40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Uitvoeringsregeling bufferstroken | BWBR0047927 | ministeriele-regeling | geldend | 2023-03-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0047927 | Uitvoeringsregeling bufferstroken |
Uitvoeringsregeling bufferstroken
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
- bufferstrook: strook grond gelegen op landbouwgrond;
- derogatiebeschikking 2022–2025: Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/2069 van de Commissie van 30 september 2022 tot verlening van een door Nederland gevraagde derogatie op grond van Richtlijn 91/676/EEG van de Raad inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen (PbEU 2022, L 277);
- ecologisch kwetsbare waterloop: oppervlaktewateren aangeduid in bijlage I bij het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet;
- flauw talud: een talud dat ten minste 200 centimeter breed is vanaf de waterlijn tot aan de insteek en met een helling die niet steiler is dan 1:3;
- insteek van een waterloop: snijpunt van de raaklijnen van het talud en het horizontale maaiveld;
- landbouwgrond: landbouwgrond als bedoeld in artikel 3, onder 3, van de derogatiebeschikking 2022–2025;
- meststoffen: meststoffen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Meststoffenwet;
- minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
- perceel: aaneengesloten, door wegen, waterwegen, sloten, houtopstanden, muren, wallen of anderszins topografisch begrensde oppervlakte grond.
Artikel 2
1.
Het is verboden meststoffen op of in de bodem te brengen op een perceel gelegen op landbouwgrond in een bufferstrook van:
a. a. 300 cm gemeten vanaf de insteek van een waterloop; b. b. 500 cm gemeten vanaf de insteek van een waterloop, indien het een ecologisch kwetsbare waterloop betreft; of c. c. 500 cm gemeten vanaf de insteek van een waterloop, indien het een waterloop betreft die in verband met de uitvoering van de verplichtingen van Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PbEU 2000, L 327) is aangewezen.
2.
In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, wordt een bufferstrook aangehouden van:
a. a. 100 cm, indien de totale bufferstrook van 300 cm, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, meer dan 4 procent van de oppervlakte van het desbetreffende perceel beslaat; of b. b. 50 cm, indien de totale bufferstrook van 100 cm, bedoeld onder a, meer dan 4 procent van de oppervlakte van het desbetreffende perceel beslaat.
3.
In afwijking van het eerste lid, onderdeel c, wordt een bufferstrook aangehouden van:
a. a. 300 cm, indien de totale bufferstrook van 500 cm, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, meer dan 4 procent van de oppervlakte van het desbetreffende perceel beslaat; of b. b. 100 cm, indien de totale bufferstrook van 300 cm, bedoeld onder a, meer dan 4 procent van de oppervlakte van het desbetreffende perceel beslaat, mits het een watervoerende sloot betreft van maximaal 1.000 cm breed gemeten vanaf de insteek van de waterloop.
4. In afwijking van het eerste tot en met het derde lid is de bufferstrook gelijk aan de teeltvrije zone, bedoeld in artikel 3:85 van het Activiteitenbesluit milieubeheer, indien de voorgeschreven teeltvrije zone breder is dan de in dit artikel voorgeschreven bufferstrook.
5. In afwijking van het eerste lid wordt de bufferstrook op een flauw talud gemeten vanaf 100 cm vanaf de waterlijn, aangeduid in de basisregistratie grootschalige topografie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet basisregistratie grootschalige topografie.
Artikel 3
Het is verboden meststoffen op of in de bodem te brengen op een perceel in een bufferstrook van 100 cm gemeten vanaf de insteek van een waterloop die ten minste in de periode van 1 april tot en met 1 oktober droog staat.
Artikel 4
Voor de toepassing van de artikelen 9, 10, eerste lid, 11, eerste lid, van de Meststoffenwet en de krachtens artikel 11, tweede lid, van de Meststoffenwet vastgestelde ministeriële regeling, wordt een bufferstrook niet aangemerkt als tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder m, van de Meststoffenwet.
Artikel 5
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 maart 2023.
Artikel 6
Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling bufferstroken.