40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland nopens de regeling van de spoorweggrensovergangen | BWBV0004398 | verdrag | geldend | 1968-07-12 | https://wetten.overheid.nl/BWBV0004398 | Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland nopens de regeling van de spoorweggrensovergangen |
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland nopens de regeling van de spoorweggrensovergangen
Artikel 1
1. De Verdragsluitende Partijen houden de op het tijdstip van inwerkingtreding van dit Verdrag bestaande spoorweggrensovergangen in stand, onder voorbehoud van het in artikel 2 bepaalde. Deze overgangen zijn vermeld in Bijlage 1 bij dit Verdrag.
2.
De Verdragsluitende Partijen streven er met inachtneming van hun wettelijke bepalingen naar, dat de spoorwegadministraties in beide Staten
a. a. de installaties van de spoorweggrensovergangen onderhouden en vernieuwen, en eventueel veranderen en uitbreiden, op een wijze die in overeenstemming is met de eisen van het grensoverschrijdende spoorwegverkeer; b. b. de spoorweggrensovergangen naar aard en omvang zodanig gebruiken, dat zij op economische wijze voldoen aan de behoeften van het grensoverschrijdende spoorwegverkeer.
3. Elk der Verdragsluitende Partijen is gehouden, op verzoek van de andere Partij met haar in overleg te treden over de toepassing van dit artikel.
Artikel 2
1. Er worden geen nieuwe spoorweggrensovergangen tot stand gebracht en bestaande spoorweggrensovergangen worden niet opgeheven of verplaatst, voordat de ten aanzien van het spoorwegverkeer bevoegde ministers der Verdragsluitende Partijen elkaar bij brief van hun instemming hebben doen blijken. Hetzelfde geldt voor de opheffing van het gehele personen- of het gehele goederenvervoer via een der hierboven genoemde spoorweggrensovergangen.
2. In geval van de totstandbrenging van nieuwe spoorweggrensovergangen en de opheffing of verplaatsing van bestaande spoorweggrensovergangen vormt de in het eerste lid van dit artikel bedoelde briefwisseling een administratief akkoord tot aanpassing van Bijlage 1 bij dit Verdrag.
3. Voordat veranderingen worden aangebracht, waardoor de capaciteit van een spoorweggrensovergang aanzienlijk kan worden verminderd, treden de ten aanzien van het spoorwegverkeer bevoegde ministers der Verdragsluitende Partijen terzake in overleg, indien een van de Verdragsluitende Partijen dit wenst.
Artikel 3
Dit Verdrag laat de Overeenkomst tussen de Verdragsluitende Partijen nopens de samenvoeging van de grenscontrole en de instelling van gemeenschappelijke spoorwegstations of van grensaflosstations aan de Nederlands-Duitse grens van 30 mei 1958, alsmede de ter uitvoering van bedoelde Overeenkomst gesloten overeenkomsten, onverlet.
Artikel 4
De Verdragsluitende Partijen zijn het erover eens, dat de in Bijlage 2 bij dit Verdrag genoemde overeenkomsten uiterlijk op het tijdstip van inwerkingtreding van dit Verdrag buiten werking treden.
Artikel 5
Dit Verdrag geldt eveneens voor het „Land” Berlijn, tenzij de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland binnen drie maanden na de inwerkingtreding van dit Verdrag de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden mededeling doet van het tegendeel.
Artikel 6
1. Dit Verdrag dient te worden bekrachtigd. De akten van bekrachtiging worden te Bonn uitgewisseld.
2. Dit Verdrag treedt een maand na de uitwisseling der akten van bekrachtiging in werking.
3. Dit Verdrag treedt achttien maanden na schriftelijke opzegging door een van de Verdragsluitende Partijen buiten werking. Ingeval van een opzegging zullen de Verdragsluitende Partijen onverwijld in onderhandeling treden over een nieuwe Regeling.