rijk/ministeriele-regeling/subsidieregeling-bedrijfsgezondheidszorg-voor-het-primair-onderwijs-en-het-speci/BWBR0013191
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Subsidieregeling bedrijfsgezondheidszorg voor het primair onderwijs en het speciaal voortgezet onderwijs gedurende de periode januari 2002 tot 1 augustus 2002 BWBR0013191 ministeriele-regeling geldend 2002-01-26 https://wetten.overheid.nl/BWBR0013191 Subsidieregeling bedrijfsgezondheidszorg voor het primair onderwijs en het speciaal voortgezet onderwijs gedurende de periode januari 2002 tot 1 augustus 2002

Subsidieregeling bedrijfsgezondheidszorg voor het primair onderwijs en het speciaal voortgezet onderwijs gedurende de periode januari 2002 tot 1 augustus 2002

Artikel 1

Het doel van de regeling is het verlenen van een subsidie voor de bedrijfsgezondheidszorg (bgz) van 1 januari 2002 tot 1 augustus 2002.

Artikel 2

1. Dit artikel heeft betrekking op basisscholen, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs.

2. Deze subsidie bestaat voor de periode genoemd in artikel 1 uit een vast bedrag per school van € 219 en een bedrag van € 0,15 per formatierekeneenheid en wordt in maart 2002 betaalbaar gesteld.

3. Het aantal formatierekeneenheden bedoeld in het tweede lid wordt vastgesteld op de som van de groepsformatie bedoeld in artikel 5, onderdeel a van het Formatiebesluit WPO, de toeslag voor kleine scholen bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van het Formatiebesluit WPO, het formatieve deel van de toeslag voor de schoolleiding bedoeld in artikel 13a, tweede lid, van het Formatiebesluit WPO en de formatie speciale doeleinden bedoeld in artikel 14 van het Formatiebesluit WPO.

4. Voor zover het betreft rijdende scholen voor kinderen van kermisexploitanten of van circusmedewerkers als bedoeld in het Besluit trekkende bevolking WPO, wordt het aantal formatierekeneenheden bedoeld in het tweede lid vastgesteld op de som van de basisformatie bedoeld in artikel B 16e, de formatie vakonderwijs bedoeld in artikel B 16ƒ, het formatieve deel van de formatie schoolleiding bedoeld in artikel B 16g, tweede lid, de opslag i.v.m. formatieve fricties als bedoeld in artikel B 16h en de formatie voor speciale doeleinden bedoeld in artikel B 16j, allen van het Besluit trekkende bevolking WPO.

5. Voor zover het betreft scholen voor ligplaatsonderwijs aan varende kinderen als bedoeld in het Besluit trekkende bevolking WPO wordt het aantal formatierekeneenheden bedoeld in het tweede lid vastgesteld op de som van de formatie bedoeld in de artikelen C 15f, C 15h en C 15j van het Besluit trekkende bevolking WPO die de afzonderlijke scholen in het schooljaar 200-2001 hebben ontvangen. Het bedrag voor bgz wordt naar boven afgerond op hele centen.

6. Voor de vaststelling van het aantal formatierekeneenheden in het derde lid wordt uitgegaan van het door het bevoegd gezag gevalideerde aantal leerlingen per 1 oktober 2000. Het bedrag voor bgz wordt naar boven afgerond op hele centen.

7. Voor de vaststelling van het aantal formatierekeneenheden in het vierde lid wordt voor de vaststelling van het aantal leerlingen voor de formatie bedoeld in artikel B 16e uitgegaan van het door het bevoegd gezag gevalideerde gemiddelde van de hoogste dagtellingen van de maanden maart tot en met oktober van het jaar 2000. Het bedrag voor bgz wordt naar boven afgerond op hele centen.

Artikel 3

1. Dit artikel heeft betrekking op speciale scholen voor basisonderwijs, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs.

2. Deze subsidie bestaat voor de periode genoemd in artikel 1 uit een vast bedrag per school van € 219 en een bedrag van € 0,15 per formatierekeneenheid en wordt in maart 2002 betaalbaar gesteld.

3. Het aantal formatierekeneenheden bedoeld in het tweede lid wordt vastgesteld aan de hand van het door het bevoegd gezag gevalideerde aantal leerlingen per 1 oktober 2000 (niet zijnde het aantal leerlingen dat op een afdeling is ingeschreven) vermenigvuldigd met 21,7 fre. De uitkomst hiervan wordt rekenkundig afgerond op een geheel aantal fre en vermeerderd met de formatie in fres voor bestrijding van onderwijsachterstanden, zoals bedoeld in artikel 16d van het formatie-besluit WPO die op basis van het door het bevoegd gezag gevalideerde aantal leerlingen op 1 oktober 2000 voor het schooljaar 2001/2002 is toegekend. Het bedrag voor bgz wordt naar boven afgerond op hele centen.

