40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Zuivelverordening 2003, Administratieve bepalingen | BWBR0014245 | pbo | geldend | 2003-07-19 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0014245 | Zuivelverordening 2003, Administratieve bepalingen |
Zuivelverordening 2003, Administratieve bepalingen
Paragraaf 1. Begripsbepalingen
Artikel 1
Paragraaf 2. Registratie van bedrijfsgenoten
Artikel 2
1. Het productschap houdt een register van ontvangers van melk, zuivelfabrieken en boerderijzuivelbereiders.
2. Ontvangers van melk, ondernemers van zuivelfabrieken en boerderijzuivelbereiders zijn verplicht aan het productschap terstond mededeling te doen van vestiging van hun bedrijf, van de naam, rechtsvorm en plaats van vestiging daarvan, zomede van wijzigingen daarin.
Artikel 3
1. De exploitant van een melkveehouderijbedrijf wordt als boerderijzuivelbereider geregistreerd indien ten genoegen van het productschap wordt aangetoond dat gedurende het jaar voorafgaand aan de registratie slechts melk gewonnen op dat bedrijf, eventueel aangevuld met een ten hoogste gelijke hoeveelheid melk afkomstig van en gewonnen op ten hoogste twee andere melkveehouderijen, is verwerkt tot zuivelproducten.
2. Indien een bedrijf niet overeenkomstig het eerste lid kan worden geregistreerd, wordt de exploitant van dat bedrijf als boerderijzuivelbereider geregistreerd indien deze zich tegenover het productschap verbindt slechts melk gewonnen op zijn bedrijf, eventueel aangevuld met een ten hoogste gelijke hoeveelheid melk afkomstig van en gewonnen op ten hoogste twee andere melkveehouderijen, te verwerken tot zuivelproducten.
Artikel 4
1. De registratie als bedoeld in artikel 3 geldt voor de periode van een jaar, welke loopt van 1 april tot en met 31 maart, dan wel voor een kortere periode welke eindigt op 31 maart. De registratie wordt telkens voor een periode van een jaar verlengd mits is voldaan aan de voorwaarden neergelegd in artikel 3.
2. De boerderijzuivelbereider dient, zodra niet meer is voldaan aan de voorwaarden neergelegd in artikel 3, hiervan het productschap terstond in kennis te stellen.
Indien zich naar het oordeel van de voorzitter bijzondere omstandigheden hebben voorgedaan kan de registratie worden verlengd.
Paragraaf 3. Verstrekken van gegevens (algemeen)
Artikel 5
Iedere natuurlijke of rechtspersoon, die een onderneming drijft waarvoor het productschap is ingesteld, is verplicht:
a. a. de door of vanwege het productschap in verband met zijn werkzaamheden gestelde vragen te beantwoorden of gevraagde gegevens te verstrekken; b. b. toe te laten dat leden van het personeel van het productschap, daartoe schriftelijk gemachtigd door de voorzitter, inzage krijgen van de boeken en bescheiden van de onderneming, de voorraden van de onderneming opnemen en de bedrijfsmiddelen bezichtigen. De volmacht geeft aan de aard van de onderzoeken, waarmee de gemachtigde belast is; c. c. een zodanige administratie te voeren als in verband met zijn werkzaamheden door het productschap wordt voorgeschreven en die administratie volledig en naar waarheid bij te houden en te bewaren.
Artikel 6
Indien de in artikel 5 bedoelde gegevens kennelijk van vertrouwelijke aard zijn, worden deze, tenzij bij of krachtens wet anders is bepaald, zonder toestemming van de belanghebbende
a. a. slechts gebruikt ter vervulling van de taak van het productschap; b. b. niet onder aanduiding van de persoon of onderneming waarop zij betrekking hebben bekend gemaakt aan anderen dan de voorzitter, de secretaris of andere leden van het personeel van het productschap, en de met de financiële controle op het productschap belaste accountant en diens personeel, voor zover kennisneming van die gegevens voor die controle noodzakelijk is.
Artikel 7
Indien de in artikel 5, onder a, bedoelde verplichting niet wordt nagekomen, kan, ter dekking van de kosten verbonden aan het verzamelen door het personeel van het productschap, een vergoeding in rekening worden gebracht.
Paragraaf 4. Heffingen
Paragraaf . Verstrekken van gegevens
Artikel 8
1. Ontvangers van melk verstrekken jaarlijks voor 1 maart het productschap de gegevens ten behoeve van de vaststelling en oplegging van de over het voorafgaande kalenderjaar verschuldigde heffingen.
2. Boerderijzuivelbereiders verstrekken jaarlijks voor 15 mei het productschap de gegevens ten behoeve van de vaststelling en oplegging van de over het voorafgaande tijdvak van 1 april tot en met 31 maart verschuldigde heffingen.
