40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tijdelijke subsidieregeling Stichting Nederland Maritiem Land 2006–2009 | BWBR0019722 | ministeriele-regeling | geldend | 2006-04-09 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0019722 | Tijdelijke subsidieregeling Stichting Nederland Maritiem Land 2006–2009 |
Tijdelijke subsidieregeling Stichting Nederland Maritiem Land 2006–2009
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a. de Minister: de Minister van Verkeer en Waterstaat; b. b. de Stichting: de Stichting Nederland Maritiem Land, gevestigd te Rotterdam; c. c. bestuurs- en bureaukosten: gemaakte en betaalde kosten die betrekking hebben op het functioneren van de organisatie van de Stichting; d. d. activiteitenkosten: noodzakelijke, rechtstreeks aan een al dan niet thematisch ingedeeld activiteitenplan toe te rekenen gemaakte en betaalde kosten; e. e. maritiem cluster: groepering van verwante maritieme sectoren met de corresponderende toeleveranciers die een specifieke sociaal-economische dynamiek teweeg brengen en daarmee bijdragen aan een duurzame ontwikkeling van de Nederlandse bestaansbronnen; f. f. Maritime Innovation Board: een op te richten college van deskundigen uit de maritieme sector ten behoeve van het stimuleren van de innovatie in de zeescheepvaart.
Artikel 2
De Minister verstrekt de Stichting jaarlijks een subsidie om:
a. a. het maritieme cluster in Nederland als ook binnen de Europese Unie te versterken door middel van voorlichting, educatie, bewustwording, samenwerking, netwerkvorming, onderzoek en andere activiteiten die daarmee verband houden of daartoe bevorderlijk zijn; b. b. de oprichting van de Maritime Innovation Board voor te bereiden, alsmede de inventarisatie van de in de markt levende innovatiebehoeften en overige ondersteunende werkzaamheden ten behoeve van deze Maritime Innovation Board te verrichten.
Artikel 3
1. De subsidie voor de gezamenlijke bestuurs-, bureau- en activiteitenkosten ten behoeve van de activiteiten, bedoeld in artikel 2, onder a, bedraagt per boekjaar ten hoogste € 670.833,–.
2. De subsidie voor de kosten ten behoeve van de activiteiten, bedoeld in artikel 2, onder b, bedraagt per boekjaar ten hoogste € 345.500,–.
Artikel 4
1. De subsidie voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, onder a, bedraagt per kalenderjaar 50% van de totale kosten, met een maximum van € 180.000,– voor de noodzakelijke bestuurs- en bureaukosten en een maximum van € 490.833,– voor de activiteitenkosten.
2. Binnen het in artikel 3, eerste lid, genoemde maximale subsidiebedrag kan de Minister ten behoeve van activiteiten, die rechtstreeks verband houden met lange termijn onderzoek met een precompetitief karakter of die uitstijgen boven het gebied van een thema, een subsidie verlenen tot 100% van de daarmee gepaard gaande bestuurs-, bureau- en activiteitenkosten, met een maximum van € 50.000,– per jaar.
3.
De subsidie voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, onder b, bedraagt per kalenderjaar van de totale kosten:
a. a. maximaal € 67.000,– voor de inzet van personeel en bureaufaciliteiten van de Stichting voor werkzaamheden van de Maritime Innovation Board; b. b. maximaal € 50.000,– voor de bezoldiging van de deeltijdvoorzitter van de Maritime Innovation Board, vergaderkosten en andere contante uitgaven inclusief reis- en verblijfskosten; c. c. maximaal € 183.500,– voor de personeelskosten inclusief alle bijkomende kosten van het bij de Stichting onder te brengen bureau van de Maritime Innovation Board, voor zover deze niet behoren tot de kosten bedoeld, onder a; d. d. maximaal € 45.000,– voor de inventarisatie van de in de markt levende innovatiebehoeften ten behoeve van de Maritime Innovation Board.
Artikel 5
Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.
Artikel 6
1. De aanvraag van de subsidie voor het kalenderjaar 2006 dient uiterlijk 1 mei 2006 te zijn ontvangen door de Directeur-Generaal Transport en Luchtvaart.
2.
De aanvraag van de subsidie voor de kalenderjaren 2007 t/m 2009 dient
jaarlijks, uiterlijk 1 november van het jaar voorafgaand aan het betreffend subsidiejaar, te zijn ontvangen door de Directeur-Generaal Transport en Luchtvaart.
3. In aanvulling op artikel 4:61, eerste lid, aanhef en onder a, van de Algemene wet bestuursrecht gaat elke aanvraag vergezeld van een activiteitenplan, inclusief een gespecificeerde begroting, welke zijn goedgekeurd door het bestuur van de Stichting en de Directeur-Generaal Transport en Luchtvaart.
Artikel 7
Onder toepassing van artikel 4:50, eerste lid, onder c, van de Algemene wet bestuursrecht, kan de Minister de subsidieverlening intrekken of ten nadele van de Stichting wijzigen indien;
a. a. de Stichting voor de uitoefening van de gesubsidieerde activiteiten tevens geheel of gedeeltelijk financiële bijdragen krijgt van (overheids)instanties, anders dan het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Directoraat-Generaal Luchtvaart en Maritieme Zaken, of anders dan al vermeld in de subsidieaanvraag; b. b. vermogen is gevormd met de door de subsidie verstrekte gelden; of c. c. de Stichting wordt ontbonden.
Artikel 8
De Minister kan de Stichting voorschotten verlenen.
Artikel 9
1. De verklaring van de accountant, bedoeld in art. 4.78, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht voldoet aan het in de bijlage bij deze regeling opgenomen model controleprotocol subsidies.
2. De Minister of een door hem aan te wijzen accountant kan een review houden bij de fungerende derdeaccountant ter toetsing van de naleving van het controleprotocol. De kosten hiervan zijn voor rekening van de Minister, tenzij van onjuistheden blijkt. Indien een review wordt gehouden wordt hierover tevens overleg gevoerd met de Stichting.
Artikel 10
1. De Minister brengt in 2008 een verslag uit over de doeltreffendheid en de effecten van de gesubsidieerde activiteiten.
2. De Stichting verleent op verzoek van de Minister alle medewerking, nodig voor de opstelling van het verslag, bedoeld in het eerste lid.
Artikel 11
De subsidies die voor 2003, 2004 en 2005 zijn verleend, op grond van de inmiddels vervallen Tijdelijke Subsidieregeling Stichting Nederland Maritiem Land, bij beschikking nr. DGG/T&I/TZ-03/0022625, van 24 april 2003, berusten na de inwerkingtreding van deze regeling op artikel 2.
Artikel 12
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2010, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de subsidies die voor die datum zijn verleend.
Artikel 13
Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling Stichting Nederland Maritiem Land 2006–2009.
Bijlage . , als bedoeld in
Ministerie van Verkeer en Waterstaat