Artikel 4

    1. Dit artikel heeft betrekking op scholen en afdelingen voor (voortgezet) speciaal onderwijs, voor speciaal voortgezet onderwijs, instellingen voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs en scholen voor praktijkonderwijs waarop het declaratiestelsel van toepassing is.
    1. Deze subsidie bestaat voor de periode genoemd in artikel 1 uit een vast bedrag per school van e 219 en een bedrag vane 0,16 per formatierekeneenheid en voor afdelingen uit een bedrag vane 0,16 per formatierekeneenheid en wordt in maart 2002 betaalbaar gesteld.
    1. Het aantal formatierekeneenheden bedoeld in het tweede lid wordt bepaald aan de hand van:

      a.
      voor scholen en afdelingen:
      
      
          de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie voor de vervulling van reguliere taken, bedoeld in artikel 3 van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 14 van het Formatiebesluit WVO, voor zover het betreft de formatie voor onderwijsgevend personeel en schoolleiding. De extra formatierekeneenheden die worden toegekend in verband met het hogere verbruik door de schoolleiding, bedoeld in artikel 16, derde, vierde en vijfde lid, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 25, derde en vierde lid, van het Formatiebesluit WVO worden niet meegerekend,
      
      
          de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie speciale doeleinden, bedoeld in artikel 21, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 32 van het Formatiebesluit WVO en
      
      
          de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie onderwijsondersteunend personeel voor de vervulling van reguliere taken, bedoeld in artikel 3, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 14 van het Formatiebesluit WVO.
      
      
      
      
      b.
      voor instellingen:
      
      
          de formatierekeneenheden berekend aan de hand van artikel 26a van het Formatiebesluit WEC, vermeerderd met de op grond van artikel 117, vijfde lid, van de WEC toegekende formatierekeneenheden.
      

a. a. voor scholen en afdelingen:

          de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie voor de vervulling van reguliere taken, bedoeld in artikel 3 van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 14 van het Formatiebesluit WVO, voor zover het betreft de formatie voor onderwijsgevend personeel en schoolleiding. De extra formatierekeneenheden die worden toegekend in verband met het hogere verbruik door de schoolleiding, bedoeld in artikel 16, derde, vierde en vijfde lid, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 25, derde en vierde lid, van het Formatiebesluit WVO worden niet meegerekend,
        
        
          de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie speciale doeleinden, bedoeld in artikel 21, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 32 van het Formatiebesluit WVO en
        
        
          de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie onderwijsondersteunend personeel voor de vervulling van reguliere taken, bedoeld in artikel 3, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 14 van het Formatiebesluit WVO.
  • de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie voor de vervulling van reguliere taken, bedoeld in artikel 3 van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 14 van het Formatiebesluit WVO, voor zover het betreft de formatie voor onderwijsgevend personeel en schoolleiding. De extra formatierekeneenheden die worden toegekend in verband met het hogere verbruik door de schoolleiding, bedoeld in artikel 16, derde, vierde en vijfde lid, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 25, derde en vierde lid, van het Formatiebesluit WVO worden niet meegerekend,

  • de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie speciale doeleinden, bedoeld in artikel 21, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 32 van het Formatiebesluit WVO en

  • de in formatierekeneenheden uitgedrukte formatie onderwijsondersteunend personeel voor de vervulling van reguliere taken, bedoeld in artikel 3, van het Formatiebesluit WEC, respectievelijk artikel 14 van het Formatiebesluit WVO. b. b. voor instellingen:

            de formatierekeneenheden berekend aan de hand van artikel 26a van het Formatiebesluit WEC, vermeerderd met de op grond van artikel 117, vijfde lid, van de WEC toegekende formatierekeneenheden.
    
  • de formatierekeneenheden berekend aan de hand van artikel 26a van het Formatiebesluit WEC, vermeerderd met de op grond van artikel 117, vijfde lid, van de WEC toegekende formatierekeneenheden.

    1. Voor de vaststelling van het aantal formatierekeneenheden in het derde lid wordt uitgegaan van het door het bevoegd gezag gevalideerde aantal leerlingen op de teldatum 1 oktober 2000, dan wel op teldatum 16 januari 2001. Het bedrag voor bgz wordt naar boven afgerond op hele centen.

Artikel 5

De subsidie wordt aan de school toegekend onder de voorwaarde dat voor de in het geding zijnde periode een bgz-contract is afgesloten.

Artikel 6

Deze regeling zal met de toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel 7

Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen waarin deze regeling wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2002.

Artikel 8

Deze regeling wordt aangehaald als: ”Subsidieregeling bedrijfsgezondheidszorg voor het primair onderwijs en het speciaal voortgezet onderwijs gedurende de periode januari 2002 tot 1 augustus 2002”.