rijk/ministeriele-regeling/reglement-rijksopleidingscentrum-voor-verloskundigen-te-rotterdam/BWBR0004366
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Reglement Rijksopleidingscentrum voor verloskundigen te Rotterdam BWBR0004366 ministeriele-regeling geldend 1988-08-09 https://wetten.overheid.nl/BWBR0004366 Reglement Rijksopleidingscentrum voor verloskundigen te Rotterdam

Reglement Rijksopleidingscentrum voor verloskundigen te Rotterdam

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

Artikel 2

1. Er is een Rijksopleidingscentrum voor verloskundigen te Rotterdam, hierna te noemen het rijksopleidingscentrum, aan welke inrichting een opleiding kan worden gevolgd voor het examen als verloskundige.

2. Ten behoeve van het praktisch onderwijs is aan het Rijksopleidingscentrum een kraamafdeling verbonden, waarin opname van patiënten plaatsvindt overeenkomstig de voorschriften van het door de minister vast te stellen huishoudelijk Reglement.

Artikel 3

De minister stelt, de commissie gehoord, jaarlijks het aantal opleidingsplaatsen vast.

Artikel 4

De minister stelt het cursusgeld van de leerlingen vast.

Artikel 5

1. Het cursusjaar vangt aan op 1 september en eindigt op de laatste dag van augustus van het daarop volgende kalenderjaar.

2. Gedurende de perioden waarin geen theoretisch onderwijs wordt gegeven, blijft ter bijwoning van bevallingen en ter verpleging van kraamvrouwen en kinderen een telkenmale door de geneesheer-directeur voor een bepaald tijdvak aan te wijzen aantal leerlingen aanwezig.

Artikel 6

De commissie kan een leerling-verloskundige, wegens gebrek aan plichtsbetrachting of wegens wangedrag, alsmede bij gebleken ongeschiktheid voor het beroep van verloskundige de verdere toegang tot de opleiding ontzeggen.

Artikel 7

1. De commissie bestaat uit ten minste drie leden, die door de minister voor de tijd van 6 jaar worden benoemd en die onmiddellijk voor een periode van 6 jaar kunnen worden herbenoemd.

2. Hij, die tot lid is benoemd ter vervulling van een tussentijds opengevallen plaats, treedt af op het tijdstip, waarop de zittingsperiode van hem in wiens plaats hij is benoemd, zou zijn beëindigd.

3. De minister ontslaat leden op hun verzoek danwel om andere redenen ter beoordeling van de minister.

4. De minister regelt bij het in het tweede lid van artikel 2 bedoelde huishoudelijk reglement de werkwijze van de commissie en benoemt een van de leden tot voorzitter en een ander lid tot secretaris.

5. De commissie is ter zake van de uitoefening van haar taak verantwoording schuldig aan de minister.

Artikel 8

1. De dagelijkse leiding van het rijksopleidingscentrum is onder verantwoordelijkheid van de commissie, opgedragen aan de geneesheer-directeur, voor wie de minister, de commissie gehoord, een instructie vaststelt en die verplicht is de aanwijzingen van de commissie op te volgen.

2. Het financieel beheer van het rijksopleidingscentrum is, onder toezicht van de commissie, opgedragen aan een administrateur, die onverminderd zijn rekenplichtigheid aan de Algemene Rekenkamer volgens artikel 56 van de Comptabiliteitswet 1976 (Stb. 671) van het door hem gevoerde beheer verantwoording verschuldigd is aan de minister, de commissie en de geneesheer-directeur. Bij de uitoefening van de hem opgedragen taken volgt de administrateur de aanwijzingen op van de commissie en de geneesheer-directeur.

Artikel 9

De vervanging van de geneesheer-directeur wordt geregeld in het in het 2e lid van artikel 2 bedoelde huishoudelijk reglement.

Artikel 10

1. De commissie stelt jaarlijks voor 15 december een begroting samen voor het jaar, volgend op het komend dienstjaar. Deze wordt ter goedkeuring aan de minister voorgelegd.

2. De commissie brengt jaarlijks schriftelijk verslag uit aan de minister over het afgelopen cursusjaar.

Artikel 11

Dit besluit kan worden aangehaald als Reglement Rijksopleidingscentrum voor verloskundigen te Rotterdam.

Artikel 12

Dit besluit, waarvan afschrift aan de Algemene Rekenkamer wordt gezonden, treedt in werking op de dag nadat het in de Staatscourant is geplaatst.