3. Exploitanten van melkveehouderijbedrijven die de op hun bedrijf gewonnen melk leveren aan een ontvanger van melk die niet bij het productschap is geregistreerd, verstrekken jaarlijks voor 1 maart het productschap de gegevens ten behoeve van de vaststelling en oplegging van de over het voorgaande kalenderjaar verschuldigde heffingen.
4.
De in het eerste lid bedoelde opgave wordt jaarlijks voor 1 juli aangevuld met een verklaring van een registeraccountant, zoals bedoeld in artikel 55, juncto artikel 58 van de Wet op de Registeraccountants of een accountants-administratieconsulent, zoals bedoeld in artikel 36, juncto artikel 38 van de Wet op de Accountants-administratieconsulenten omtrent de juistheid van de in de aangifte vermelde gegevens.
Op verzoek van het productschap worden de in het tweede en derde lid bedoelde opgaven jaarlijks voor 1 juli aangevuld met een verklaring van een registeraccountant, zoals bedoeld in artikel 55, juncto artikel 58 van de Wet op de Registeraccountants of een accountants- administratieconsulent, zoals bedoeld in artikel 36, juncto artikel 38 van de Wet op de Accountants-administratieconsulenten omtrent de juistheid van de in de aangifte vermelde gegevens.
Paragraaf . Ambtshalve vaststelling gegevens
Artikel 9
1. Indien de in artikel 8 bedoelde gegevens niet binnen de gestelde termijnen worden verstrekt, is de voorzitter bevoegd deze gegevens ambtshalve vast te stellen.
2. De voorzitter kan ontheffing verlenen van het gestelde in artikel 8, vierde lid, eerste zin, indien de bedoelde gegevens op een andere, naar het oordeel van de voorzitter met voldoende waarborgen omtrent de juistheid van de gegevens omklede wijze, kunnen worden verstrekt.
Paragraaf . Betaling voorschotten
Artikel 10
Ontvangers van melk maken uiterlijk zes weken na dagtekening van de desbetreffende nota van het productschap een voorschot over aan het productschap op de verschuldigde heffingen. Het voorschot wordt berekend over een twaalfde deel van de hoeveelheid melk die de grondslag is voor de vaststelling en oplegging van de desbetreffende heffingen over het voorafgaande kalenderjaar.
Artikel 11
Boerderijzuivelbereiders maken uiterlijk zes weken na dagtekening van de desbetreffende nota van het productschap een voorschot over aan het productschap op de in het tijdvak van 1 april tot en met 31 maart verschuldigde heffingen. Het voorschot wordt berekend over de hoeveelheid melk die de grondslag is voor de vaststelling en oplegging van de desbetreffende heffingen in het voorafgaande jaar.
Artikel 12
Bij belangrijke wijzigingen in productie, levering of ontvangst van producten die relevant zijn voor de vaststelling en oplegging van de desbetreffende heffingen, kan de voorzitter de bedragen van de in de artikelen 10 en 11 bedoelde voorschotten aanpassen. Bij deze aanpassing wordt rekening gehouden met de aard en omvang van de hiervoor bedoelde wijzigingen.
Artikel 13
Het bepaalde in artikel 8, tweede lid en artikel 11 is van overeenkomstige toepassing op ondernemers van zuivelfabrieken die bedrijfsmatig melk op hun bedrijf winnen en verwerken tot zuivelproducten.
Paragraaf . Definitieve betaling
Artikel 14
De op grond van de opgaven bedoeld in artikel 8 of de ambtshalve vaststelling bedoeld in artikel 9 opgelegde heffingen worden verrekend met de in de artikelen 10 en 11 bedoelde voorschotten. Ontvangers van melk en boerderijzuivelbereiders maken uiterlijk zes weken na dagtekening van de desbetreffende nota de eventueel verschuldigde bedragen over aan het productschap.
Paragraaf 5. Slotbepalingen
Artikel 15
1. Op overtreding van het bepaalde in artikel 2, tweede lid wordt een tuchtrechtelijke maatregel gesteld.
2. De tuchtrechterlijke maatregel is een geldboete van ten hoogste € 4.500.
Artikel 16
De volgende verordeningen worden ingetrokken:
- Zuivelverordening 1958, Algemene bepalingen;
- Zuivelverordening 1958, Terminologie;
- Zuivelverordening 1961, Registratie bedrijfsgenoten;
- Zuivelverordening 1986, Registratie boerderijzuivelbereiders;
- Zuivelverordening 1986, Vergoeding kosten;
- Zuivelverordening 1995, Verschuldigde interest bij niet tijdige betaling van heffingen;
- Zuivelverordening 1999, Inning heffingen.
Artikel 17
Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.
Artikel 18
Deze verordening wordt aangehaald als Zuivelverordening 2003, Administratieve bepalingen.