40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Subsidieregeling Week van het leren 2004 | BWBR0016621 | ministeriele-regeling | geldend | 2004-05-29 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0016621 | Subsidieregeling Week van het leren 2004 |
Subsidieregeling Week van het leren 2004
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. a. minister: de minister van onderwijs, cultuur en wetenschap; b. b. CINOP: het Centrum voor Innovatie van Opleidingen, te ’s-Hertogenbosch; c. c. Week van het leren: de door een resolutie van de UNESCO ondersteunde ”Week van het leren door Volwassenen” in de week van 4 tot en met 11 september 2004.
Artikel 2
1. De minister verstrekt projectsubsidie voor lokale en regionale activiteiten tijdens de Week van het leren, die bijdragen aan de promotie van het leren door volwassenen en die aansluiten op de landelijke campagne die in het kader van de Week van het leren wordt gevoerd.
2.
De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, omvatten, voor zover zij bijdragen aan de promotie en promotieactiviteiten van het leren door volwassenen, het volgende:
a. a. het organiseren van open dagen, promotieactiviteiten en manifestaties, of; b. b. het uitreiken van prijzen voor prestaties in het volwassenenonderwijs, of; c. c. het verspreiden van promotiemateriaal.
3.
In de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, wordt een relatie gelegd met de grote maatschappelijke problemen:
a. a. voortijdig schoolverlaten, en b. b. analfabetisme.
Artikel 3
1. De minister verleent de subsidie aan een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid.
2. De subsidieontvanger maakt deel uit van een samenwerkingsverband met tenminste twee partners, die deelnemen aan de activiteiten, bedoeld in artikel 2.
Artikel 4
Voor subsidieverlening op grond van deze regeling is een bedrag van € 60.000,- beschikbaar.
Artikel 5
Het subsidiebedrag voor de subsidieontvanger bedraagt maximaal € 1.500,-
Artikel 6
1. De minister verleent de subsidie op aanvraag.
2.
De aanvraag bevat in ieder geval:
a. a. een activiteitenplan; b. b. een begroting van aan de activiteiten verbonden uitgaven en inkomsten; c. c. een schriftelijke verklaring van de partners, bedoeld in artikel 3, dat aan de in het activiteitenplan omschreven activiteiten wordt deelgenomen, en d. d. een vermelding van het bank- of gironummer van de subsidieaanvrager.
3. De subsidieaanvrager dient de aanvraag uiterlijk 15 mei 2004 in bij CINOP, Postbus 1585, 5200 BP ’s-Hertogenbosch, onder vermelding van subsidieaanvraag Week van het leren. Aanvragen ingediend na deze datum worden afgewezen.
Artikel 7
1.
CINOP adviseert de minister over de verdeling van het beschikbare bedrag aan de hand van:
a. a. de bijdrage die de activiteiten aan de promotie van het leren door volwassenen leveren en de mate waarin deze aansluiten op de landelijke campagne die in het kader van de Week van het leren wordt gevoerd en de maatschappelijke problemen bedoeld onder artikel 2, derde lid, en b. b. een evenwichtige regionale spreiding van de activiteiten.
2. Indien twee of meer aanvragen in dezelfde mate voldoen aan de criteria, bedoeld in het eerste lid, is de volgorde van ontvangst van de subsidieaanvragen bepalend.
Artikel 8
1. De minister beslist voor 15 juni 2004 over de subsidieverlening mede op basis van het advies van CINOP.
2. CINOP neemt bij het uitbrengen van het advies de criteria, bedoeld in artikel 7, in acht.
Artikel 9
De minister verleent de subsidieontvanger een voorschot op het subsidiebedrag tot het maximum van € 1.500,-.
Artikel 10
De artikel 17, 18 en 19 van de Wet overige OCenW-subsidies zijn van toepassing op deze regeling.
Artikel 11
1. De subsidie wordt uitsluitend aangewend voor het doel waarvoor zij is verstrekt. Eventueel niet-bestede middelen of overschotten na afloop van de activiteiten moeten worden terugbetaald.
2. Binnen twee maanden na afloop van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt de subsidie-ontvanger aan CINOP een activiteitenverslag met een eenvoudige opgave van de aan de activiteiten verbonden uitgaven en inkomsten.
3. CINOP zendt de activiteitenverslagen en de daarbij behorende eenvoudige financiële verantwoording ter vaststelling van subsidie aan Cƒi.
4.
De vaststelling van de subsidie kan worden geweigerd of geheel of gedeeltelijk worden teruggevorderd van een aanvrager, indien:
a. a. de aanvrager onjuiste, niet tijdige of voor de beoordeling van de uitvoering van de regeling onvolledige gegevens heeft verstrekt; b. b. het project niet is gestart, aanzienlijk is vertraagd of voortijdig wordt beëindigd; c. c. de ontvanger van de subsidie heeft gehandeld in strijd met de aan de subsidie verbonden verplichtingen; d. d. de ontvanger van de subsidie kennelijk in strijd met het doel van de subsidie heeft gehandeld, of e. e. de verlening van de subsidie onjuist was en de ontvanger dit wist of behoorde te weten.
Artikel 12
Deze regeling zal in het Gele Katern worden geplaatst. Van deze bekendmaking wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
Artikel 13
Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van het Gele katern waarin deze regeling wordt geplaatst.
Artikel 14
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Week van het leren 2004.