaciteit bovenregionale kavel 2015.

Bijlage 1. Model voor een aanvraag als bedoeld in

Aan

Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V., mr. C.A. de Zeeuw, notaris,

New Babylon, receptie 2^e verdieping,

Bezuidenhoutseweg 57

2594 AC Den Haag

Naam vergunninghouder: ......................................................

Hiermee dien ik een aanvraag in1Zie voor de aanvraagtermijn artikel 3, eerste lid, onder a, van de Regeling. om verlening van een of meer vergunningen voor digitale radio-omroep voor de periode tot en met 31 augustus 2017 overeenkomstig de hieronder gegeven specificaties.

Toelichting:

In de onderstaande tabel is in de linker kolom per allotment2Onderaan deze bijlage is een omschrijving van de allotments opgenomen. aangegeven hoeveel capaciteitseenheden beschikbaar zijn (conform artikel 2, eerste lid, van de regeling). In de tweede en derde kolom kunnen capaciteitseenheden worden aangevraagd waarover wordt beslist in de eerste respectievelijk de tweede en de derde verdeelronde. Voor de eerste verdeelronde kan in bepaalde gevallen een aanvrager per allotment (maximaal) één capaciteitseenheid aanvragen voor aanvulling van de simulcastvoorziening, namelijk in het allotment of de allotments waar hij dekking heeft met zijn analoge radiovergunning maar nog geen dekking heeft voor digitale radio. In welke gevallen hiervan sprake is, is aangeduid in bijlage 2. Hiernaast kan een aanvrager capaciteitseenheden aanvragen voor ander gebruik dan voor aanvulling van de simulcastvoorziening. Dit deel van de aanvraag komt (eerst) aan de orde in de tweede verdeelronde waarin een aanvrager per allotment (maximaal) één capaciteitseenheid kan verkrijgen. Indien dit deel van de aanvraag meer dan één capaciteitseenheid per allotment betreft, komt het resterende deel van de aanvraag aan de orde in de derde verdeelronde. In de derde verdeelronde is er geen beperking aan het aantal per allotment te verlenen capaciteitseenheden. Uiteraard is het niet zinvol meer capaciteitseenheden aan te vragen dan ten behoeve van de verdeling in een allotment beschikbaar zijn. De wijze van verdeling van de beschikbare frequentiecapaciteit is vastgelegd in artikel 6 van de regeling en is toegelicht in paragrafen 2 en 3 van de toelichting.

Voor de toegedeelde frequentieruimte wordt per capaciteitseenheid een vergunning verleend (artikel 6, zesde lid, van de regeling). De simulcastverplichting wordt (alleen) verbonden aan vergunningen die voor aanvulling van de simulcastvoorziening zijn verleend.

Ondertekening

Ondergetekende verklaart:

Omschrijving van de in artikel 1, onderdeel f, van de regeling genoemde allotments:

De voornoemde allotments zijn weergegeven op de onderstaande kaart. In het vijfde allotment (8A) is geen frequentiecapaciteit meer beschikbaar zodat dit allotment niet in de bovenstaande tabel is opgenomen.

[afbeelding]

Bijlage 2. Overzicht van de allotments die zijn gekoppeld aan vergunningen voor commerciële niet-landelijke FM-radio en commerciële middengolfradio ter aanvulling van de simulcastvoorziening, als bedoeld in

In de onderstaande tabellen worden de in artikel 1, onder c en d, omschreven niet-landelijke FM-vergunningen en middengolfvergunningen vermeld (kolom 1) waarvan de houder voor aanvulling van de simulcastvoorziening een extra vergunning voor digitale radio-omroep kan aanvragen voor een allotment, zijnde het allotment genoemd in kolom 2.

Voor andere soortgelijke vergunningen voor analoge radio-omroep geldt dat hetzij het theoretische analoge verzorgingsgebied daarvan reeds geheel wordt gedekt door de vergunning voor digitale radio-omroep waarover de vergunninghouder beschikt, hetzij de betreffende vergunninghouder niet beschikt over een vergunning voor digitale radio-omroep omdat hij op een andere wijze aan zijn digitaliseringsverplichting voldoet.